Tata tussen Mokro's

Het bericht dat de meester ontslag heeft genomen en een jaar in Marokko gaat wonen, stuit op ongeloof bij zijn leerlingen....

In Marokko ben ik nog niet, maar ik ben onderweg. Het is nog maar kortgeleden dat ik tegen mijn leerlingen heb gezegd dat ik ontslag genomen heb,om in Marokko te gaan wonen, voor een jaar.

In Marokko?

Er was niemand die dat geloofde. Waarom zou iemand in Marokko willenwonen?

Pas toen ik het een dag later herhaalde, jongens, jullie weten dat ikover drie weken weg ben hè, dat ik naar Marokko ga? Pas toen begonnen deeerste leerlingen zich af te vragen of ik het misschien meende.

'U gaat echt in Marokko wonen, meester?', vroeg de 14-jarige Metin, eenTurk met blauwe ogen die altijd vlak voor mij zit.

Metin en ik kennen elkaar ruim twee jaar, vooral vorig jaar is er tussenons een band ontstaan.

Het eerste jaar, als brugklasser, was hij een wat teruggetrokken jongen,in de klas hoorde je hem maar zelden, misschien had dat ook te maken methet feit dat hij als een van de weinigen nog maar een paar jaar inNederland was, en het Nederlands nog niet foutloos sprak.

In de tweede klas groeide Metin bijna zienderogen, en groeide ook zijnzelfvertrouwen. Hij liet zich door andere leerlingen niets meer zeggen enook als die leerlingen iets over hem zeiden, tegen mij, liet hij nooit nadaar stante pede op te reageren: 'Wat lieg je Turk! Waarom praat je overmij!'

Bij dat soort gelegenheden noemde de Turkse Metin leerlingen steevast'Turk', ongeacht waar ze vandaan kwamen, ja of het nu Blakka's (zwarten)of Mokro's (Marokkanen) waren, ze waren voor Metin Turk.

Misschien dat hij een Tata (Nederlander) niet zo had genoemd, dat weetik niet, er zitten nauwelijks Tata's bij ons op school, misschien betekende'Turk' voor Metin gewoon allochtoon.

'U moet niet naar Marokko gaan meester, u moet in Turkije gaan wonen.U bent daar geweest toch! U weet toch hoe mooi het daar is? Waarom gaat uniet in Turkije wonen meester?'

Zelf had ik er nog niet eens bij stilgestaan dat ik de Turkse leerlingenwel eens zou kunnen teleurstellen met mijn besluit in Marokko te gaanwonen.

'Maar ik wil graag Arabisch leren Metin, dat kan niet in Turkije...'

Al was het waar, het klonk zwak en misschien voelde Metin dat ook. Hijbleef proberen mij over te halen, dat ik veel beter Turks kon leren, datik daar meer aan had, Turkije ging toch een Europees land worden!Bovendien, in Marokko zou ik het toch niet lang volhouden, die Mokro'szouden mij zeker parra maken, ik kende de Mokro's toch.

Ik vermoed dat parra afkomstig is van paranoïde. Voor mijn leerlingenin ieder geval is parra een heel gewoon woord, het betekent 'gek' in de zinvan: ik word gek van je gezeur, een soort mengsel van boos en geïrriteerd,misschien komt 'opgefokt' er nog het dichtst bij.

Ja, ik kende de Mokro's inmiddels wel, ik heb er in de loop der jarentientallen, zo niet honderden in de klas gehad. Parra hebben ze mij zeldengemaakt, integendeel, ik heb de meesten altijd erg aardig gevonden. Zelfsde jongens aan wie in een oogopslag te zien was dat ze niet deugden, blekenvoor mij in de klas aardige jongens.

Daarbuiten, tegen anderen die ze niet kenden, waren ze vermoedelijkminder aardig.

Ik probeerde Metin uit te leggen dat ook dat voor mij een reden was omnaar Marokko te gaan: 'We hebben hier in Nederland minder problemen metTurken dan met Marokkanen. Het kan geen kwaad meer over ze te weten tekomen.'

Ik weet niet of Metin mij hier begreep. De Marokkaanse Abdel kwam erbijstaan, Abdel die 14 jaar is, een jongen met een leuk gezicht maar met eenkapsel zo verschrikkelijk ordinair, hoe kan ie het zichzelf aandoen. Alsbrug- en tweedeklasser knipte hij zijn haar gewoon kort, dat stond hemgoed, nu laat hij het alleen aan de zijkanten van zijn hoofd wegscheren.

Abdel is zo'n jongen die zich op straat in gezelschap van vriendenregelmatig misdraagt, een jongen zonder vader, een jongen ook die als ikhem zou zeggen dat ik graag een i-pod wilde kopen onmiddellijk zouantwoorden dat hij er een voor mij zou hosselen (regelen, versieren),'morgen heb ik hem voor u meester'. Hij zou hem morgen dan ook hebben,misschien een nieuwe, misschien een tweedehands, sowieso tegen sterkgereduceerde prijs.

Abdel heeft wel flair, hij is het type van de player. Hij hangt half opmijn bureau, ongeveer zoals een diva op een piano, en zegt: 'Je gaat jedaar vervelen meester, wat ga je daar in Marokko doen? Het is daar kapotsaai.'

Abdel is in Amsterdam geboren maar zijn familie komt uit Tetouan, nietver van Tanger, de zomervakanties brengt hij daar door. De eerste twee,drie weken is dat leuk, zegt hij, iedere dag naar het strand, 's avonds metvrienden rondlopen in de stad, maar na de derde week wordt het eentonig enwil hij er weg.

Dan wil je weer terug naar Nederland? vraag ik.

'Wat moet ik daar langer meester. Tetouan is droog. Amsterdam is beter.'

Tetouan, ja heel Marokko is droog, saai.

Voor Abdel, meer Amsterdammer dan Marokkaan.

Voor mij voorlopig niet.

Meer over