'tragedies zijn geen kunst'

Oorlogsfotograaf Don McCullin overleefde bommen, granaten en een verkeerde diagnose in een Londens ziekenhuis. Volgende week wordt zijn werk in Amsterdam tentoongesteld.'Ik ben een man die nadenkt en een fotograaf voor mensen die nadenken.'..

Zelden zal iemand zo veel geluk hebben gehad als Don McCullin, oorlogsfotograaf van medio jaren zestig tot begin jaren tachtig: hij ontsnapte aan geweervuur en granaten op Cyprus, in Vietnam, Cambodja en Israël. Overleefde Afrikaanse horror-avonturen in Congo en Biafra en werd Uganda ten tijde van Idi Amin uitgezet nadat hij vier nachten in een cellencomplex had gezeten waar tegenstanders van het regime met hamerslagen werden vermoord. Hij viel in El Salvador van een dak toen hij wegdook voor schoten van guerrillastrijders (arm op vijf plaatsen gebroken). En met de verkeerde diagnose in een Londens ziekenhuis (geen buikgriepje, maar malaria) eindigt een lijst die makkelijk langer had gekund.

McCullin heeft alles overleefd. In oktober wordt hij 67. Heeft net zijn vierde echtscheiding achter de rug. En is nu een nieuw 'fantastisch' leven aan het opbouwen met een 'hele mooie jonge vrouw, die me zeer na staat'. Ze is in verwachting.

Er is de stoere kant: 'Het is opstandigheid. Ik zal niet verslagen worden, ik zal me niet overgeven.' Over Vietnam: 'Ik was een expert geworden in het beoordelen van wat een kogel kan doen met een broos mensenlichaam.'

Er is de serieuze kant: 'Ik ben altijd op zoek naar een nieuwe horizon. Als je maar genoeg stenen omdraait, kom je vanzelf interessante dingen tegen. Ik ben een man die nadenkt en een fotograaf voor mensen die nadenken. Nauw verbonden met de minder bevoorrechten.'

'Ik ben een product van Hitler, net als veel generatiegenoten', zegt hij. Als Londense jongen is hij ooggetuige van de Duitse bombardementen. Zoon van een gevoelige, vroeg overleden vader en een sterke moeder (in staat om een bovenbuurman met een gipsen beeld neer te slaan omdat die zijn kind mishandelde). Hij werkt in het foto-archief van het Britse leger in Kenia en begint, terug in Londen, foto's te maken van het dagelijks leven van zijn vrienden in de armeluiswijk Finsbury Park. Met een publicatie in de Observer (1959) begint McCullins doorbraak.

Zijn successen vallen samen met die van de Britse pers, met name zijn werkgever The Sunday Times, die onder leiding van Harold Evans een ijkpunt wordt voor elke journalist. Londen beleeft de Swinging Sixties, de Italiaanse regisseur Antonioni bezoekt McCullin bij de voorbereiding van zijn speelfilm Blow Up.

Eind 1983 wordt McCullin ontslagen door de 'beulen' van Rupert Murdoch, Australisch mediamagnaat en nieuwe eigenaar van The Times.

Hij verdient een tijd lang goed met reclamefotografie. 'Maar dat was slecht voor mijn reputatie.' Het legt de financiële basis voor eigen projecten. Tot op heden maakt hij series over bedreigde stammen in Irian Jaya en zuidelijk Ethiopië. Twee jaar geleden maakte hij een reportage over aids en armoede in Afrika, een uitzondering: hij streeft ernaar geen ellende meer vast te leggen.

Met het fotograferen van romantische landschappen in de omgeving van zijn huis in het Zuid-Engelse Somerset - vol verwijzingen naar de tijden van koning Arthur - probeert hij het verleden uit zijn hoofd te zetten. 'Vaak word ik onverwacht overvallen door schrikbeelden van executies en hongerdoden. Midden in de nacht, tijdens een wandeling of als ik rustig in de tuin zit. De fotografie is heel gul voor me geweest, maar tegelijk ben ik erdoor beschadigd.

'Het gevaar van fotograferen is dat je iconen maakt. Het laat tragedies veranderen in kunst.' En kunst is zijn werk niet, al hangt het in musea en al voelt hij verwantschap tussen zijn foto's en de tweehonderd jaar oude Desastres de la guerra van de Spaanse schilder Goya. 'Je moet je door kunst laten inspireren, maar dat wil nog niet zeggen dat je dan zelf kunstenaar bent.

'Ik denk dat fotografen schizofrene mensen zijn. Ik heb nog steeds gevoel voor humor, ondanks de ellende die ik zag. Ik weet waar ik vandaan kom. Ik ben niet in de war. Ik heb mijn zorgen, maar ik ben niet in de vernieling geraakt door wat ik meemaakte. Ik wist een balans te handhaven, omdat ik een sterk karakter heb. Als ik ooit met een psychiater te spreken kom, moet hij mij betalen en niet andersom.'

Meer over