Turkse islamisten voorop in peilingen

Enerverend worden de parlementsverkiezingen morgen in Turkije. De regeringspartijen worden weggevaagd. Maar wie haalt de kiesdrempel? De islamistische AKP en de sociaal-democratische CHP lukt dat vrijwel zeker. Grote vraag: wie wordt derde?

Het Turkse Constitutionele Hof heeft gisteren het verlossende woord gesproken: vooralsnog komt er geen verbod op de islamistische Gerechtigheids- en Ontwikkelingspartij (AKP), zodat deze mag meedoen aan de verkiezingen. Ofschoon het een voorlopige uitspraak betreft, kan AKP-leider Tayyip Erdogan opgelucht ademhalen. Een verbod zou een politieke chaos hebben veroorzaakt; de partij staat in de peilingen met afstand op de eerste plaats.

De laatste week voor de stembusgang is het publiceren van peilingen verboden, maar de recentste peilingen geven de AKP 22 tot 27 procent van de stemmen. Goede tweede is de Republikeinse Volkspartij (CHP) van Deniz Baykal, die staat op bijna 18 procent. Daarna wordt het beeld wazig. In principe zijn er drie partijen die de hoge kiesdrempel van 10 procent kunnen halen.

Volgens veel politieke waarnemers maakt de Partij van het Juiste Pad (DYP) de meeste kans. De partij van Tansu Çiller beschikt over een uitstekend netwerk op lokaal niveau. De pro-Koerdische partij Dehap dicht zichzelf de beste kansen toe, ofschoon zij daar vrijwel alleen in staat.

Of wordt het toch de Jeugdpartij van zakenman en miljonair Cem Uzan? Hij wordt ervan verdacht het Amerikaanse bedrijf Motorola voor miljoenen te hebben getild, maar dat is voor veel kiezers geen reden niet op hem te stemmen.

'Zij hebben het helemaal gehad met de oude partijen, ze zijn de corruptie zat', zegt de politicoloog Metin Heper van de Bilkent Universiteit in Ankara. 'Uzan mag dan zelf niet brandschoon zijn, hij heeft alleen de Amerikanen te grazen gehad. Dat vinden de kiezers niet zo erg, want zij geloven dat Turkije door Amerika wordt beroofd.'

Door het kiessysteem is het mogelijk dat een partij de absolute meerderheid in het parlement kan krijgen, terwijl zij slechts 30 procent van de stemmen heeft gehaald. Zo kan het ook best zijn dat alleen de AKP en de CHP in het parlement komen.

Er is vrijwel niemand die zich durft te wagen aan een voorspelling. 'Dit zijn de eerste verkiezingen die plaatsvinden tijdens een zware economische crisis', zegt de journaliste Lale Sariibrahimoglu. 'De grootste werkloosheid heerst onder jongeren en dat zijn niet alleen lageropgeleiden. Zij zijn boos en dat maakt de uitkomst zo onzeker. Dat geldt ook voor de tallozen die er enorm in inkomen op achteruit zijn gegaan.'

De sociaal-democraat Deniz Baykal heeft als leider van de CHP een miraculeuze terugkeer gemaakt. Drie jaar terug verdween hij roemloos uit het parlement en de politiek. Maar de 64-jarige overlevingskunstenaar uit Adana vocht zich terug en presenteert zich als het seculiere alternatief voor de islamisten van Erdogan (48).

Hij maakt goede sier met zijn nieuwe compagnon Kemal Dervis, de oud-minister van Economische Zaken, die geldt als de architect van het door het IMF gesteunde reddingsplan voor de zieltogende economie. En hij laat niet na te verklaren dat Erdogans islamisten van economie niets weten en zelfs willen morrelen aan het reddingspakket.

Het establishment steunt - soms noodgedwongen - Baykal, omdat het gelooft dat de AKP een gevaar is voor de seculiere staat. 'Welnee', vindt politicoloog Heper. 'De politieke islam manifesteerde zich voor het eerst in 1969. Sinds die tijd hebben de islamisten zich getransformeerd tot partijen die binnen het huidige stelsel willen opereren.

'Erdogan heeft wel eens gezegd dat ''democratie voor hem een middel is''. Veel mensen zeiden toen: zie je wel, hij vindt dat democratie voor hem een manier is om een islamistische staat Turkije te stichten. Daar geloof ik niets van, Erdogan heeft namelijk ook gezegd dat de islam voor hem een middel is, oftewel een levenswijze.'

Toch is dat wantrouwen zo groot dat de gevestigde macht niets nalaat om te trachten Erdogan en de zijnen te intimideren, zie ook de poging tot verbod bij het Constitutionele Hof gisteren. Die actie voert zij al jaren tegen de politieke islam en naar het lijkt met succes.

Erdogan mag vanwege een eerdere veroordeling geen actieve politiek bedrijven en kan geen parlementslid worden. Zijn rechterhand Abdullah Gül moet waarschijnlijk de AKP in het parlement leiden. Erdogan wekt ondanks zijn zelfvertrouwen, niet echt de indruk strijdlustig te zijn.

Tijdens zijn talloze toespraken van de afgelopen weken - net als alle andere leidende politici vliegt Erdogan per helikopter het hele land door - is het herhaalde malen voorgekomen dat er vanuit het publiek wordt gevraagd hoe hij denkt over het verbod op hoofddoekjes aan de universiteiten.

Elke keer maant hij het publiek geduld te hebben en aan het eind van zijn toespraak houdt hij dan een vaag verhaal over ongelijke kansen in het onderwijs. Hij durft het woord hoofddoekje nauwelijks in de mond te nemen.

Op de Dag van de Republiek, eerder deze week, kwam het tot een botsinkje tussen Erdogan en president Ahmet Necdet Sezer. Erdogan had op tv verklaard dat zijn partij zal bepalen wie de kandidaat-premier moet worden. Sezer zei woensdag nijdig dat de president zoiets uitmaakt en niet een partijvoorman die geen parlementslid is of mag worden.

En weer reageerde Erdogan als een berispt kind: 'We hadden geen enkele bedoeling om ruzie met de president te krijgen.'

Meer over