Theater canon

Ook de theaterwereld heeft nu een eigen canon, met daarin 49 gedenkwaardige gebeurtenissen.

HEIN JANSSEN

Het begint met de Gijsbreght in 1638 en gaat via de opening van Theater Carré (1887), de eerste one-man show van Toon Hermans (Voor u Eva, 1955) en de montagevoorstelling Bakeliet van Gerardjan Rijnders (1987) naar 2000: 'ISH danst op skates'. Ziedaar de Canon van het Theater in Nederland, die deze week wordt gepresenteerd door het Theater Instituut Nederland (TIN).

Na de sectoren geschiedenis, sport en televisie kon het niet lang uitblijven: ook het theater moest een canon krijgen. De lijst omvat 49 belangrijke gebeurtenissen die te samen de geschiedenis van het Nederlandse theater vertellen.

Die gebeurtenissen kunnen van alles zijn: een memorabele voorstelling (De Jantjes, een volksschets met zang en dans, 1920) of acteursprestatie (Louis Bouwmeester schittert als Shylock in Shakespeare's De koopman van Venetië, 1880), een bijzondere ontwikkeling (Koert Stuyf brengt radicale dansvernieuwing, 1964) of de oprichting van een gezelschap (Het Werktheater: een nieuwe manier van theatermaken, 1970).

De theatercanon is samengesteld door een groep van twintig deskundigen en door het TIN van een digitale versie met begeleidende tekst en illustraties voorzien. Een paar opmerkelijke items: 'Ramses Shaffy zingt Shaffy Chantant (1964)', 'Toni Boltini contracteert de amazone Valesca Wilke ((1958)', 'Het 'grijze boekje', een ontwerp voor het toneel na de oorlog (1943)', 'Jan Klaassen en Katrijn (bijna) dagelijks op de Dam (1893)' en 'Hollandia speelt Prometheus in een autosloperij (1989)'.

Het is een canon geworden in de breedste zin van het theater, want het TIN gaat niet alleen over toneel, maar ook over dans, opera, cabaret, musical, poppenspel, bewegingstheater en circus. Dat al die sectoren hun plaats in de canon opeisen, betekent dan ook dat een aantal belangrijke theatergebeurtenissen ontbreekt.

Wellicht dat het TIN via een openbare inschrijving binnenkort de nummer vijftig van de canon kan gaan invullen. Bijvoorbeeld: Ivo van Hove leidt Toneelgroep Amsterdam. Of Dirk Tanghe schrijft met Midsummernightsdream geschiedenis bij De Paardenkathedraal. Of Guy Cassiers regisseert bij het Ro Theater de vierdelige Proust-cyclus Op zoek naar de verloren tijd.

Drie voorbeelden die misschien net iets belangwekkender zijn dan 'Nieuwe media, concepten en werkwijzen in de Nederlandse dans (1979)' - een wat al te algemeen omschreven gebeurtenis, die de canon wel heeft gehaald.

Dat is overigens meteen het leuke van zo'n lijst: nagaan wat er wel in staat en wat niet, en waarom dan wel, of niet. Niettemin: De Gijsbreght, waarmee de canon begint, wordt vanaf 1 januari aanstaande weer gespeeld. En ISH danst nog steeds op skates.

undefined

Meer over