Bellen metGijs Herderscheê

Vakbeweging en werkgevers sluiten flexakkoord: ‘Alle werkenden gaan hier iets van merken’

De vakbeweging en werkgevers hebben op hoofdlijnen een akkoord gesloten over de hervorming van de arbeidsmarkt. Hierin wordt het flexwerk sterk beperkt. De Volkskrant belt met politiek verslaggever Gijs Herderscheê om het akkoord te bespreken.

Flexwerkers in Den Bosch (2019). Beeld Marcel van den Bergh
Flexwerkers in Den Bosch (2019).Beeld Marcel van den Bergh

De nulurencontracten verdwijnen, uitzendwerk mag hooguit drie jaar duren en wordt beter betaald, en zelfstandigen moeten minimaal 35 euro per uur verdienen. Het akkoord is onderdeel van een advies dat is opgesteld in de Sociaal Economische Raad (SER) en is bedoeld door de werkgevers en werknemers om invloed uit te oefenen op de formatie.

Gijs, kun je dit akkoord een doorbraak noemen?

‘Ja. Alle werkenden gaan hier namelijk iets van merken. Er is een enorme wildgroei aan contracten ontstaan de afgelopen jaren, werkgevers in Nederland zijn ‘flexverslaafd’. Nergens in de westerse wereld wordt zoveel flexibel gewerkt als hier.

‘Het akkoord borduurt voort op het advies van de commissie-Borstlap van vorig jaar, over de hervorming van alle regels rond werk. Met een gezamenlijk plan proberen werkgevers en werknemers nu met een voorstel te komen waar de politiek geen nee tegen kan zeggen. De partijen die straks gaan formeren, kunnen dan naar buiten toe zeggen: kijk, er is draagvlak voor. Dat maakt het voor hen tot een hapklare brok.’

Wat betekent dit akkoord voor de maaltijdbezorgers, boodschappenkoeriers en al die andere flexwerkers in Nederland?

‘Enorm veel. Als het tenminste zo wordt uitgewerkt zoals het er nu op hoofdlijnen staat. Al die flexwerkers komen door dit akkoord in loondienst. Dat klinkt voor sommige zelfstandigen misschien als een verschrikking. Maar zij krijgen hierdoor sociale zekerheid, dus een ziektewetuitkering als ze niet meer kunnen werken of een uitkering bij arbeidsongeschiktheid. En ze bouwen pensioen op, niet te vergeten.

‘Veel bedrijfsmodellen zijn gebouwd op flexwerk. In de thuiszorg werden twintig jaar geleden veel medewerkers ontslagen, zij werden zelfstandigen. Die mensen hebben straks geen pensioen. Hun lonen gingen in de tussentijd misschien iets omhoog, maar hun hele sociale zekerheid zijn ze kwijt.

‘Voor de werkgever was die constructie enorm goedkoop. Na de thuiszorg volgde de pakket- en postbezorging. Hele bedrijven zijn zo op loonkosten gaan concurreren. We zijn daardoor in een situatie beland dat iedereen elkaar afknijpt.’

Hoe kan het dat de flexeconomie in Nederland zo’n enorme vlucht heeft genomen?

‘Er is iets grondig misgegaan. De flexeconomie is een maatschappelijk probleem geworden. Jongeren blijven vaak hangen in de zogeheten draaideur van drie tijdelijke contracten – daarna zitten ze verplicht een tijdje zonder werk en dan mogen ze terugkomen. In zo’n situatie kun je geen huis kopen. De onzekerheid is te groot om een gezin te stichten. De commissie-Borstlap noemde dat de sociale kwestie van deze tijd, en dat is het.’

Is dit het einde van de platformeconomie?

‘Nee, die zal in een andere, wat meer gereguleerde vorm zeker blijven bestaan. Maar het kan zijn dat het duurder wordt om je pizza te laten bezorgen. Bij Bol.com kun je het boek dat je graag wilt lezen, de volgende dag al in huis hebben. Dat is natuurlijk geweldig, maar zo’n service gaat wel ten koste van het levensgeluk van de mensen die zich in die magazijnen lopen uit te sloven. En van de bezorgers die jouw boek komen brengen.’

