Tochtje op niveau

Ooit speelden in Nederland tachtig clubs betaald voetbal. Daarvan zijn er nog zesendertig over. Hebben de verdwenen clubs sporen achtergelaten? Paul Onkenhout ging op zoek naar de stadions van weleer. Derde van zes cultuurhistorische dagtrips.

1. SVV, Sportpark Harga, Schiedam

De toegangshekken op Sportpark Harga zijn een waardig eerbetoon aan het verleden van de Schiedamse Voetbal Vereniging, de landskampioen van 1949 en de club van Jan van Schijndel, Rinus Gosens, Henk Könemann, de lange spits Aad Koudijzer en de katachtige doelman Eddy van de Roer.


Op 4 juni 1949 versloeg SVV in het beslissende duel om de landstitel Heerenveen (met Abe Lenstra!) met 3-1. In de Rotterdamse Kuip waren 64.368 mensen er getuige van. Het is nog steeds een record. De spelers, allemaal afkomstig uit volkswijk De Gorzen, werden beloond met een fiets, een schitterend gebaar.


In 1970 speelde SVV de eerste wedstrijd in een nieuw stadion op Harga, ver weg van thuisbasis De Gorzen. De capaciteit was bijna tienduizend plaatsen. Twee maal promoveerde de club naar de eredivisie, in 1969 en 1990, toen Wim Jansen en Dick Advocaat (en geldschieter John van Dijk) SVV een professioneel karakter gaven. Omdat Harga veel te klein en onveilig was, week SVV voor de thuiswedstrijden uit naar de Kuip - het begin van het einde. In 1991 werd gefuseerd met Dordrecht'90.


De amateurs bleven gelukkig achter op Harga. Momenteel wordt de kantine opgeknapt. De grote oude hoofdtribune, de betonnen staantribunes en de prachtige entree, met de hekken en de kassahokjes, zijn bewaard gebleven. Zo hoort het ook.


2. DHC/Xerxes DHC, Brasserkade, Delft

Resten van het betaald voetbal zijn op sportpark Brasserkade eenvoudig te ontdekken. Ze zijn namelijk overal. In Delft-Noord ligt nog steeds een stadion, met een ring van beton en staantribunes met dranghekken. De parel: een fraai vormgegeven, overdekte zittribune van 60 meter. De 'Elascon-tribune', vernoemd naar een bedrijf uit Leiden, was in de jaren zestig populair in Nederland. Er stonden tribunes met zulke halfronde overkappingen bij onder meer GVAV, De Graafschap, De Volewijckers en Blauw Wit.


Nog steeds is hier voor de speaker een houten hokje beschikbaar zodat hij ongestoord de ruststanden van de andere velden voor kan lezen. Elk moment verwacht je dat uit de luidsprekers een reclame klinkt voor shag ('Drum is pittig en halfzwaar'), sigaretten ('Caballero, anders dan andere') of ijs ('Mexicaantje, oranje hoed, Caraco IJs, geweldig goed. Caraco IJs, geweldig lekker').


In dit stadion zagen in 1967 achttienduizend mensen hoe Feyenoord de thuisclub met 3-0 versloeg. DHC heette in dat seizoen Xerxes/DHC, door een fusie. Het Rotterdamse Xerxes dacht in Delft een doorstart te kunnen maken met trainer Kurt Linder en de spelers Willem van Hanegem, Eddy Treijtel, Hans Dorjee en Lazar Radovic. De fusieclub eindigde in de eredivisie op de zevende plaats, maar een faillissement kon niet worden voorkomen.


DHC bestaat nog steeds als amateurclub, maar dat is onbelangrijk.


3. RCH, Heemsteedse Sportpark, Heemstede

De kleedkamers van RCH worden opgeknapt, maar nu even niet; nu zit Henk Broekman even uit te blazen voor de kantine. Broekman speelde ooit betaald voetbal bij RCH. Het komend seizoen is hij weer trainer van de E-junioren. Op de vraag wat er is overgebleven uit de jaren (1955-1971) die RCH in de eerste en tweede divisie speelde, wijst hij op het clubhuis dat alle stormen in Heemstede heeft overleefd.


Het is het mooiste wat de landskampioen van 1923 en 1953 te bieden heeft. 'Het Restaurant' werd gebouwd in 1932 en staat op de gemeentelijke monumentenlijst. 'De strakke, elementaire opbouw met forse overstekken is verwant aan de architectuur van Frank Loyd Wright', aldus de ANWB in een beschrijving.


Van het oorspronkelijke RCH-stadion is niets meer over, maar het hart van de club is intact.


4. EDO, Haarlem, Noordersportpark

Evenals RCH verdween de Haarlemsche Football Club Eendracht Doet Overwinnen in 1971 uit het betaald voetbal. Het was het jaar van de grote sanering en het opdoeken van de tweede divisie. EDO stopte in tegenstelling tot RCH vrijwillig. Door het lage aantal toeschouwers bij de thuiswedstrijden in de tweede divisie, gemiddeld 497, had de volksclub geen andere keuze.


De lange staantribune aan de noordzijde doet herinneren aan de jaren dat in Haarlem-Noord twee clubs betaald voetbal speelden, op slechts enkele honderden meters van elkaar.


