Te veel of weinig kleding maakt Crave dramatisch

Theater..

Net als je ogen enigszins gewend zijn aan de duisternis gaat het lichteven aan. Fel licht, waartegen je moet knipperen, waardoor je de vierpersonages op het podium nog nauwelijks ziet. En opnieuw is alles donker.En plots weer verlicht. Het is geen prettige gewaarwording en hoewelniemand iets zegt, vrees je dat die stilte al heel snel op oorverdovendewijze zal worden verbroken. Dat gebeurt pas enige tijd later, maar hetdreigende gevoel van naderende ellende blijft vanaf dit sterke begin overde hele voorstelling hangen.

Theatergezelschap Teatro speelt Crave. 'Ik kan dit niet nóg eenshebben', zegt een van bovengenoemde vier op zeker moment en in die kortezin lijkt de wanhoop van de Britse toneelschrijfster Sarah Kane beslotente liggen, diepe wanhoop die ze via haar stukken naar buiten liet piepen.Geen pathetische dramatiek, gewoon een zinnetje dat je zo maar iemand kunthoren zeggen in de bus, of bij de kapper. Voor Kane was het menens. Op28-jarige leeftijd maakte ze in 1999 een einde aan haar leven, juist voorde première van haar vijfde stuk (4.48 Psychosis). Uit de korte krachtigezinnen waaruit Crave (uit 1998) is opgebouwd, kun je stukje bij beetjedistilleren waarom de schrijfster het leven als ondraaglijk was gaanvoelen.

Crave is eigenlijk vooral een strijd tegen dat gevoel, een gevecht metdemonen van iemand die hunkert naar liefde, naar een leven dat niet wordtgedomineerd door angst, schuldgevoelens en zelfhaat. De vier personagesverwoorden het gevecht: ze praten, niet zozeer met elkaar als wel tegenelkaar; in flarden, die naarmate de voorstelling vordert, steeds meersamenhang vertonen, op elkaar passen en duidelijkheid scheppen. Contourenvan een ongelukkige jeugd tekenen zich af, ruziënde ouders, eenzaamheid,een nare seksuele ervaring op jonge leeftijd.

De vier spelers onder regie van Marcus Azzini weten die emoties engedachten indringend weer te geven. Ze staan in een benepen, helverlichteruimte die nog het meest heeft van een ambulante behandelkamer(Teatro-vormgever Dries Verhoeven tekende ervoor). Ze kunnen nergens heen;de een is nauwelijks gekleed, de ander heeft veel te veel aan.Ongemakkelijk, misplaatst, ongelukkig - maar nog niet bereid zich hier zomaar bij neer te leggen.

Indrukwekkend in deze context, zowel qua tekst als uitvoering, is demonoloog van Sanne den Hartogh (samen met Astrid van Eck te gast bijTeatro-kern Stefan Rokebrand en Kirsten Mulder) over liefhebben en wat jeal niet voor je lief zou willen doen. Kledingstuk over kledingstuk heefthij aangetrokken en als een wankel Michelin-mannetje staat hij daar, hevigzwetend, te vertellen hoe houden-van zou moeten zijn. Maar helaas.

'Je bent niet slecht, je denkt gewoon te veel', zegt een van de stemmenergens, troostend. En even later: 'Doorgaan!' Maar het wanhoopsduiveltjeis sterk. Dat hoor je, als die langverwachte schreeuw dan eindelijkoorverdovend op klinkt.

Karin Veraart

Meer over