Uitgekleed in een grote koude slaapkamer

Twee historische romans voor kinderen. Spelregels speelt in de Middeleeuwen, Stijntje aan het begin van de Gouden Eeuw. In beide boeken hebben de belangrijkste personages - jongens en meisjes van 13, 14 en 15 jaar oud - te maken met de grillen van het noodlot....

Marieke Henselmans

Spelregels van de debutante Floortje Zwigtman, geïllustreerd door Annemie Heymans, heeft als ondertitel Het verhaal van een middeleeuws huwelijk (Fontein; fl 29,95). Het gegeven - de 14-jarige Majorie moet trouwen met de iets oudere Allard - is onnadrukkelijk, naturel beschreven. De ouders van bruid en bruidegom hadden dat al jaren geleden geregeld. Niemand maakt er veel woorden aan vuil. 'Wees mooi, klaag niet en doe maar wat hij zegt', adviseert de moeder van de bruid. Of je mooi bent, daar heb je alvast niet veel invloed op. Aan de andere regels probeert Marjorie zich wel te houden, maar makkelijk is dat niet. Niet klagen als je ver van je familie, bang en eenzaam bent? Hoe je te gedragen als je na een groot bruiloftsfeest naar een koude slaapkamer wordt gebracht, om voor de ogen van de bruidegom en zijn bediende te worden uitgekleed door een kamermeisje? Majorie weet dat haar echtenoot mag doen wat hij wil, dat er van hen wordt verwacht dat ze gaan vrijen. Ze is bang. Bang voor de nacht, maar ook bang om tegen te vallen.

Nu eens is het meisje de ik-figuur, dan weer de jongen. Hoe is het voor hem om de bruid welkom te heten, met haar te dansen en haar naar die slaapkamer te moeten leiden? Ook hij doet zijn best, is bang een flater te slaan. Dat vrijen wordt niks. Zelfs een beetje vriendschap lijkt er niet in te zitten. Eigenlijk zou niet hij Heer van de burcht Goudheuvel worden, maar zijn oudere broer Thomas. Als die is gestorven aan de pest, krijgt Allard een spoedcursus tot ridder. De mannen in het kasteel maken brute grappen over de bruidsnacht. Allard lacht maar zo'n beetje mee, maar hij is verdrietig en onzeker. Zijn oudere broer was vast een betere Heer geweest. Nu zit hij opgesloten in die burcht, in een web van regels, in een huwelijk met een meisje voor wie hij niets voelt. Hij reageert zich af; hij schopt en slaat haar.

Floortje Zwigtman heeft de gevoelens van het meisje en de jongen knap weergegeven. Ze ontwikkelen zich van puberaal afwijzend tot bijna volwassen en hoopvol. De andere personages blijven een beetje vlak. Wat aanspreekt is de oprechte manier waarop de kinderen, ondanks alle regels, proberen het beste te maken van hun leven. Kinderen van nu zullen veel herkennen, al zijn de regels nu anders. Want of het spel tussen man en vrouw zo anders is geworden is nog maar de vraag.

Stijntje - Meisje loos als verstekeling van Dick Walda (Leopold fl 29,90) verscheen in de reeks 'Spannende Tijden'. De provincie Noord-Holland stelt schrijvers financieel in staat zich te oriënteren om een jeugdboek voor de reeks te schrijven dat zich afspeelt in Noord-Holland. In het begin van het boek schemert die grondige voorbereiding een beetje te nadrukkelijk door. Er is sprake van het Reggedroeb-feest, waarbij een reus wordt nagemaakt en in brand gestoken. De symbolische waarde van het feest en de gebruiken worden een beetje schools afgehandeld. Alsof de schrijver aan de subsidiegever moet laten zien dat hij er niet met de pet naar heeft gegooid. Maar na het wat stroeve begin ontwikkelt zich een spannend verhaal over de 13-jarige Stijntje in een wel erg gevaarlijke wereld.

Stijntje Kompier heeft echt bestaan. Ze is geboren in Hoorn in 1585. Haar vader is een hardwerkende visser met een eigen boot, haar tweelingbroer Gilles gaat met vader mee de zee op. Stijntjes moeder werkt wat ze kan en Stijntje moet schrobben bij een voormalige kaperkapitein. Zo hebben ze samen net genoeg om van te leven. Totdat vader besmet raakt met de pest. Wat moet dat wanhopig geweest zijn: geen kennis of middelen om de ziekte te bestrijden. Dus ruim baan voor bijgeloof, kwakzalvers, geruchten en praatjes. Voor slechte lieden die profiteren van de wanhoop. Als de vader ondanks dure medicijnen sterft, is het gezin niet alleen de kostwinner kwijt. De boot is waardeloos geworden omdat 'de pest heeft meegevaren'. Moeder wil weg uit Hoorn, weg van de ziekte. Ze regelt voor Gilles een baantje als halfwas op een schip en voor Stijntje een baantje als schrobster in Amsterdam.

Stijntje doet aanvankelijk haar best, maar haar nieuwe wereld is zo oneerlijk, gevaarlijk en vol met enge mannen die onbegrijpelijke dingen van haar willen, dat ze wegloopt. Ze gaat als verstekeling op weg naar Gdansk om haar broer te zoeken. Wanneer de zeelui haar vinden loopt ze het risico in zee te worden gesmeten. Maar haar pienterheid en bereidheid aan te pakken maken zo'n indruk op de kapitein dat die haar steunt bij haar zoektocht.

Het boek eindigt als Stijntje, sterker, ervarener en rijker, met moeder en broer is herenigd in Hoorn, waar de pest is verdwenen. In de epiloog is te lezen dat Stijntje later fortuin zou maken met handel via de Oostzeevaart. Haar broer komt in dienst bij haar firma Kompier, later bekend als de Hoornse Compagnie. Een meisje dat zich verzet tegen de regels van haar tijd.

Meer over