Trainers tevreden ondanks slaapverwekkende vertoning Twente - Roda JC niet om aan te zien

De duistere zijde van de Nederlandse voetbalcultuur versloeg gisteren in Enschede de zonnige kant, met kolossaal verschil zelfs. Angstig en met overdreven veel respect schurkten FC Twente en Roda JC zich aan elkaar, met logische gevolgen: nul-nul....

Avontuur bestond niet in het Arke-stadion waar 22 spelers de opdrachten van hun trainers keurig uitvoerden, maar niet de energie konden opbrengen om uit de tactische keurslijven te ontsnappen. Roda JC was het meest gebaat bij de remise, hoewel de Limburgers een plaats zakten op de ranglijst en werden ingehaald door PSV.

Op tweederde van de competitie zijn de verhoudingen in de eredivisie weer goeddeels genormaliseerd. De Top-4 wordt gevormd door Feyenoord, Vitesse, Ajax en PSV. Onder meer FC Twente en Roda JC strijden om de kruimels, een plek die recht geeft op deelname aan de UEFA Cup.

Dat vooruitzicht had geen inspirerende uitwerking op beide ploegen, eerder een verlammende. Opportunisme werd geschuwd en het fundament van beide elftallen werd gevormd door de verdedigingen.

De trainers, Meyer en Vergoossen, meenden dat hen niks was te verwijten en concludeerden dat het zo'n dag was waarop in aanvallend opzicht niets lukte. Vooral Meyer bood zijn elftal echter weinig bewegingsvrijheid. In de aanval koppelde hij Vennegoor of Hesselink aan Van de Paar, een middenvelder die de plaats innam van de geschorste Bosman.

Fijntjes - en om de critici voor te zijn - herinnerde Meyer er aan dat Van de Paar als speler van Anderlecht altijd als aanvaller stond opgesteld.

Vergoossen stelde slechts dat zijn ploeg eenvoudigweg de vorm miste om bressen te slaan in de Twentse defensie. De nederlaag tegen PSV speelde volgens hem geen rol: die was Roda JC een dag later al vergeten.

Vennegoor of Hesselink was het voornaamste slachtoffer van de afwezigheid van Bosman. Hoewel Van de Paar het er goed vanaf bracht, slaagde hij er niet in de spits in stelling te brengen. Het Twentse talent bleef gisteren in de schaduw van zijn twee opponenten, Vrede en Luypers.

Hetzelfde gold voor Peeters en Van Houdt, de Belgen die geen kans kregen van Karnebeek en Grujic. Het duel speelde zich daardoor voornamelijk op het middenveld af. Maar ook in die linie wist niet één speler zich te onderscheiden, uitgezonderd Van Halst die zoals zo vaak agressie wel wist te koppelen aan inzicht.

Een middelmatige, zelfs vervelende voetbalwedstrijd was het gevolg, met slechts een handvol kansen en tientallen mislukte combinaties. FC Twente was de meeste aanvallende ploeg van de twee, maar het betrof een schijnoverwicht dat de Limburgse verdedigers niet in het minst verontrustte.

Ik kan hier mee leven, zeiden beide trainers elkaar na. Meyer en Vergoossen zijn realistisch genoeg om niet te geloven dat hun ploeg zich zal kwalificeren voor de Champions League. Het punt werd in dank aanvaard en dat was het dan.

De doelverdedigers, Boschker en Kalac, werden nauwelijks op de proef gesteld en troffen het bovendien dat de linie vóór hen geen krimp gaf. Kansjes werd gemist door de Twente-spelers Ter Avest, Vennegoor of Hesselink en Oude Kamphuis, en door Van Houdt en Nygaard van Roda. De beste reddingen kwamen op naam van Roda-doelman Kalac, de lange Australiër met de potsierlijke motoriek.

Boschker werd eenmaal, in de eerste helft, te hulp geschoten door Karnebeek. Nadat Peeters voor de eerste (en laatste) keer Van Houdt in kansrijke positie had gebracht, bracht Karnebeek redding op de doellijn.

Het was een uitzonderlijk moment op een avond die nauwelijks vertier bood en de trainers in de tweede helft tot vier wissels dwong. Opwindend was alleen de laatste fase, de blessuretijd waarin FC Twente eindelijk de schroom wist te overwinnen en met passie ten aanval trok.

In de 93ste minuut dacht Twente zowaar een beslissende stoot te kunnen plaatsen toen Oude Kamphuis plotseling oog in oog met Kalac stond. Van der Heyden leek vervolgens een overtreding in het strafschopgebied te begaan.

Scheidsrechter Bossen koos de makkelijkste weg. Hij floot wel, maar voor het laatste fluitsignaal. Het kwam als geroepen op een avond in Enschede waaraan maar geen einde leek te komen.

Meer over