Unfallfrei! Top Zustand!

Wat je ver haalt is lekker, of, in het geval van een tweedehands auto, lekker goedkoop. Maar de koper van een gebruikte auto in het Duitse achterland wordt het niet gemakkelijk gemaakt....

Door Douwe Douwes

Op de openingspagina van de Duitse internetsite www.mobile.de werd onlangs een rode Renault Twingo aangeboden. Een klein autootje uit januari 1997, die iets meer dan zestigduizend kilometer had gereden. Verdere eigenschappen: Stoff Bicolor, Frontantrieb, Sitzbank h. geteilt, Colorverglasung,2 Airbags, Katalysator-,2.Hand, Unfallfrei, Top Zustand! En dat alles voor 2990 euro.

Tegelijkertijd stond op het Nederlandse www.marktplaats.nl een vergelijkbare auto te koop. Ook een rode Twingo, maar deze had 67 duizend kilometer op de teller en was twee jaar ouder. Het belangrijkste verschil tussen de twee auto's: de Nederlandse Twingo kost 3375 euro, ruim 10 procent meer dan de auto in Herten, in het noorden van het Ruhrgebied.

Het voorbeeld geeft aan dat er binnen Europa grote verschillen zijn tussen de prijzen van auto's op de tweedehands markt. Nederland is van oudsher duurder dan Duitsland en in mindere mate BelgiNu is het voor een Twingo misschien niet de moeite om helemaal naar Herten te rijden, maar hoe duurder de auto wordt, hoe groter ook de verschillen tussen Nederland en de buren.

Nog een voorbeeld, nu uit het dure segment. Een grote Audi A6 uit 2000 wordt in Nederland voor 34.950 euro aangeboden. Eenzelfde auto wordt in het Duitse Kulmbach verkocht voor 15.500 euro. Groot nadeel echter: Kulmbach ligt zo'n zeshonderd kilometer van de Nederlandse grens, ten noorden van Neurenberg.

Het moge duidelijk zijn: wie een tweedehands auto zoekt doet er goed aan om ook over de grens te kijken. Via internet is het kinderlijk eenvoudig uit te zoeken wat een vergelijkbare auto in de buurlanden kost.

Daarmee is niet gezegd dat het ook eenvoudig zou zijn een auto vervolgens in Nederland in te voeren. Ondanks de eenwording van de Europese markt loopt de privuto-importeur tegen flink wat barris op.

Om te beginnen is dat natuurlijk de afstand. In het algemeen geldt dat hoe verder van de Nederlandse grens een auto wordt aangeboden, hoe beter de prijs is. Autohandelaren in grensstreek weten van de prijsverschillen tussen Nederland en Duitsland en hebben hun prijzen daaraan aangepast. Diep het land in, is dus het devies.

Als de auto is gekocht moet die vervolgens nog naar Nederland komen. Er zijn twee mogelijkheden. De trotse nieuwe eigenaar kan een auto-ambulance huren, en de nieuwe aanschaf daarop vervoeren, of zelf gaan rijden. Voor die laatste optie is een tijdelijk kenteken in het land van herkomst noodzakelijk: te verkrijgen bij de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW). Zo'n kenteken, dat een dag geldig is, is gratis.

De RDW is eveneens de instantie waar de aspirant-importeur zich in de volgende fase van het traject mag vervoegen. Als de auto namelijk eenmaal in Nederland is, moet die nog een kenteken krijgen. En om een kenteken krijgen, moet er nog wel even een flinke stapel papieren worden weggewerkt.

Om te beginnen moet de auto worden gekeurd bij een van de zestien vestigingen van de RDW. Dat kan alleen op afspraak, en dat kan wel een tijdje duren. 'Tussen een paar dagen en vijf weken', zegt woordvoerder Koen Peters van de RDW. Bij zo'n keuring moet de auto ongeveer voldoen aan de voorwaarden die ook gelden voor de jaarlijkse APK-keuring. Ook om legaal bij het keuringsstation te komen, geeft de RDW zogeheten eendagskentekens uit, die gratis zijn.

Als de keurmeester van de RDW tevreden is over de technische staat van de auto, wordt voor de auto een kentekenbewijs aangemaakt en moet de eigenaar een verwijderingsbijdrage betalen. Om een kentekenbewijs te krijgen moet de eigenaar het originele buitenlandse document van de auto meenemen. Dat is belangrijk: zonder dit document gaat de RDW erg moeilijk doen. Bovendien moet de eigenaar zich legitimeren met zijn paspoort.

Als de aanvraag van een nieuw kenteken achter de rug is, is het tijd voor een wandelingetje naar de overkant, waar bij elk RDWstation een douanekantoor is gevestigd. Er moet namelijk ook belasting worden betaald.

Over in Nederland verkochte auto's worden namelijk hoge belastingen geheven. Naast de BTW die niet geldt voor tweedehands auto's uit Europa kent de autohandel de BPM, de Belasting van Personenauto's en Motorrijwielen. Op elke nieuwe auto wordt 45,2 procent van de catalogusprijs BPM geheven. Wie een auto in Nederland wil importeren, krijgt er ook mee te maken.

Het grote voordeel van het importeren van een tweedehands auto is dat de BPM snel afneemt naarmate de leeftijd toeneemt. Zo mag voor een auto die tussen de twee en de drie jaar oud is al bijna de helft van het BPM-bedrag worden afgeschreven. De belastingdienst baseert zich bij de bepaling van de nettoprijs het bedrag waarover de BPM wordt berekend op de opgave van de importeur. Ze bellen de importeur en vragen wat die en die auto destijds kostte.

Als de BPM is betaald, krijgt de eigenaar zijn kentekenpapieren, en moet vervolgens zelf nog wel kentekenplaten kopen. Het kost een boel moeite, maar voor wie daar geen bezwaar tegen heeft, kan het een stuk goedkoper zijn om een auto te importeren.

Meer over