Teheran is lachende derde bij anti-terrorismewet VS

De miljardentransactie van een consortium van energiebedrijven met Iran is de eerste grote testcase voor president Clintons 'strijd tegen het internationale terrorisme'....

Van onze correspondent

WASHINGTON

Kiest hij in zijn tot nu toe vergeefse pogingen Iran te isoleren voor de harde lijn en bestraft de Amerikaanse regering de betrokken ondernemingen, dan zijn conflicten met de Europese Unie, Rusland en Maleisië ondervermijdelijk. De drie ondernemingen - Total, Gazprom en Petronas - hebben nauwe connecties met hun regeringen. Bovendien is de weerzin in Europa tegen het extraterritoriale karakter van de Amerikaanse wetgeving groot.

Besluit de president geen of hele lichte maatregelen te nemen tegen de energiebedrijven, dan krijgt hij in de aanloop naar het verkiezingsjaar 1998 een groot conflict met het door Republikeinen gedomineerde Congres. De 'Iran-Libya Sanctions Act' van de Republikeinse senator D'Amato, die de anti-Cubawet van senator Helms kopieerde, kreeg in het Congres brede steun.

De luidruchtige D'Amato, die volgend jaar opnieuw verkozen wil worden, zal zich beslist niet neerleggen bij een knieval van Clinton. Er wonen in zijn New Yorkse kiesdistricten maar weinig Fransen en een aanzienlijk aantal Amerikaanse joden. En hoewel impopulair bij zijn Republikeinse collega's, kan D'Amato toch rekenen op hun steun bij het afdwingen van de wetgeving.

Trouwens, Clinton zelf ondertekende in 1996 D'Amato's wet met volle overtuiging en de belofte 'alles te zullen doen Iran te isoleren zolang dat land terrorisme sponsort'. Als hij gebruik maakt van zijn recht sancties tegen Total op te schorten dan zal dat in Iran en in het Amerikaanse Congres worden uitgelegd als een teken van zwakte. De wet blijft dan een futiel wapen en Clintonsgloedvolle speeches tegen het internationale terrorisme zullen als luchtballonnen worden doorgeprikt.

Het Witte Huis is zich bewust van de dilemma's en heeft tot nu toe zorgvuldig vermeden stelling te nemen. Minister van Buitenlandse Zaken Albright heeft enige stevige uitspraken gedaan, maar zij was niet geautoriseerd sancties aan te kondigen of uit te stellen. In plaats daarvan heeft Clinton het koele brein van onderminister van Buitenlandse Zaken, Stuart Eizenstat, ingeschakeld. Als er gevoeligeproblemen zijn met Europa (Helms-Burton, het Zwitserse goud) dan functioneert de briljante Eizenstat als Clintons 'trouble-shooter'.

Eizenstat, de voormalige Amerikaanse ambassadeur bij de Europese Unie in Brussel, moet onderzoeken of met Frankrijk een diplomatiek vergelijk mogelijk is. Een mogelijke optie is dat Clinton de miljardendeal door de vingers ziet in ruil voor een krachtiger optreden van de EU tegen Iran en Libië. James Rubin, de woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken, suggeerde gisteren dat Frankrijk zijn invloed moet aanwenden bij de nieuwe Iraanse Mohammed Khatami. Als de Iraanse regering 'haar gedrag verbetert', dan zijn de VS bereid sancties op te schorten.

Het is de vraag of Eizenstat met Frankrijk (en de Europese Unie) tot een vergelijk kan komen. De Europese Unie en de Verenigde Staten denken wezenlijk verschillend over Iran en de D'Amato-wet. Voor de Amerikanen is de investeringsovereenkomst van Total een nederlaag in de strijd tegen het internationale terrorisme.

Eizenstat en Clinton moeten met tastbare resultaten komen, wil het Congres dat vrijwel eensgezind is, tevreden worden gesteld. De nucleaire wapenprogramma's van Iran, de steun aan terroristische groepen en de destabiliserende activiteiten van Iraanse diplomaten worden beschouwd als ernstige bedreigingen voor Amerikaanse belangen. Geen congreslid dat daar lichtover denkt, zeker niet in een verkiezingsjaar.

Sinds het Mykonos-proces in Berlijn, waarin werd vastgesteld dat Iraanse agenten verantwoordelijk waren voor de moord op Iraanse Koerden in Duitsland, en de belastende rapporten van de CIA en de Britse inlichtingendienst MI5 over het Iraanse nucleaire programma, denken Europese regeringen anders en aanzienlijk kritischer over Iran.

Maar in plaats van economisch isolement kiest de EU voor de 'kritische dialoog' en het 'economisch engagement', waarvan overigens de resultaten nog moeten worden afgewacht. In de VS wordt deze strategie beschouwd als een dekmantel voor de Franse en Duitse investeringen in Iran.

De lidstaten zijn echter eensgezind in hun verzet tegen het wereldwijde karakter van de Amerikaanse sanctiewet van D'Amato. Niet-Amerikaanse bedrijven en onderdanen kunnen in de VS worden bestraft voor hun handelingen en investeringen buiten Amerika.

Het transatlantische debat gaat daardoor niet meer over Iran maar over het recht van soevereine staten zich met elkaars bedrijven en onderdanen te bemoeien. In die steeds venijniger wordende discussie kunnen koele breinen als Eizenstat en Leon Brittan tijdelijke wapenstilstanden forceren, maar niet meer dan dat. De kloof is onoverbrugbaar.

Iran kan intussen terugblikken op een indrukwekkende prestatie. Teheran ziet de miljarden binnenstromen - zestig andere bedrijven willen het voorbeeld van Total en Gazprom volgen - en kijkt op afstand toe hoe de VS en de Europese Unie de diplomatieke en jurdische worsteling met elkaar voortzetten.

Oscar Garschagen

Meer over