Tracische funk en traditionele Balkanzang

Baggervette funk met loeiende en krijsende elektrische gitaren klonk er woensdagavond ineens in het Amsterdams Paradiso. Niet het eerste waaraan je denkt bij de namen van landstreken als Epirus en Thracië....

Ton Maas

De saxofonist, gitarist, basgitarist en drummer kozen voor één lange set om hun publiek te bezweren met diepe grooves en strak gecoördineerde breaks. Waar anderen blijven steken in epigonie van de jazzrock legt Mode Plagal de lat hoger. Zonder poespas en bombarie demonstreerden ze hun heerschappij over de slepende en zuigende funk van het beste ritmetandem aller tijden - Richie Hayward en Kenny Gradney van de legendarische groep Little Feat - en wel met de complete ritmische landkaart van de Balkan in hun broekzak.

In vergelijking met de nog immer regerende koning van de Thracische bruiloftsmuziek, de Bulgaarse klarinettist Ivo Papasov die als eerste in de regio het pad van de fusion betrad, is Mode Plagal radicaler in het verwijderen van etnische verwijzingen. Eigenlijk is het alleen nog de zangstem van Thodoris Rellos die met zijn microtonale ornamentiek refereert aan het traditionele klankpalet van de zuidoostelijke Balkan.

Aan professionele podiumpresentatie heeft het kwartet terecht geen behoefte. Het gaat er ongedwongen aan toe. De enige smet op de voorstelling is de opbouw van het programma, dat na ruim een uur een logische ontknoping krijgt in een heuse 'Griekse blues'. Als daarna nog een Thracische melodie op reggaeritmeschuift, slaat de meligheid toe .

Meer over