ProfielKorpschef Nationale Politie

Vacature: de mooiste hondenbaan van Nederland

Erik Akerboom wordt tijdens een ceremoniële bijeenkomst op 23 maart 2016 in de Ridderzaal officieel geïnstalleerd als chef van de Nationale Politie.Beeld ANP

Vrijdag maakt het kabinet bekend dat Erik Akerboom overstapt naar de AIVD. Zelf omschrijft korpschef zijn functie als ‘mee mogen doen aan de Olympische Spelen’. Welke kwaliteiten moet zijn opvolger hebben?

U heeft een olifantenhuid

U kunt tegen kritiek. Niet voor niks noemde Erik Akerboom zijn eigen baan eerder ‘best een mooie hondebaan’. Hij begon in maart 2016 en trof tal van lijken in de kast: een stijgend ziekteverzuim, ict-problemen en het wantrouwen op de werkvloer.

En hoewel de politie in rustiger vaarwater is terechtgekomen, zijn er nog genoeg hoofdpijndossiers. Zedenzaken die te lang blijven liggen, problemen bij de bestrijding van zware criminaliteit, mogelijke misstanden op de werkvloer bij de Landelijke Eenheid: overal wordt de korpschef op aangesproken. Extern kijken de minister, de Tweede Kamer en de vakbonden nauwlettend mee. En ook intern laat menige agent van zich horen op het intranet. Over Akerboom gaat het verhaal dat hij mopperende agenten vaak persoonlijk belt, om hun kritiek te horen of in te dammen.

Ook het nieuws dat Akerboom na nog geen vier jaar vertrekt, wordt op het intranet besproken. Sommigen stellen dat hij te vroeg gaat. Anderen zijn negatiever: die vinden dat hij het zinkende schip verlaat. Dit is tegen het zere been van de korpschef: hij zou altijd van plan zijn geweest om na een jaar of vijf plaats te maken voor een nieuw gezicht. Dat het een jaar eerder gebeurt, heeft te maken met de kans om nu hoogste baas van ’s Nederlands spionnen te worden.

U bent topfit

U staat altijd ‘aan’. Als korpschef moet u in staat zijn een moordend schema vol te houden. U draait óók piketdiensten waarin u ’s nachts oproepbaar bent. U zit veel in de auto en vliegt de wereld rond, waar u samenwerking zoekt met andere korpschefs omdat de georganiseerde misdaad geen grenzen kent. Volgens een van zijn vertrouwelingen maakt Akerboom geregeld dagen van twintig uur. Zelf omschrijft de korpschef zijn functie als ‘mee mogen doen aan de Olympische Spelen’. Ook zijn voorganger Gerard Bouman zei eens in een interview met de Volkskrant: ‘Mijn laatste vrije weekend kan ik me echt niet meer herinneren.’

U bent een smeris

U heeft meerdere blauwe broeken versleten. Oftewel: u heeft veel ervaring met het politiewerk, u spreekt de taal van de gewone agent en geeft hem het gevoel dat u pal achter hem staat. Over Akerboom wordt gezegd dat hij soms te voorzichtig was. Al laat hij het afgelopen jaar zijn tanden meer zien: zo eist hij aandacht voor geweld tegen agenten en hij hekelt hij het kortetermijndenken van de Haagse politiek.

Tegelijkertijd moet de korpschef ook buiten de politie hebben rondgekeken én politiek handig zijn. Het hoofdbureau van politie staat vlak bij het ministerie en de Tweede Kamer. En dat zijn niet de enige partners met wie de korpschef moet samenwerken: de politiebaas moet onder meer goed contact onderhouden met de vakbonden en intensief samenwerken met het OM.

En dat maakt het werk van een korpschef tot balansoefening: veel van deze partners willen graag meebepalen hoe de politie zijn werk doet. Het gevaar is dat dit verlammend werkt. Kijkt u niet uit, dan kunt u als topman of topvrouw zomaar gemangeld worden tussen de minister, de Tweede Kamer, de vakbonden en uw eigen achterban.

U bent koersvast

De waan van de dag eist veel van uw aandacht op. Hierover zei Akerboom eerder: ‘De focus ligt steeds op de korte termijn: het moet nu, direct, liefst gisteren, worden opgelost. Ik moet me er soms echt toe dwingen dat we de aandacht blijven richten op de toekomst.’ De politie heeft roerige jaren achter de rug: in 2013 werden 26 regiokorpsen samengevoegd tot één organisatie van 65 duizend mensen. Het resulteerde de eerste jaren in een moeizame reorganisatie, vanuit Den Haag werden de regiokorpsen in een keurslijf gedwongen. Akerboom zei al snel na zijn aanstelling in 2016 dat zijn voorganger vaker ‘nee’ had moeten zeggen tegen: ‘Gewoon zeggen: mag het niks kosten? Sorry, dan kan het niet.’

Inmiddels hebben de lokale politieteams meer vrijheid gekregen. Menigeen hoopt dat Akerbooms opvolger deze koers doorzet. Maar er zijn meer dossiers waarvoor een toekomstvisie nodig is. Capaciteitsprobleem is een van de grootste uitdagingen voor de nieuwe topman of -vrouw. Komende jaren zwaaien minstens 17 duizend agenten af, zo’n 60 procent van de recherche gaat met pensioen.

U bent geen allemansvriend

U doet niet aan vriendjespolitiek. Dat verwijt kleeft aan oud-korpschef Gerard Bouman die, in weerwil van gemaakte afspraken met de politiebonden, veel intimi benoemde op hoge leidinggevende functies. Erik Akerboom zet vol in op diversiteit: agenten met een migratieachtergrond, lhbti’ers, zij-instromers met een goed netwerk buiten de politie, bèta’s en meer vrouwen op leidinggevende posities. Dit dossier roept weerstand op, maar daar trekt Akerboom zich niets van aan. Tot voor kort was de politie een verzameling van vooral witte mannen met een geschiedenis van louter ‘blauwe broeken’, die te lang niet met de maatschappij mee veranderde.

U heet Huyzer, Aalbersberg, Van Essen, Marcouch of Paauw

Dit zijn veelgenoemde namen voor de opvolging van Erik Akerboom: Liesbeth Huyzer (58) zit al in Akerbooms korpsleiding. Ze is voormalig politiechef van Noord-Holland en heeft ervaring met politiek Den Haag. Dat geldt ook voor voormalig politiechef Haaglanden Henk van Essen. Hij werd in 2016 de plaatsvervanger van Akerboom. Daarnaast klinkt de naam van Frank Paauw (61). Hij leidde de politie in Rotterdam en is nu net begonnen in Amsterdam. Hij wordt gezien als een echte smeris. Maar ook twee namen van oud-agenten gaan rond. Oud-brigadier Ahmed Marchouch (50) heeft bestuurlijke ervaring als politicus en burgemeester van Arnhem. En Pieter-Jaap Aalbersberg (60) was politiechef in Amsterdam, hij werd begin 2019 baas van de NCTV – in die functie heeft hij nauw contact met de minister.

Van plinten aflakken tot Haags zigzagbeleid

Lees hier eerdere interviews met Erik Akerboom. Kort voor zijn komst zei Gerard Bouman dat Erik Akerboom slechts de ‘plinten nog moest aflakken’.  De Nationale Politie zou staan als een huis. De praktijk bleek weerbarstiger.   Toch vond Akerboom zijn werk de mooiste hondenbaan: verslaggever Wil Thijssen liep een week met hem mee. Al hekelde hij wel het Haagse zigzagbeleid.

Meer over