Utrecht krijgt geitenwollensokkentaxi

'Bijna ingestort', is initiatiefnemer George Jansen (39) deze week. In de directiekamer van Prestige Taxi verontschuldigt hij zich voor het ontbreken van een pak. Het was zo druk de afgelopen dagen dat hij zichzelf vandaag een wollen trui heeft gegund.


Jansen presenteerde deze week in het stadhuis van Utrecht zijn project GreenCab: een proef met veertig elektrische taxi's in Utrecht. Daarna maakte prins Maurits een ritje in een groen bestickerde taxi.


De algemeen directeur van Prestige Taxi te Nieuwegein (120 auto's, vooral zakelijk vervoer) oogt als de stereotype taxichauffeur: beetje gezet, blond kuifje en een onvervalst plat Utrechts accent. Maar in tegenstelling tot de stereotype taxichauffeur drinkt Jansen geen sloten zwarte koffie, maar sterrenmuntthee. Hij komt naar eigen zeggen uit een milieubewust nest en gebruikt geregeld woorden als innovatie, duurzaamheid en inspiratie.


In 2004 begon Jansen Prestige Taxi, na een tijdje zelf taxichauffeur te zijn geweest. Het bedrijf groeide snel, tot in 2008 de economische crisis toesloeg. De markt voor zakelijk taxivervoer stortte in en Jansen besloot in te zetten op milieuvriendelijk ondernemerschap.


Op de nieuwjaarsreceptie van 2009 beloofde de directeur geen auto's meer te kopen die rijden op fossiele brandstof. Daarop begon het bedrijf met het ontwikkelen van concepten rond duurzaamheid. Toen toenmalig minister Eurlings (Verkeer) aankondigde dat bedrijven zich konden inschrijven voor de Proeftuinsubsidie voor Elektrisch rijden, lag het aanvraagplan al bijna klaar. 'Dat was een geschenk uit de hemel', aldus Jansen. 'De opzet was om met vijf elektrische auto's te beginnen, maar hierdoor konden we met veertig stuks rijden.'


Elektrische auto's zijn duur, vooral door de batterij. Deze kost ongeveer 500 euro per kilowattuur. In de zes kleine Mitsubishi iMiEVs die nu voor het bedrijf van Jansen staan, zit een batterij van 18 kilowattuur. De komende maanden wordt het wagenpark uitgebreid met auto's van Renault, Nissan, en Detroit Electric.


Met de subsidie van 2 miljoen kan het bedrijf ook het initiatief nemen bij het realiseren van een goede infrastructuur. Want het gebrek aan snellaadpunten is volgens Jansen het grootste probleem. Snellaadpalen zijn duur: per laadpunt moet je rekenen op 25 duizend euro. Hoe verder het oplaadpunt van de bewoonde wereld ligt, hoe duurder de paal. Om toch een goede infrastructuur van laadpalen te krijgen, lobbyt Jansen nu bij diverse bedrijven om ook over te gaan op elektrisch rijden (JC Decaux, buitenreclame), voorzieningen te faciliteren (stroombedrijf Essent) of gebruik te maken van elektrische taxi's (ict-concern Capgemini en Triodos Bank).


Daarnaast werkt GreenCab samen met TNO aan een ingenieus routesysteem waarmee ritten worden gepland. Daarbij wordt gekeken naar het percentage energie van de batterij en de locatie van de snellaadpunten. Met dit routesysteem moet worden voorkomen dat een chauffeur met een lege batterij komt stil te staan.


Toen Jansen onlangs vroeg welke chauffeurs zin hebben de elektrische taxi's te rijden, was er meteen voldoende animo. Jansen: 'In samenwerking met het roc geven wij de chauffeurs vier uur per maand les. In dat lesprogramma zit ook een module Duurzaamheid.


'Dat gaat niet alleen over duurzaam rijden, maar ook over de kachel thuis wat lager zetten. Daardoor hebben ze thuis misschien al met moeder de vrouw over duurzaamheid gesproken, en zijn ze makkelijker hiervoor te motiveren. Het is toch prachtig als er in 2020 een miljoen elektrische auto's rijden en zij kunnen zeggen: ik reed in een van de eerste.'


Ziet de enthousiaste directeur geen enkele beer op de weg? Er zijn wel risico's, zegt Jansen. Die kleven vooral aan de batterij. Als de technologie niet verder ontwikkelt, blijft de radius waarbinnen elektrische auto's kunnen rijden beperkt.


Maar volgens de directeur wijst alles erop dat het daarmee wel goed komt. Een andere tegenslag kan zijn dat de dure batterij maar kort meegaat.


Toch is Jansen is ervan overtuigd dat zijn proef een succes wordt. En succes betekent voor hem: winstgevendheid. 'De proef is over twee jaar geslaagd als ik kan zeggen: het is me gelukt om het commercieel te exploiteren. Want je kunt wel allemaal geitenwollensokkenplannen hebben, je wilt niet afhankelijk van subsidie blijven. Je moet op eigen benen kunnen staan.'


Meer over