Turkse gastarbeiders in Saarland: 'Opeens voel ik mij hier een Turk'

De Duitse deelstaat Saarland kent een grote gastarbeidersgeschiedenis. Prima plek voor de Turkse regering van Erdogan om er stemmen te werven voor het referendum. Maar in Saarland zijn zondag ook verkiezingen.

Sterre Lindhout
De kok van dönerzaak Helal City Kebap in Saarbrücken bedient twee klanten. Ook hier is de relatie tussen Duitsland en Turkije een terugkerend gesprek. Beeld Marcel van den Bergh
De kok van dönerzaak Helal City Kebap in Saarbrücken bedient twee klanten. Ook hier is de relatie tussen Duitsland en Turkije een terugkerend gesprek.Beeld Marcel van den Bergh

Naast de bel van een advocatenkantoor in Saarbrücken staan drie namen: Akkaya, Di Marco, Kuhn. Het zijn de namen van de partners, de namen van drie vrienden van de plaatselijke rechtenfaculteit, en het zijn toevallig namen die verwijzen naar de drie grootste bevolkingsgroepen in het Saarland: Duitsers, Italianen, Turken.

Het kleine Saarland, met zijn staalfabrieken en roemruchte mijnbouw, was in de jaren vijftig en zestig grootafnemer van gastarbeiders. Een van hen heette Akkaya, was analfabeet en kwam in 1964 vanuit Samsun aan de Zwarte Zee aan in Saarbrücken en vond een baan bij een autobandenfabriek.

Meer dan een halve eeuw later verliest zijn zoon Rasim, in Duitsland geboren als kroon op de familiehereniging, plotseling zijn geduld. 'Ik wil niet elke dag de krant openslaan en lezen Turken dit, Erdogan dat, islam zus en zo. Ik wil lezen over Duitsland, ik wil Duitse realpolitik.'

Het is een week nadat de Saarlandse minister-president Margarete Kramp-Karrenbauer (CDU) verkiezingsoptredens van Turkse politici in de deelstaat heeft verboden. Dat deed ze op eigen houtje en in navolging van Nederland. En net als in Nederland heeft dat verbod te maken met aankomende verkiezingen. Zondag kiezen de Saarlanders een nieuw parlement.

Akkaya weet nog niet wat hij gaat stemmen, zegt hij. 'En als ik het wel wist, zou ik het niet zeggen.' Hij lacht een diplomatiek lachje.

Wil hij wel zeggen wat hij gaat stemmen bij het Turkse referendum over uitbreiding van de bevoegdheden van Erdogan? Akkaya lengt zijn lachje aan met een zucht, en legt dan - duidelijk niet voor de eerste keer - uit dat hij helemaal niks gaat stemmen op 16 april, omdat hij geen Turks paspoort heeft. Als je Akkaya hoort praten, zou je denken dat hij het land van zijn voorvaderen radicaal de rug heeft toegekeerd. Dat is niet zo. Rasim Akkaya is de voorzitter van de Saarlandse afdeling van de moskeekoepel Ditib, die er vaak van is beschuldigd onder een hoedje te spelen met Erdogans AK Partij. 'Soms was dat terecht', zegt Akkaya. 'Maar hier in het Saarland hebben we nooit een probleem gehad omdat we ons politiek op de vlakte houden.'

Sowieso had hij zich hier in het Saarland nooit een vreemdeling of migrant gevoeld, tot een paar jaar geleden. 'Het begon in 2010 met het boek van Thilo Sarrazin, Deutschland schaft sich ab, toen kwam Pegida, de AfD.'

Rasim voelt de laatste jaren een groeiende druk om Turkije te verdedigen. 'Maar dat doe ik niet. Turkije is niet Erdogan en Ditib is geen politieke organisatie, maar een religieuze. En het is in Duitsland niet verboden om moslim te zijn.'

