Tour Boardman eindigt al na drie minuten

Het Theater van de Waanzin heeft z'n tenten opgeslagen tussen het Place Salvador Allende en de rotonde Clémenceau, in het hart van Saint-Brieuc....

Van onze verslaggever

Jaap Visser

SAINT-BRIEUC

In plastic verpakte wielrenners trappen zich wezenloos op de rollenbank, terwijl ploegleiders en verzorgers paraplu's boven hun sombere hoofden houden. De acrobaten van de Tour zijn clowneske figuren geworden om wie het publiek schamper moet lachen.

In het mobiele rennerskwartier van TVM laat de doorweekte Bart Voskamp zich uitwringen en hij jammert dat het niet te doen is, om het hardst door de spekgladde straten van Saint-Brieuc fietsen. Ploegmaat Tristan Hoffman schiet in de lach. Voskamp, de veel betere tijdrijder, heeft over de proloog van 7,3 kilometer bijna veertig seconden langer gedaan dan hij. Hoffman blijkt de laatste renner die een droog wegdek heeft getroffen.

Jelle Nijdam meldt zich in de luxe-bus met een gezicht op onweer. Buiten dondert het. 'Ik was nog in het hotel toen het begon te regenen en kon wel door m'n bed zakken. Weg , weg publiciteit voor de materiaalsponsor, weg voorbereiding van maanden.'

Gazelle had voor Nijdam een fiets ontworpen, die hem tijdens de Tourproloog in de buurt van het erepodium zou moeten brengen. Het racekarretje, zeven kilo licht, was dan wel niet zo bijzonder als de Espada van Indurain, of de Lotus van Boardman, maar had toch gauw zo'n twintigduizend gulden gekost.

In 1987 had Nijdam in West-Berlijn de proloog van de Tour gewonnen, en, vijf jaar later, nog de korte openingstijdrit van de Ronde van Spanje. Winnen was er de laatste jaren niet bij, maar sinds hij de ploeg van Raas had verruild voor die van Priem reed 'Snelle Jelle' toch weer bijna net zo rap als in zijn beste jaren. Vandaar dat hij zich op z'n 31ste nog één keer wilde laten zien, aan het begin van de grootste wielerkoers van het jaar.

Cees Priem vloekt een keer hartgrondig en haalt dan de schouders op. 'Jelle had verdomme nog één keer willen vlammen, maar dat kunnen we wel vergeten. Wie niet waagt, kan nooit winnen, maar ik geloof niet dat Jelle er verstandig aan doet risico's te nemen. We schieten er natuurlijk niets mee op als hij op z'n smoel gaat.'

Nijdam werpt een blik op het televisiescherm dat een wanhopig in het water spartelende Bugno laat zien. 'Kijk dan, in de bochten staat hij bijna stil.' De kampioen van Italië moet bijna een minuut toegeven op de vroeg gestarte Durand wiens negen minuten rond een onmogelijke tijd is geworden.

Nijdam: 'Er moet een wonder gebeuren wil iemand ook maar in de buurt van Durand komen. Het is zwaar klote, maar ik ga geen risico nemen, want dan weet ik zeker dat ik val. Ik ben nooit zo'n held geweest in de regen.'

'Waar verf op de weg ligt niet aanzetten', roept Voskamp nog. Luttele minuten later stort Nijdam zich van het startpodium en een reclameboodschap die op het asfalt is gekalkt, wordt hem bijna meteen noodlottig. Nijdam slipt, zijn rechterknie schiet tegen het stuur en de schrik slaat hem in de benen. Onzeker vervolgt hij zijn rit die een deceptie wordt: 88ste, op 44 seconden van de fortuinlijke Durand.

Chris Boardman durft zich als enige met ziel en zaligheid in de proloog te storten met als gevolg dat voor hem de Tour na drie minuten over is. De bravoure-achtige Engelsman wankelt in een flauwe bocht en zijn Lotus boort zich in de dranghekken, gevolgd door de bolide van Roger Legeay.

Boardman, winnaar van de proloog van 1994, schreeuwt het uit van de pijn. Nog een geluk dat hij niet wordt aangereden door Legeay, want de ploegleider zat zijn kopman veel te dicht op het achterwiel. De kermende renner wordt in het zadel van een nieuwe fiets geholpen, maar de trappers krijgt hij nog onmogelijk rond.

'Afstappen is geen optie meer, ik wil Parijs halen', sprak de voormalige houder van het werelduurrecord aan de vooravond van zijn tweede Tour. Vorig jaar staakte Boardman halverwege de strijd, in Saint-Brieuc wordt hij na enkele kilometers achterin de ploegleiderswagen gelegd.

Jelle Nijdam laat de zwelling in zijn pijnlijke knie met ijs bestrijden. 'Het is niets', stelt hij vooral zichzelf gerust, 'even behandelen en dan er weer vol tegenaan. Conditioneel ben ik zo goed, dat ik me kansrijk voor een ritzege voel. De wereld is vandaag heus niet vergaan, er is alleen maar een kans verloren gegaan.'

Nijdam had gerekend op een klassering bij de eerste tien, gehoopt had hij op een plaats op het podium. 'Winnen was een utopie, maar toch, in het voorseizoen zat ik in de korte tijdritten maar een paar seconden achter Boardman.'

Met een flauwe lach verzucht Nijdam dat hij 'toch eigenlijk best wel' vreselijk baalt. 'Want die mensen van Gazelle hadden toch een knap fietsie voor me gemaakt. Ik moet eerlijk zijn. Alles bij elkaar is dit toch wel een rampie.'

De proloog in avondlijk Saint-Brieuc is ten einde en Jacky Durand wordt gehuldigd als de winnaar die niemand had verwacht. Het waanzinnige Tourcircus trekt verder Bretagne in. Het eerste slachtoffer van de uitvoering 1995, de vermetele Boardman, is met een gebroken pols en een dubbele enkelfractuur naar het hospitaal afgevoerd. Stille getuige van zijn ongeval is Legeay's verfomfaaide ploegleiderswagen. Ook die verlaat Saint-Brieuc, met op het dak een geknakte Lotus.

Meer over