Uruzgan, keuze tussen betrokkenheid of afzijdigheid

Woensdagavond praat de PvdA in Utrecht met haar achterban over de missie naar zuidelijk Afghanistan. Oud-partijleider Ad Melkert heeft al gekozen: gaan....

De Tweede Kamer heeft een zeldzame kans een signaal van nationale vastberadenheid af te geven met werkelijke invloed op internationale stabiliteit en vertrouwen.

Een samenloop van omstandigheden maakt de Nederlandse keuze voor verdere militaire aanwezigheid in Afghanistan veel belangrijker dan de vraag ‘wel of niet meedoen’ doorgaans is. Er wordt naar Nederland gekeken, omdat de toekomst van het Afghaanse volk, de strijd tegen terreur, het gezag van de VN en de effectiviteit van de NAVO zullen worden beïnvloed door de conclusie van het debat. De uitkomst zal terugslaan op Nederland zelf, nu in de afgelopen jaren het zelfonderzoek naar de identiteit van de natie twijfels heeft gezaaid over de steun voor een blijvend open, internationale grondhouding. Hierom gaat het.

– Afghanistan is door zijn geschiedenis en ligging een sleutelland voor het vestigen of verliezen van het gezag van de staat, zowel in het land zelf als in de vele omringende landen. Wat daar ontploft, heeft seismische gevolgen voor een omgeving die door de samenloop van Al Qa’ida, drugshandel en warlord-competitie de grenzen van de eigen regio ver overstijgt.

– De internationale aanwezigheid in Afghanistan is door de VN geautoriseerd. Dat heeft vele positieve gevolgen gehad die onder het fundamentalistische regime nog ondenkbaar waren: verkiezingen, stemrecht voor vrouwen, onderwijs voor meisjes.

In alle opzichten is er nog veel meer te doen, maar ruimte teruggeven aan het alternatief betekent onvermijdelijk schending van elementaire mensenrechten en meer kansen op terreur.

– Sindsdien heeft de controverse rond de door de VS geleide interventie in Irak twijfels gezaaid over de Amerikaanse motieven in de strijd tegen het terrorisme. Wat hierover ook kan worden gedacht, het zou fataal zijn het belang te onderschatten van de omverwerping van de Taliban en van de wederopbouw van een moderner Afghanistan, dat zich weer heeft geopend naar de wereld.

– Zo goed als er kritiek mag zijn op de Amerikaanse rol in Irak, zo zeer is het van belang de Amerikanen te steunen wanneer zij internationaal partnerschap zoeken. Hun rol in tijden van crises is simpelweg onmisbaar, of het nu ging om het op de knieën krijgen van Milosevic of de hulpoperaties na de tsunami.

– Dat is des te meer van belang wanneer de VN-organisatie is gemandateerd leiding te geven aan de toekomst van Afghanistan en haar effectiviteit en geloofwaardigheid nu en in de toekomst mede door de resultaten daarvan zullen worden bepaald.

– Dit geldt in zekere zin ook voor de inzet van de NAVO, die over belangrijke capaciteiten beschikt ten behoeve van internationale operaties, maar legitimatie hiervoor verkrijgt op basis van brede deelname. Anders zullen de Amerikanen het alleen moeten of willen opknappen en kan de internationale gemeenschap zich beperken tot nabespreking.

– Donoren (de Wereldbank, Nederland en andere landen) verrichten grote inspanningen om met de regering-Karzai economische en sociale vooruitgang tot stand te brengen, die zonder veiligheidsdekking niet zal worden bereikt.

In feite gaat de discussie nog steeds over de inrichting van een nieuwe internationale orde die na de val van de Muur in ’89 in de plaats moest komen van de in de Koude Oorlog verkilde verhoudingen. De dreiging van de grote confrontatie tussen de VS en de Sovjet-Unie is sindsdien verschoven naar een patroon van grotere instabiliteit op kleinere schaal.

Ook Nederland is met de gevolgen geconfronteerd, zoals we weten uit vele ervaringen in vredesoperaties, met inbegrip van het internationale drama in Srebrenica. Tegen deze achtergrond komt terugdeinzen voor een actieve bijdrage neer op verzwakking van het multilaterale gezag waarzonder geen uitzicht op stabiliteit en rechtvaardigheid kan ontstaan.

De vrees voor vermenging met de Amerikaanse Operation Enduring Freedom komt in dit verband merkwaardig over, ook bij zorg over Guantánamo (die bij deelname met meer kracht kan worden geuit). Hoofdzaak blijft dat de ruimte voor de VN om te werken aan wederopbouw niet los kan worden gezien van het Amerikaanse militaire initiatief na de aanslagen van 11 september 2001. Zolang de Taliban tekenen van herstelde kracht vertoont, blijft de kern van deze situatie dezelfde.

Dat laat onverlet het gelijk van de Kamer om de specifieke risico’s van de huidige omstandigheden in Afghanistan beter te willen kennen. Maar dat zou niet onder het beslag moeten liggen van: te veel risico betekent niet gaan. Want precies waar het het moeilijkst is, is het grootste engagement geboden. Mits met adequate uitrusting en onder voldoende terugval garanties, lessen trekkend uit het verleden. Als de combinatie vanNAVO, Britten, Canadezen en Amerikanen al niet gerust zou stellen, dan is er weinig hoop voor een betekenende rol van middelgrote landen in de aanpak van de grote vraagstukken in deze tijd. Dat zou ook de invloed van Nederland als belangrijke donor van ontwikkelingshulp en als steunpilaar van het internationale rechtssysteem aanzienlijk reduceren.

Uiteindelijk slaat de opstelling van Nederland ook terug op wat de EU in de wereld kan betekenen. Juist in Afghanistan draagt de actieve rol van met name Duitsland bij aan de versterking van een Europese presentie die uit meer bestaat dan de rol die het VK en Frankrijk zich plegen toe te eigenen. Blijvende aanwezigheid van Nederland komt deze hoogst gewenste ontwikkeling ten goede.

Dit signaal is des te meer van belang als doorbreking van de ongemakkelijke surplace die is ingetreden na het EU-referendum, waarvan de negatieve uitslag in het buitenland voor meer onrust heeft gezorgd dan velen zich hadden kunnen voorstellen. Het heeft verwarring gezaaid in een toch al onbestendig internationaal klimaat.

Daarom is een besluit over Nederlandse deelname in Afghanistan een besluit van groot gewicht. Een besluit over het vrijheidslot van de Afghanen, over het gezag ook van de VN, de cohesie van de NAVO en de betekenis van Europa in de wereld. En over de houding van Nederland in zijn internationale verantwoordelijkheid: de fundamentele keuze tussen betrokkenheid of afzijdigheid.

De auteur was Kamerlid en minister voor de PvdA en partijleider. Hij is bewindvoerder bij de Wereldbank in Washington. Binnenkort wordt hij tweede man bij de VN-ontwikkelingsorganisatie UNDP.

Meer over