5. HFC Haarlem, Haarlem-stadion

De west-tribune en het scorebord zijn verdwenen, maar verder is het stadion van Haarlem aan de Jan Gijzenkade nog geheel intact, met tribunes aan drie van de vier zijden, de kantine op de bijvelden, de reclameborden, de lichtmasten en het gebouw waar de sponsors op wedstrijddagen bijeenkwamen. Gelukkig is ook het zicht op de karakteristieke kerk op de Rijksstraatweg, baken voor iedere supporter en (amateur)voetballer, onveranderd.


Het faillissement werd uitgesproken op 25 januari 2010. Haarlem had, eerlijk is eerlijk, in de laatste jaren van het bijna 125-jarige bestaan in de regio geen grote achterban meer. Toch was het einde schokkend, omdat de schuld relatief klein was en het verleden glorieus. In 1982 en 1984 eindigde Haarlem in de eredivisie op de vierde plaats.


Het stadion is overgenomen door een fusieclub, Haarlem-Kennemerland, die een moedige, maar tot mislukken gedoemde poging deed om de kleuren van de twee clubs, rood-blauw en oranje-zwart, te combineren. Niet iedereen in de stad is enthousiast over de fusieclub, maar het stadion staat er nog steeds - en daarmee ook het tastbare bewijs van de weergaloze optredens van Kick Smit en Ruud Gullit, Piet Groeneveld en Piet Keur en Wim Roosen en Martin Haar.


6. FC Hilversum / 't Gooi / SC Gooiland, Sportpark, Hilversum

Tegenwoordig heet het hier ArenaPark en het is precies wat je denkt: een verzameling kantoren in alle variëteiten. Volgens de site van het bedrijventerrein treffen we hier 'een oase van vernieuwende architectuur' aan. Onder meer Nike is hier gevestigd, op een passende locatie: naast de atletiekbaan.


Daar is ook moeiteloos een spoor te ontdekken dat terugvoert naar de jaren dat hier betaald voetbal werd gespeeld, een prachtige oude tribune uit 1920 met kenmerken van de Amsterdamse Stijl. De ontwerper is de beroemde architect Dudok. De tribune werd in 1996 en 2006 gerenoveerd, is een rijksmonument en is de oudste van Nederland.


7. HVC, later SC Amersfoort, Sportpark Birkhoven

De eerste steen van het schitterende clubhuis van de Amersfoortse Mixed Hockey Club is vorig jaar gelegd door een jonkvrouw, Tineke Geveke-Rengers Hora Siccama. Dat zegt wel iets. Het voetbal is verdwenen van sportpark Birkhoven. De voetbalvelden hebben plaatsgemaakt voor heel veel hockeyvelden.


In 1954 was HVC een van de clubs in de nieuwe profcompetitie. In 1973 werd de naam veranderd in Sportclub Amersfoort, in 1982 ging de club failliet en begon in dit lommerrijke deel van de stad - het Bosbad en Dierenpark Amersfoort liggen vlakbij - het hockey aan een onstuitbare opmars. Jarenlang maakte AMHC gebruik van een tot clubhuis verbouwde voetbaltribune, maar daar kwam vorig jaar een einde aan.


Op Sportpark Birkhoven herinnert nog slechts het gebouwtje met de kassahokjes aan de jaren van de legendarische sponsor, autohandelaar Ben Pon en spelers als Joop van Basten (de vader, ja), Bennie Marcus, Piet Schrijvers, Ronald Spelbos en Heinz Stuy. De oude kassahokjes zijn gelukkig fraai gerenoveerd en worden goed onderhouden. Het is niet veel, maar het is iets.


8. FC Wageningen, De Wageningse Berg, Wageningen

Aan de Generaal Foulkes-weg in Wageningen ligt een spookstadion. De doelen staan er nog, Frans van der Meer Autoservice biedt zich aan 'voor al uw nieuwe Nissans en gebruikte auto's', de dug-outs kunnen worden gebruikt en achter de hoofdtribune hangt een bord van party-restaurant De Berg. Op een deur heeft iemand 'hoeren' geschreven.


Elk moment kan Gerdo Hazelhekke (254 wedstrijden, 135 doelpunten) zijn tegenstander van zich af schudden en de bal in de bovenhoek schieten. In 1992 ging FC Wageningen failliet. Het stadion is twintig jaar later een bouwval, door vandalisme, zon, wind en regen, maar het is een vriendelijke bouwval, een ode aan het verleden.


Het is de bedoeling dat hier een 'Future Center' wordt gebouwd, wat dat ook moge zijn. Voor het zover is, onderhouden vrijwilligers het stadion. De Wageningse Berg is gewoonlijk gesloten, maar bezoekers kunnen hun komst aankondigen bij de bewoners Sander (06-243 321 85) of Linda (06-285 497 54).


Tip: ga op de middenstip staan, neem de tijd om rond te kijken en maak aansluitend een wandeling langs alle vier de tribunes.


Bij het schrijven van dit artikel is gebruikgemaakt van Het Stadioncomplex van Ferry Reurink. In het boek, in 2007 uitgegeven door De Arbeiderspers, worden alle stadions beschreven waar in Nederland sinds 1954 betaald voetbal is gespeeld.

Meer over