Het akkoord wil dat zelfstandigen minimaal 35 euro per uur bruto moeten verdienen. Waar komt dat bedrag vandaan?

‘Die 35 euro komt een beetje overeen met het maximale dagloon in de sociale zekerheid. Daar wordt de maximale uitkering mee berekend. Maar het is geen harde grens. Want hoe bereken je wat een freelance journalist zou moeten verdienen, of een fotograaf? Zij worden per verhaal of per foto betaald. Voor de winkelier geldt dit uurloon ook niet, want die heeft geen werkgever. En voor de loodgieter of schilder daardoor evenmin. De notaris of bedrijfsadviseur zitten dan weer boven die 35 euro.

‘Je kunt altijd beren op de weg, uitwerkingsproblemen, verzinnen. En het is met dit akkoord ook nog niet gedaan. Als je hier wetgeving op wilt loslaten, zul je al die details moeten onderkennen en afplamuren. Anders zijn werkgevers creatief genoeg nieuwe routes te verzinnen.’

Gaat dit akkoord het halen, denk je?

‘Ik denk het wel. Maar de eerste hobbel worden de achterbannen. Het akkoord wordt naar verwachting woensdag (vandaag) gepresenteerd en met name het ledenparlement van FNV kan nog roet in het eten gooien. Dat bemoeilijkte de afgelopen twee jaar de stemming over het Pensioenakkoord. Voor dat ledenparlement weegt de positie van werkers met een vaste baan zwaar. Daar verandert iets.

‘Als de orders wegvallen, kan een werkgever zijn mensen maximaal 20 procent van de werktijd naar huis sturen. Tijdelijk, bij een vijfdaagse werkweek dus één dag. Hij betaalt dan minder loon, de werknemer houdt het volle salaris. Wie het verschil bijpast, moet nog uitgewerkt. Zoiets weegt zwaar bij dat FNV-parlement, maar solidariteit is daar ook een groot goed. Althans, met de mond beleden. De hamvraag is: weegt dat ‘verlies’ op tegen de winst voor de miljoenen flexkrachten?

‘Na de achterbannen komt het akkoord in de kabinetsformatie aan bod. Die partijen moeten naar buiten toe kunnen uitleggen dat dit een goed plan is, dat niet ten koste gaat van de ene groep of de andere.’

Maakt het voor de haalbaarheid van het akkoord nog iets uit dat SER-voorzitter Mariëtte Hamer nu de informateur is?

‘Nee. Als ze geen informateur was geworden, was dit akkoord er ook gekomen. En ze is geen formateur hè, zij probeert alleen de politieke partijen bij elkaar te brengen. Ze kan dit akkoord alleen van harte aanbevelen.’

Je hebt in jouw journalistieke loopbaan tal van sociale akkoorden verslagen. Hoe rangschik je dit akkoord?

‘Het gemeenschappelijk beleidskader in 1989 bij de start van het kabinet Lubbers-Kok was geloof ik mijn eerste. Ja, ja, opa vertelt. Maar dat flexwerk is echt een massief probleem geworden. Zoals we twintig jaar geleden over de WAO spraken als een onontwarbare knoop, is ook dit een enorme kwestie geworden. Dus in dat opzicht zet ik het hoog op mijn akkoordenranglijst.

‘Het flexakkoord van Melkert in 1996 was ook gebaseerd op een soortgelijk akkoord, het was de eerste regeling voor uitzendwerk. Daarna zijn werkgevers heel creatief geworden met nulurencontracten en draaideuren, waarna de zzp’er in zwang raakte.

‘Dat zijn sluipende, maar enorme veranderingen voor de economie geworden, in een periode van tien, twintig jaar tijd. En nu moet je al die gaten weer gaan dichten.’