The Maccabees

Given To The Wild

Fiction/V2

2011 was geen spannend popjaar. Lang geleden dat er zo weinig goede Britse gitaarplaten verschenen, om maar iets te noemen, maar Given To The Wild, het derde album van The Maccabees, is een veelbelovende start van 2012.


De vanuit Brighton opererende band was lang een twijfelgeval: op het debuut Colour It In (2007) klonken ze springerig, maar ontbraken de liedjes die je nodig hebt om te beklijven. Rommelige optredens ook.


Twee albums later is er plaats voor ruimte en stilte in de muziek van The Maccabees: niet eerder bouwden ze hun songs zo zorgvuldig op, niet eerder durfden ze zo de tijd te nemen.


In het gelaagde Child of het meeslepende Forever I've Known hoor je een volwassen band, die zich liet inspireren door David Bowie en Kate Bush en bubbelende elektronica gedoseerd inzet.


The Maccabees lijken soms te lonken naar het publiek van Coldplay en Snow Patrol. Zo groot zullen ze niet worden (pakkende singles ontbreken opnieuw), maar een vol Paradiso (8 februari) zit erin.


Ester

Double Six/Munich

Het Deense duo The Raveonettes is er goed in: galmende noisepop zoals The Velvet Underground die uitvond, met naïeve, ijle melodieën die je haast gevoelsmatig als soundtrack van een film in grijstinten opvat.


In die hoek moeten we ook het album Ester van het Londense Trailer Trash Tracys plaatsen. Lelijke bandnaam, lelijke albumhoes, maar erg mooie muziek, die nog sterkere associaties met films van David Lynch oproept dan het werk van The Raveonettes: luister naar Candy Girl of Turkish Heights en je wandelt Twin Peaks binnen.


De galmende, lijzige vocalen van Suzanne Aztoria rusten niet zelden op een bed van synthetische beats. Het effect is van wonderlijke schoonheid. Niet alle composities zitten even strak in hun vel, maar de 'Tracys' hebben zelfkennis en realiseerden zich dat Ester zijn punt na 33 minuten overtuigend heeft gemaakt.


MP

Owls

Snowstar/Rough Trade

Het jaar is amper begonnen of de eerste Nederlandse prachtplaten zijn al binnen: de nieuwe Blaudzun, maar zeker ook Owls, het debuut van de band Luik, dat negen herfstige liedjes bevat, geschreven door de Rotterdamse spil van het gezelschap, Lukas Dikker.


Beheersing is hier het sleutelwoord. De muzikale omlijsting van de melancholieke songs wordt prachtig klein gehouden: zachte klanken van een elektrische gitaar, bescheiden bastonen, een ingehouden drumritme, soms vergeet je bijna dat je een band hoort en is er alleen melodie, een effect dat ook wordt bewerkstelligd door groepen als Low en het Nederlandse I Am Oak.


Wie Owls wil kopen moet nog heel even geduld hebben: de cd is vanaf 13 januari verkrijgbaar. Een dag later mag Luik zich aan het publiek presenteren tijdens Noorderslag, in de patiozaal van de Groninger Oosterpoort.


MP

Meer over