Topambtenaar van Justitie stoïcijns in getuigenbankje

MENNO VAN DONGEN

AMSTERDAM - Jarenlang heeft topambtenaar Joris Demmink gezwegen, hoewel hij het onderwerp is van ernstige beschuldigingen. Geruchten over seksuele escapades met jongens zijn hardnekkig. Volgens critici is hij mogelijk chantabel. Ze vermoeden dat hij zijn invloed heeft gebruikt om projectontwikkelaar Chipshol te benadelen in juridische procedures.

Woensdag moest Demmink zijn stilzwijgen doorbreken. De secretaris-generaal van het ministerie van Veiligheid en Justitie was door het Amsterdamse gerechtshof opgeroepen als getuige. Chipshol mocht hem ondervragen om te achterhalen of hij achter de schermen regelde dat de projectontwikkelaar rechtszaken verloor.

De sfeer is om te snijden in de rechtszaal. De tribune zit vol journalisten en sympathisanten van Chipshol. Bijna iedereen draait zich om als Demmink (63) de rechtszaal betreedt. Hij oogt nerveus. De gezette topambtenaar - kalend, bril, donker pak - loopt met grote passen naar het getuigenbankje.

De onderzoeksrechter begint met de mededeling dat de advocaten niet vrijuit vragen mogen stellen. De raadslieden van Chipshol moeten zich beperken tot het formele onderwerp van het verhoor: een omstreden rechterswissel in Haarlem, vijf jaar geleden.

Chipshol vindt het opvallend dat destijds vlak voor een cruciale uitspraak in een slepend conflict alle drie de rechters zijn vervangen. De drie rechters hadden al vastgesteld dat de luchthaven schadevergoeding moest betalen aan Chipshol, vanwege het dwarsbomen van bouwplannen. Alleen de hoogte van het bedrag stond nog ter discussie. De nieuwe magistraten wezen slechts een fractie van de geëiste vergoeding toe.

Heeft Demmink iets met die rechterswissel te maken gehad, direct of indirect? Die vraag stellen de advocaten op allerlei manieren. Maar de getuige herhaalt geduldig dat hij zich nooit persoonlijk met de zaak heeft bemoeid. 'Ik ken de kwestie alleen uit de krant.'

De zitting dreigt als een nachtkaars uit te gaan, tot de directeur van Chipshol, Peter Poot, het woord neemt. 'Meneer Demmink, beweert u nu echt dat er tijdens het overleg tussen de minister van Justitie en hoge ambtenaren, nooit iets over Chipshol en mijn familie is gezegd?'

De rechterswissel is daar echt niet aan de orde gekomen, zegt Demmink. Maar in de ministerstaf is wel gesproken over de vele grote advertenties die de oprichter van Chipshol, Jan Poot de afgelopen jaren heeft geplaatst in dagbladen. Daarin uit Poot harde beschuldigingen tegen de staat en enkele rechters, die zouden samenspannen tegen de projectontwikkelaar. Demmink: 'Dat waren opmerkingen van verbazing. De Chipshol-affaire was onhelder voor ons, en die advertenties droegen maar beperkt bij tot verheldering.'

Peter Poot begrijpt er niets van. Hoe kun je over zoiets ergs je verbazing uitspreken en dan overgaan tot de orde van de dag? Waarom dient de overheid geen aanklacht in wegens smaad, als de beschuldigingen niet kloppen?

Volgens Demmink is wel nagedacht over stappen. 'Maar het antwoord was steeds: we reageren niet omdat het geen nuttig doel dient.' De Raad voor de rechtspraak, het bestuursorgaan van de rechters, wilde er volgens hem niets aan doen.

Pas tegen het einde van de zitting staat de onderzoeksrechter toe dat Jan Poot refereert aan een heikele kwestie: hardnekkige verhalen over topambtenaren die seks zouden hebben met minderjarigen. Het onderwerp zit Poot zo hoog dat hij er een boek over heeft uitgebracht: De Demmink doofpot. Hij noemt Nederland een 'bananenrepubliek', omdat een topambtenaar mag blijven zitten die 'mogelijk chantabel' is. Er zou te weinig onderzoek naar hem zijn gedaan.

Justitie beklemtoont steevast dat eerdere aantijgingen tegen de secretaris-generaal wel degelijk serieus zijn genomen, maar dat er niets van bleek te kloppen. Sinds begin dit jaar loopt een 'oriënterend onderzoek' naar een officiële aangifte, van een Turkse jongen die beweert dat hij door Demmink is misbruikt.

Jan Poot vraagt zich hardop af hoe het mogelijk is dat de topambtenaar niet ingaat op zulke beschuldigingen. Op de publieke tribune barst een applaus los. Maar Demmink reageert stoïcijns. 'Dat kan heel goed. Er liepen zoveel juridische procedures dat het ons niet verstandig leek te reageren, zo dat al had gekund. Het recht moet zijn loop hebben.'

undefined

Meer over