Toch wil ik nog proberen een ritje te kapen

'Een beetje bang voor het onbekende ben ik best. Maar ik ga 'm uitrijden hoor, die Tour. Daarvoor heb ik nu toch wel de power....

'In Zwitserland won ik een rit, toen hebben ze nog erg om me moeten lachen, want ik werd geïnterviewd op het podium en m'n Duits is niet zo geweldig. Het was een mooi succes en dan denk je toch: volgend jaar de Tour. Maar vorig jaar, op het NK, ben ik verschrikkelijk hard gevallen. Ik zat van top tot teen onder de schaafwonden. Hier, moet je zien, ik heb nog overal littekens.

'Dit seizoen ben ik er van het begin af aan ingevlogen. Ik moest en zou naar de Tour. Het ging goed. Ik won een rit in Murcia en, laatst nog, twee in Zweden. Maar belangrijker was dat ik vaak van voren reed in de semi-klassiekers en een enkele keer ook in de echte klassiekers. Er komt steeds meer macht in m'n benen. Als de grote mannen samenzitten kan ik er toch effe langs oprijden, van achteren naar voren, en dan nog even een jumpie plaatsen. Lekker gevoel.

'Ik dacht dat het wel goed zat met m'n selectie voor de Tour, maar toen Servais Knaven, m'n ploegmaat het NK won, heb ik 'm toch even geknepen. Ik dacht: Priem zal hem toch niet meenemen en mij thuislaten. Net nu ik aan de Tour toe ben.

'Dit is spannend, want wat gaat er allemaal op me afkomen. In de Tour fietsen de allerbesten van de wereld. Als ik hier goed kan rijden, dan hoor ik er echt bij.

'Gisteren, die proloog, dat was kolder. Ik vind het niet erg om zo laat te moeten rijden, want ik ben toch een avondmens. Maar het slaat nergens op. Je ligt de hele dag maar een beetje op je bed en hangt wat rond bij het parkoers. Dertig kilometer infietsen voor zeven kilometer koers, belachelijk.

'Vandaag had ik dikke poten, in het begin. Maar later draaide ik soepel. Als ploeg zouden we proberen Jesper Skibby in de sprint te lanceren, maar in de finale heb ik 'm nergens gezien. Later hoorde ik dat-ie is gevallen. Er waren veel valpartijen vandaag, zeiden ze. Ik heb er niets van gemerkt, want ik heb bijna de hele tijd van voren gezeten. Wel hoorde ik het soms kraken, een vreselijk geluid, dan weet je dat er een paar tegen de grond gaan.

'Ik heb zelf nog wat geprobeerd, maar vlak voor de finish was het: pang! Een klapband, achter, ik kon nog net overeind blijven. Toch ga ik het nog eens proberen, een ritje kapen. Het liefst de laatste, in Parijs. Dan win je en heb je 'm nog uitgereden ook.'

Jaap Visser

Meer over