Tekening geeft kunstenaar meer vrijheid dan schilderij

Helse wraakgeesten, gifgroene hydra's, demonen en mensmonsters: Dante's Goddelijke Komedie biedt een blik op een fantasievol meesterbrein uit de Middeleeuwen....

De worsteling met de rauwe werkelijkheid en moraal bijvoorbeeld. 'De rede is het beginsel waarop uw morele verantwoordelijkheid berust en waarvan uw verdiensten afhangen, naarmate gij goede of slechte liefde aanvaardt', citeert curator Meta Knol de reisleider van Dante, Vergilius. Laat het nou net met die rede weer een beetje gedaan zijn in de samenleving, net als toen. En dat zie je terug in de tekeningen van negen kunstenaars.

Op verschillende manieren lijken de tekeningen visuele braaksels van de kunstenaars: soms herken je iets uit de buitenwereld (Schleiffert, Klemann, Muskee), soms is er vooral beklemming (Cornelissen), soms angst en monsterlijke fantasie(Spaans), maar altijd persoonlijk. Het papier als print van de gedachten. 'Omdat alles anders is/kan alles wat de waarheid schijnt of erop lijkt/niet anders dan bedrog zijn', dichtte Hans Verhagen op verzoek van het museum bij een werk (Zonder titel, 2003) van Dieuwke Spaans. Lust en angst, aantrekking en afstoting, vermengen zich tussen de mensfiguren en monsterlijke honden die levensgroot van het papier afknallen.

Microkosmos was aanleiding voor de vier tentoonstellingen en een kinderpresentatie die het Centraal Museum voor de zomermaanden plande. Twee daarvan gaan over oude tekeningen, twee over hedendaagse. Conceptuele overeenkomsten zijn er nauwelijks en daar leek het de conservatoren ook niet om te doen. Maar o, wat een intimiteit in die kunstwerken! Of het nu om Maria gaat die Christus borstvoeding geeft, door Rafael getekend, of een meer dan levensgrote vrouw, naakt, lief en geil, met de mooiste borsten die ooit uit lijn zijn getekend, door Erik van Lieshout (1996). Het is alsof het medium de kunstenaar de vrijheid geeft om meer van zichzelf te laten zien dan in schilder-of videokunst.

Behalve Microkosmos hangen de drie tentoonstellingen in de lange ruimte van het Centraal Museum (de 'stallen'). Gescheiden van elkaar, maar voldoende dichtbij om heen en weer te kunnen lopen van de ene naar de andere tijd. De oudste tekeningen hangen in de leententoonstelling Van Rafael tot Poussin, een selectie van dertig tekeningen uit de collectie van het Nationalmuseum in Stockholm.

Hoe selecteer je dertig werken uit een wereldberoemde verzameling van 200 duizend tekeningen? Op je gevoel, heeft conservator Liesbeth Helmus gedacht. Het moet lastig geweest zijn, maar het is gelukt. De tentoonstelling is een soort hall of fame van meestertekeningen, die toch een prettig gevoel van willekeurigheid oproept. Je loopt van een blauw blad vol gezichten door Goltzius via Poussins dramatische Roof van Europa naar een onderonsje tussen de engel Gabrien God tijdens de Annunciatie door Guercino. Evan de hoogtepunten, en tegelijkertijd een (onbedoelde?) link naar de hedendaagse monsters, is een klein hondje van Pontormo, een oefeningetje voor de prachtige fresco's die hij in de Villa Medici in maakte (1519-1520).

De eigen collecie van het Centraal komt ook aan bod in de tentoonstellingWerken op Papier tot 1850. Bij de Utrecht-gerelateerde kunstenaars is de invloed van Italiaanse kunst goed zichtbaar. Van een Heilige Marcellinus met twee hoofden (omdat Abraham Bloemaert het toch nog even wilde veranderen) tot een Italiaans landschap van Andries Both bij veel werkjes verbaas je je over het felle licht dat de tekenaars met hun eenvoudige krijt hebben kunnen neerzetten.

Als er overeenkomst tussen de tekeningen is, dan is dat het gebrek aan abstractie. Wat je ook ziet, in de drukte van de krijt-en pennenlijnen zijn steeds weer figuren te ontwaren. Dingen die doen denken aan wat je kent, zonder ooit echt realistisch te zijn want dat staat de techniek niet toe. Des te dichter staan ze bij de gedachte van de kunstenaar. gfauteur

Meer over