postuumTon van Dijk (1943-2021)

Ton van Dijk bedreef meedogenloze journalistiek, toen dat nog met een flinke borrel gepaard ging

Wat ‘Redacteur Zelfkant’ deed, was nieuw. Ton van Dijk, oud-hoofdredacteur van Nieuwe Revu en Panorama, ging ver in zijn zoektocht naar de waarheid. De geneugten die daar in zijn tijd bij hoorden, waren ook wel aan hem besteed.

Ton van Dijk in de jaren tachtig als docent op de School voor Journalistiek in Utrecht. Beeld Paul Teixeira / Villamedia.nl
Ton van Dijk in de jaren tachtig als docent op de School voor Journalistiek in Utrecht.Beeld Paul Teixeira / Villamedia.nl

In 2010, hij was nog volop aan het werk, omschreef de grote verteller Ton van Dijk zichzelf zonder schaamte als ‘voormalig asfaltjunk, kroegtijger, hasjroker, cokesnuiver, nachtbraker’. De Amsterdammer was uitgeweken naar het dorp Schingen in Friesland, de leeftijd begon te tellen, de wilde jaren waren voorbij.

Alles was anders geworden, ook in de journalistiek. Een van de foto’s die deze week na het overlijden van Van Dijk (1943-2021) werd verspreid, kan makkelijk worden geïnterpreteerd als een eresaluut aan oude tijden. Aan de jaren waarin kranten en tijdschriften geld in overvloed hadden, journalisten niet al te veel last hadden van chefs en het werk werd gelardeerd met veel drank, rookwaren, scheve schaatsen en hier plus daar wat ondeugend spul.

Op de foto van Paul Texeira uit de jaren tachtig is Van Dijk in gesprek met een student, in zijn rol als bevlogen en inspirerende docent aan de School voor Journalistiek in Utrecht, toen nog een authentiek links bolwerk. De student zit lekker te roken. Voor Van Dijk (journalistentrui, snor) ligt een baal shag, Samson. Ze nemen een stuk door. Op het bureau staan twee asbakken en drie flesjes goedkoop bier van het merk Brouwers.

Journalistiek was een levenswijze ook, en een roeping misschien wel. Van Dijk zat er middenin. Hij was zijn loopbaan op klassieke wijze begonnen (geen opleiding journalistiek, gewoon maar ergens aan de slag gaan) en via het katholieke dagblad De Tijd en weekblad De Illustratie, ook al lang verdwenen, bij Revue verzeild geraakt.

Eind jaren zestig was dat. Het was een daverend begin, want het brave familieblad Revue werd in de loop der jaren het spraakmakende (‘Socialisme, Seks & Sensatie’) weekblad Nieuwe Revu, ‘links en toch lekker’. Van Dijk was de man die zich met hart en ziel stortte op reportages en jacht maakte op onthullingen.

‘Rare types’

Er werd dus wat bij gedronken, die tijd was het ook, ook later trouwens nog. Van Dijk refereerde er zelf vaak aan, bijvoorbeeld met de volgende uitspraak waarmee hij studenten voorbereidde op hun toekomst: ‘Het nieuws ligt op straat, je moet alleen oppassen dat de journalist er niet naast ligt, qua dronken gesproken.’

Dat herkent Daan Dijksman wel. Bij HP/De Tijd, ook een tijdschrift waar Van Dijk excelleerde, waren ze collega’s. Dijksman kende hem al uit het café. Van Dijk bleek op goede voet te staan met allerhande ‘rare types’. Hij werd omringd door ‘wrakhout’ en er werd ‘ontzettend veel bier gedronken’.

Het leidt rechtstreeks naar een anekdote die ook nogal wat zegt over die tijd. Het afscheid van Van Dijk bij HP/De Tijd vond plaats in een vage nachtclub in de buurt van het Leidseplein. Voor de liefhebbers was oud-politieman Martin Hoogland, later de moordenaar van Klaas Bruinsma, aanwezig om cocaïne te versnijden.

Dijksman: ‘Het was allemaal een beetje raar, maar het hoorde erbij. Als Hoogland het niet deed, zou de redactiesecretaresse van HP/De Tijd het wel hebben gedaan.’

Moord en doodslag

Die tijd dus, maar genoeg over de geneugten. In de eerste plaats was Ton van Dijk een vakman, een joviale kerel die als docent in Utrecht en later Groningen (aan de RUG) honderden studenten inspireerde. De talloze reacties op zijn overlijden op sociale media van de afgelopen dagen laten zich lezen als één groot eerbetoon.

Als verhalenverteller bij Nieuwe Revu en Haagse Post (later: HP/De Tijd) steeg hij tot grote hoogte. Veelal gingen zijn merendeels lange stukken over moord en doodslag, in een tijd dat het genre in de geschreven media nauwelijks aan bod kwam.

Bij HP/De Tijd ‘week hij af van het gemiddelde menstype en zorgde hij voor een frisse wind’, zegt Dijksman. Tegenover de ‘VPRO-types die zichzelf graag gelukwensten’ stond een man die de straat opging en zich met grote volharding en extreem geduldig vastbeet in een onderwerp. ‘Hij schreef niet over Franz Kafka, maar over Dikke Frans op de Wallen.’ Redacteur Zelfkant, werd hij genoemd, half spottend, want wat Van Dijk deed, was nieuw.

Afkeer van mooischrijverij

Ook niet onbelangrijk: Van Dijk was een uitmuntende schrijver, een purist met een afkeer van nodeloze mooischrijverij. Zijn methoden waren onorthodox. In een zoektocht naar de waarheid was misschien niet alles geoorloofd, maar veel wel.

De bundel Sterke verhalen uit 2012, een rijke keuze uit zijn nalatenschap en tegelijk een handleiding journalistiek, gaf hij een motto van de Amerikaan Robert Scheer mee: ‘Omkopen, verleiden, liegen, stelen: anything to get the story.’ Als het moest, was Ton van Dijk meedogenloos. Hij vond dat iedere journalist dat moest zijn.

Van twee tijdschriften, Nieuwe Revu (waar hij twee keer werd ontslagen en uiteindelijk in 1976 zelf maar opstapte) en Panorama, was hij hoofdredacteur. In het vermakelijke stuk dat hij in 2016 voor het vakblad Villamedia schreef over zijn roerige jaren bij Panorama (1988-1991), schetste hij een armzalig beeld van de nieuwe tijd in de journalistiek.

De commercie had aan macht gewonnen, oplagen kelderden, de advertentiemarkt slonk en nitwitten en blaaskaken kregen het steeds meer voor het zeggen. Over een van zijn opvolgers schreef hij: ‘Daarna kwam Joke Wartenbergh van Yes. Zij schrapte het woord links­poot uit sportverslagen omdat het beledigend voor de homofiele medemens zou kunnen zijn.’ De redactie van Panorama was intussen bezeten door een ‘virus van luiheid, onderhuidse tegenstand, achterklap, na-ijver en wantrouwen’. Ook dat nog.

De analyse van de teloorgang van het weekblad stond voor meer, dat was duidelijk. De gouden jaren waren voorbij, hoewel Van Dijk weinig te klagen had. De afkoopsom bij Panorama bedroeg 200 duizend gulden. Zijn leukste ongeluk, vond hij het.

Meer over