Uniek: na zes etappes peloton nog steeds compleet

Zes etappes duurt de Tour de France, en het peloton is nog steeds compleet. 198 renners gingen van start bij de Mont Saint-Michel, 198 zitten er na 1238,5 kilometer nog steeds op de fiets. Geen schorsing vanwege positieve dopingtesten of omdat een tijdlimiet niet werd gehaald, geen opgaven door ziekte of valpartijen. Dat is nog nooit gebeurd in de historie van de Tour.

null Beeld EPA
Beeld EPA

Ter vergelijking: in de Tour de France van 2015 hadden na de zesde etappe al tien renners de wedstrijd verlaten. Een jaar eerder waren Mark Cavendish en Chris Froome binnen vijf dagen uit koers verdwenen. Vanwege de massale valpartij in de eerste etappes van de Tour een jaar geleden zijn deze ronde zelfs extra verpleegkundigen meegenomen door de organisatie. Ze hebben nog niet veel in actie hoeven komen.

Een aantal renners smakte weliswaar al tegen het asfalt, maar de meeste veroorzakers en slachtoffers van valpartijen zijn individuen die voorlopig niet van opgeven willen weten. Alberto Contador viel twee keer, bezeerde zich flink maar rijdt wel door - zij het al met steeds oplopende achterstand op zijn belangrijkste concurrenten. De Deen Michael Mørkøv (Katoesja) viel in volle sprint op weg naar Utah Beach met collega Sam Bennett, en rijdt sindsdien moeizaam rond. In de vijfde etappe kwam hij als laatste binnen. Ook Bennett (Bora-Argon 18) heeft het moeilijk.

Een aantal van de redenen waarom iedereen nog op de fiets zit kun je scharen onder de noemer puur geluk, zegt Roy Curvers. Hij trekt namens Giant-Alpecin mede de sprint aan en gaat daarom vaak in volle vaart de laatste kilometers in. 'Geen regen bijvoorbeeld. Als het had geregend in Limoges bij de derde etappe, was er zeker gevallen. En het parcours ligt er naar dat teams minder opgefokt hoeven te doen. De afgelopen jaren had je in de eerste dagen een kasseienrit, een rit met veel wind of een rit op Ardennenparcours, waarbij je veel energie verspeelt.'

Paradoxaal

Het paradoxale is dat er vanuit het peloton wel wordt gemord over de route, of maatregelen worden voorgesteld die de wedstrijd veiliger moeten maken. Peter Sagan, drie dagen drager van de gele trui, riep na de derde etappe op tot regels om in het laatste stuk van de rit eventueel tijdverschil te laten vervallen.

Nu moeten de sprinters en hun treintjes volgens Sagan strijden om de voorste plekken met klassementsrenners en hun ploegen. De klassementsmannen willen het liefst voorin zitten, omdat daar de minste valpartijen gebeuren. Eventueel onderling tijdverschil op de streep telt. Alleen een val in de laatste drie kilometer levert de renner geen tijdsverlies op.

Sagan noemde de zo ontstane gekte in de laatste kilometers van een etappe gevaarlijk, en pleitte ervoor de verschillen onderling op 3 kilometer van de finish te laten tellen, daarna niet meer. Curvers is dat met hem eens. 'Die klassementsrenners zitten niet op hun gemak in een vlakke finale. Ze zijn bang tijd te verliezen, maar niet gewend om schouder aan schouder de laatste kilometer te fietsen. Ik vertrouw ze minder. Ik rijd naast Sagan, die dit tachtig keer per jaar doet, met meer vertrouwen dan naast Quintana.'

Kritiek

Ook het parcours, met soms scherpe bochten en rotondes in de laatste kilometers van een sprintetappe, is onderwerp van kritiek. Je houdt soms ook je hart vast als je het peloton zich met snelheden tot soms 60 kilometer per uur door bochten ziet persen.

'Erg lastig', noemde Tony Martin het koeltjes, nadat hij Marcel Kittel dinsdag naar de winst in de eindsprint had gelanceerd. Curvers: 'Zoveel draaien en keren en wegen die van breed naar smal gaan: de vraag is of je dat moet willen in een finale, om maar op een bepaald punt uit te komen in de stad. Dat er nog geen grote valpartijen hebben plaatsgevonden, betekent niet dat er geen hectische en gevaarlijke situaties zijn geweest.'

Meer over