Tribunaal kan Serviërs nog wel voor zich winnen

IN HET voorjaar van 1993 hadden de veroveringen van de Bosnische Serviërs hun maximale omvang bereikt. De westerse wereld was geschokt over de wreedheden die zij daarbij hadden begaan....

Maar anno 2001 is de hoofdverdachte van het tribunaal Milosevic zelf. Hij is nog niet in Den Haag. Maar sinds het weekeinde is het minder dan ooit uitgesloten dat hij er een keer zal komen.

Maar daarvoor moet de Servische maatschappij eerst een knoop zien te ontwarren. Milosevic werd in mei 1999 aangeklaagd wegens het gelasten van oorlogsmisdaden om de heerschappij over Kosovo te behouden. De afgelopen weken voerden Servische studenten actie voor de arrestatie van Milosevic. In de lijst van misdaden die zij opsomden stond: het weggeven van Kosovo.

De maatschappelijke consensus beperkt zich tot de overtuiging dat Milosevic Servië alleen maar slechts heeft gebracht. Over de persoon Milosevic bestaat een redelijke consensus. Over wat er met hem moet gebeuren niet. Dat heeft zijn wortels in uiteenlopende opvattingen over de rol van het Westen: 1. Milosevic heeft Servië verwoest, maar het Westen heeft alles gedaan dat te verhinderen. Hij moet daarom worden uitgeleverd aan het tribunaal. 2. Milosevic heeft Servië verwoest, maar het Westen heeft hem daarbij flink geholpen, door hem ofwel openlijk te steunen, zoals in 1995/1998, ofwel hem te dwingen voor Serviërs zeer nadelige vredesplannen te ondertekenen. Het zou absurd zijn als datzelfde Westen hem berecht.

De eerste opvatting is terug te vinden bij een kleine minderheid. En bij intelligente pragmatici, die weten dat loyaliteit aan het Westen allesbepalend is. De Servische premier Zoran Djindjic lijkt hiervan een voorbeeld. De tweede opvatting domineert. De belangrijkste uitdrager is de Joegoslavische president Vojislav Kostunica. Hij moet zich de afgelopen dagen hebben doodgeërgerd aan veel westerse media. Zij versloegen de arrestatie als de prelude van Den Haag.

De cruciale tekortkoming van Kostunica en de zijnen, is dat zij nog steeds nauwelijks in ogenschouw nemen waarom de westerse landen zich in die jaren negentig tegen de Serviërs keerden: vanwege de oorlogsmisdaden die zij begingen in Kroatië, Bosnië en Kosovo. Maar Kostunica heeft gelijk als hij stelt dat de westerse landen hun eigen handelen in die tijd op zijn minst kritisch zouden mogen bezien.

Begin 1992 begingen zij de cruciale blunder door Kroatië te erkennen zonder voor de daar woonachtige Serviërs minderheidsrechten te eisen. Omdat zij zelfs niet in Bosnië op de grond wilden interveniëren, bewapenden zij het Kroatische leger. Dit leger verdreef in augustus 1995 driehonderdduizend Serviërs uit de Krajina. Milosevic was in het geheim akkoord. De media hielden zich rustig. Het valt ook moeilijk uit te leggen aan Serviërs waarom het Westen in de winter van 1996 de demonstraties tegen Milosevic niet steunde. Milosevic was toen door het Westen omarmd als factor van stabiliteit. Maar wat als zo'n factor verkiezingen manipuleert? Ook was het vreemd dat de westerse leiders nauwelijks van zich lieten horen toen het Kosovo Bevrijdingsleger in de zomer van 1999 op straat Serviërs lynchte.

Om Milosevic uitgeleverd te krijgen, zal het tribunaal het vertrouwen moeten winnen van een meerderheid van de Servische bevolking. Dat kan door een grote distantie te betrachten ten opzichte van de westerse beleidsmakers in de jaren negentig. Een cruciaal middel daartoe is een overtuigende aanpak van de etnische zuivering van de Krajina. En een postuume aanklacht tegen de Kroatische leider Tudjman. Ook zal de aandacht zich moeten richten op de praktijken van het Kosovo Bevrijdingsleger. Het is bemoedigend dat binnenkort de eerste onderzoeken naar Albanese misdaden in Kosovo en Zuid-Servië zullen beginnen.

Meer over