Bedreiging

Ook Ibrahim Bulduk (50) heeft steeds vaker het gevoel dat hij Turkije moet verdedigen, vooral tegen leraren geschiedenis van het gymnasium van de overkant die komen lunchen in zijn zaak: Saar-Kebap. Het verschil met Akkaya is dat Bulduk het graag en vol overgave doet, dat verdedigen - en als het nodig is ook op volume dat de glasplaat voor de vitrine met bladerdeegwaren vervaarlijk doet trillen.

'De beste Turkse politicus aller tijden', vindt hij Erdogan. Daarin is hij niet de enige, blijkens de hoge opkomst van Turkse Duitsers bij pro-Erdogan-evenementen. De uitspraak wordt pas opmerkelijk door wat hij daarna op een wat lager volume vertelt: 'Ik ben Koerdisch.'

Maar Bulduk, geboren in Sirnak aan de Iraakse grens, vindt dat Erdogan juist meer dan zijn voorgangers moeite heeft gedaan om vrede te sluiten met de Koerden, ook met de PKK.

Als Bulduk aan het woord is, klinkt het of Duitsland en Turkije twee gesloten ecosystemen zijn, waar begrippen als democratie en mensenrechten een verschillende betekenis hebben en die je dus vooral niet met elkaar moet willen vergelijken.

De Europese kritiek op bijvoorbeeld de mensenrechten in Turkije, of op de opsluiting van de Duitse journalist Deniz Yücel - de journalist van de krant Die Welt die sinds 14 februari zonder proces in Istanbul gevangen zit op verdenking van 'terroristische propaganda' - zijn volgens Bulduk bedoeld om Turkije klein te houden. 'Europa wil gewoon niet dat Turkije te machtig wordt.' Overigens is hij er zeker van dat Yücel in de gevangenis zat omdat hij 'een spion van Gülen' is, dus een bedreiging voor de vrede in Turkije.

Ibrahim Bulduk van dönerzaak Saar-Kebap. Beeld Marcel van den Bergh
Ibrahim Bulduk van dönerzaak Saar-Kebap.Beeld Marcel van den Bergh

Tegenpolen

In een andere dönerzaak, Helal City Kebap, vergelijkt elektrotechnicus Mustafa Ceyhan (55) wel graag Turkse en Duitse politici met elkaar. 'De Duitse president Steinmeier en Erdogan, die zijn elkaars tegenpolen', vindt hij. 'Steinmeier heeft echt Fingerspitzengefühl, hij kan een harde boodschap zacht overbrengen. Erdogan heeft dat helemaal niet. Die is nogal lomp.'

Ook hem stoort het dat hij de laatste tijd meer dan vroeger als Turk wordt gezien en aangesproken. Waarom komen mensen hem niet naar Duitse politiek vragen? Hij moet toch zondag net zo goed naar de stembus als alle andere Duitsers?

'Merkel', zegt hij 'is al te lang aan de macht, dat merk je aan alles. De mensen zijn toe aan iemand met nieuwe energie.'

Maar Erdogan dan, die is nog langer aan de macht. 'Maar niet steeds in dezelfde functie', corrigeert Ceyhan. Bovendien vindt hij dat Erdogan meer voor Turkije heeft gedaan dan Merkel voor Duitsland.

'Erdogan is de eerste man in een eeuw die Turkije welvaart en stabiliteit heeft gebracht.' En wie zegt dat hij nu eindeloos aan de macht blijft, vraagt Ceyhan zich hardop af. 'Vanwaar dat wantrouwen?'

Wantrouwen. Ook in het kantoor van Rasim Akkaya valt dat woord vaak. En dan verliest hij nog een keer zijn geduld. Als het gaat over de buitenschoolse taalles, waar Saarlandse scholieren met Turkse en Italiaanse wortels sinds 1977, Akkaya's geboortejaar, aanspraak op kunnen maken.

'Het Saarland was daar trots op. Tot een paar maanden geleden. Nu vragen journalisten zich opeens af of we daar aan politieke beïnvloeding doen.'

Meer over