Tips sterk wapen in strijd tegen bijstandsfraude

Drie miljoen gulden kost het onderzoek in Marokko en Turkije naar bijstandsfraude. Zo'n onderzoek begint vaak pas na tips van derden....

Het onderzoek naar bijstandsfraude in Marokko is onderdeel van een groter project waarvan veel wordt verwacht. Sinds september speuren Nederlandse ambtenaren niet alleen in Marokko, maar ook in Turkije naar bewijzen van illegaal vermogen. Later, stelt het ministerie van Sociale Zaken, komen ook andere landen in aanmerking, waaronder Suriname en de Nederlandse Antillen.

Uit een proef drie jaar geleden uitgevoerd door vijf Brabantse gemeenten, bleek een kwart van de onderzochte bijstandsgerechtigden van Turkse afkomst geen recht te hebben op een uitkering. Zij hadden vermogen of huizenbezit in hun moederland verzwegen. Op basis van dit onderzoek onder 348 personen vermoedt het ministerie een systematische vorm van bijstandsfraude. Om hoeveel geld het gaat, weet het departement niet.

Vorig jaar verdeelden 355 duizend Nederlanders ruim tien miljard gulden aan bijstandsuitkeringen. Welk deel daarvan naar Turkse en Marokkaanse landgenoten gaat, wordt niet geregistreerd. Bovendien kunnen ook autochtone bijstandsgerechtigden een huis aan de Golf van Izmir bezitten. Dat maakt systematisch onderzoek naar verzwegen buitenlands vermogen lastig.

De sociale recherche komt pas in actie zodra een 'redelijk vermoeden' van fraude bestaat. Die aanpak leverde tot nu toe zowel voor Turkije als voor Marokko 'enkele tientallen' dossiers op. Die gaan eerst naar een projectbureau in Den Bosch, waar vier specialisten controleren of voldoende gegevens beschikbaar zijn. Het heeft geen zin een ambassade-medewerker op pad te sturen als deze niet weet in welk gemeentelijk kadaster hij moet kijken.

De sociale diensten zijn voor hun onderzoek aangewezen op tips van derden en het buikgevoel van medewerkers. De sterkste aanwijzing voor fraude is een veelvuldig verblijf in het buitenland. Een bijstandsgerechtigde mag vier weken per jaar het land uit, mits vooraf gemeld. Wie langer wegblijft, of niet verschijnt op zijn afspraak, geldt als verdacht. Ook veel korte reisjes naar het moederland versterken het vermoeden van een tweede huisje.

Daarnaast zoeken medewerkers regelmatig in bankafschiften naar geldopnames in het buitenland. Die kunnen niet al te hoog zijn en bovendien moeten de data overeenkomen met van tevoren afgesproken vakantieperiodes. Verder wekken zogeheten witte fraudeurs en arbeidsongeschikte allochtonen sinds de proef in Brabant extra argwaan op, als het gaat over verzwegen vermogen.

In de tweede plaats trekt de sociale recherche anonieme tips na. Een gemeente als Den Haag ontvangt jaarlijks honderden aanwijzingen van derden. Van die tips blijven enkele tientallen over die concreet genoeg zijn om te onderzoeken.

Bijstandsgerechtigden die verzwijgen een buitenlands vermogen van meer dan twintigduizend gulden te hebben, kunnen hun uitkering verliezen of daarop worden gekort. Als de staat voor meer dan twaalfduizend gulden is gedupeerd, wordt tevens aangifte gedaan bij het Openbaar Ministerie.

Het grote probleem daarbij is het vaststellen van de waarde van buitenlands bezit, zegt de Rotterdamse fraude-onderzoeker A. Bloem. Volgens hem maakt veel verzwegen bezit de benodigde verblijfs-, tolk- en taxatiekosten niet eens goed. Het onderzoek in Marokko en Turkije kost drie miljoen gulden. Dat kan worden terugverdiend door beslag te leggen op het bezit van enkele grote fraudeurs. Zo bleek één bijstandsgerechtigde in Turkije eigenaar van een flat van zes verdiepingen.

Meer over