Terug naar het bijna lege huis van Hanny Michaelis

Nalatenschappen, het leegruimen van bureaus en huizen, prakkizeren wat behouden moet en wat weg kan, het is voor veel nabestaanden van schrijvers een overvol jaar geweest van sjouwen, schuiven en schenken....

Na hem zouden Adriaan Jaeggi, Kamiel Vanhole en Kees Fens nog sterven, en een stoet literatoren was hem vóórgegaan: Hugo Claus, Dirkje Kuik, Henk Romijn Meijer, Elisabeth Eybers, Jan Eijkelboom, Ed Leeflang, Jan Wolkers.

Iedereen was er nog, zou je haast denken, toen op 11 juni 2007 de dichteres Hanny Michaelis stierf. Laatst is haar grafsteen op de Joodse begraafplaats van Muiderberg onthuld. In de tussentijd heeft Nop Maas een prachtig bundeltje Nagelaten gedichten uitgebracht, dat snel was uitverkocht. Ter herdenking van Michaelis’ eerste sterfdag is er nu weer een klein-ood: Zonder een spoor van vrede, veertien gedichten en dagboekfragmenten die Maas uit de nalatenschap heeft gekozen (voor euro 5,- te bestellen via www.oorshop.nl). Vormgever Sander Pinkse heeft de teksten mooi gecombineerd met kleurenfoto’s die Michèle Baudet maakte van ‘het bijna lege appartement’ van Hanny Michaelis aan de Reguliersgracht.

Dat huis ken ik nog, van een bezoek in 1995, toen ik haar interviewde voor de krant. Een kale kamer, schreef Frida Vogels vorig jaar in Tirade, ‘gevat tussen een versleten grauwe mat en een afbladderend gelig plafond’, een kamer ‘die altijd onttakeld leek, op het punt ontruimd te worden’. Maar de immer pratende en rokende bewoonster vulde de ruimte met haar kleine gestalte.

Er is één ding erger dan een leeggehaald huis, en dat is een bijna leeggehaald huis. De foto’s van pannen, knijpers, de bakelieten lichtknop, bestek, het paar groene regenlaarzen, de piano met stapels partituren, kermen hun verweesdheid uit. De foto’s tonen een ‘onwezenlijk evenwicht/ zonder een spoor van vrede’. En dan die teksten, van een aangrijpende nuchterheid: ‘Inzicht biedt zelden uitkomst, ik kan niet anders dan mezelf zijn en dat betekent vereenzaming.’

Hanny hoopte niet op een voortleven van de ziel: ‘Dat zou een aardig gedrang in de hemel worden. En bovendien: al die rotzakken die er dan ook zijn.’

Meer over