Tastende theoreticus

De nieuwe directeur van het Film Festival' in elk geval voor deze editie - is Rutger Wolfson, die ook aan het hoofd staat van museum De Vleeshal in Middelburg....

Het was een wat slungelachtige jongeman in een versleten spijkerbroek en een oude leren jas, het hoofdhaar tot op de bovenarmen, die ergens aan het begin van de jaren negentig zijn opwachting maakte bij het kantoor van het International Film Festival Rotterdam aan het Schouwburgplein. De student Kunst' en Cultuurwetenschappen aan de Erasmus Universiteit was op zoek naar een stageplaats, het invoeren van data in de computer. Toenmalig adjunct-directeur Sandra den Hamer kan het zich niet meer herinneren, maar ze zou de sollicitant destijds hebben voorgehouden dat ie wel meer in zijn mars had dan een bestaan als typist. Kandidaat afgewezen.

Ruim vijftien jaar later, in juni 2007, steekt Rutger Wolfson - 37 inmiddels, het haar korter maar nog voorbij de oren, de kleding netter maar nog altijd casual - als bestuurslid van het festival zelf zijn vinger op: wij zoeken een nieuwe directeur, ik ben geïnteresseerd en beschikbaar. Voor Den Hamer, die na een directeurschap van zeven jaar naar het Filmmuseum vertrok, is het geen verrassing. Ze had het eerder tegen hem gezegd: je zou een goeie zijn. Eind augustus kandidaat benoemd - zij het voor deze ene editie; zijn huidige functie, directeur van het museum voor moderne kunst De Vleeshal in Middelburg, geeft hij niet op.

Het was een benoeming die met argwaan werd begroet. Het festivaldirecteurschap hoort geen bijbaan te zijn. Wat moet het evenement met een tussenpaus, zeker nu de positie sterk onder druk staat; ook de grote festivals in Europa bieden een podium aan vernieuwende cinema. De scepsis trof ook de persoon: heeft Wolfson wel verstand van film, heeft hij er überhaupt affiniteit mee? De gedroomde opvolger van Den Hamer was niet gevonden. Volgens het profiel had die een groot kenner van het vak moeten zijn en beschikken over een netwerk in het mondiale circuit. En - Wolfson gaf het onmiddellijk zelf toe - die bagage heeft hij niet.

IFFR-voorzitter Melle Daamen maakt zich geen zorgen. 'Rutger is een generalist, hij heeft affiniteit met kunst.' Vorige maand was een eerste presentatie van het programma. 'Hij noemde al namen waar ik zelf nog nooit van had gehoord. Zo ken ik hem: hij kan zich snel materie eigen maken.' Den Hamer: 'Wat telt op die positie is visie en smaak. Die heeft hij.'

Zou het hem wat hebben gedaan, die argwaan? Publicist Bas Heijne, met wie Wolfson sinds de samenstelling van een boek over kunstenaar Krijn de Koning bevriend is: 'Ik denk dat hij het begrijpt. Ik denk ook dat hij snel wil bewijzen dat het onzin is.'

Film heeft in de aanloop naar zijn directeurschap een beperkte rol gespeeld. Als bestuurslid van het IFFR - waar hij in 2003 was binnengehaald op voorspraak van onder anderen oud-bestuursvoorzitter Felix Rottenberg - profileerde hij zich vooral met een oordeel over de aan het festival gelieerde tentoonstellingen. Hoe dat ging? Daamen: 'Solidair kritisch.' Den Hamer: 'Buitengewoon betrokken.'

Rutger is bioscoopganger, maar hij gaat niet met hoge frequentie, vertellen kennissen. Geïnteresseerd in het oeuvre van David Cronenberg, aartsvader van de body horror met films als The Fly en Naked Lunch; hij houdt het meest van Videodrome en eXistenZ. Een voorkeur voor acteurs die ontspoorde types spelen, zoals Harvey Keitel en Christopher Walken.

'Rutger is geen cinefiel', zegt directeur van het Haus der Kunst in München, de Vlaming Chris Dercon. Hij leidde het centrum voor hedendaagse kunst Witte de With in Rotterdam, toen Wolfson daar als stagiair binnenkwam. 'Maar het genre is hem niet vreemd. Destijds waren er veel experimenten met video- en filmprojecties. Maar goed, hij zal nu moeten gaan weten dat Fritz Lang ouder is dan Alexander Kluge die weer ouder is dan Wim Wenders die weer veel ouder is dan Romuald Karmakar en Christian Petzold.'

Niemand in zijn omgeving zal tegenspreken dat de ware passie vooral bij de beeldende kunst ligt. Die begeestering viel vroeg op. Wolfson was nog geen 30, toen staatssecretaris Rick van der Ploeg hem tipte als opvolger van Rudi Fuchs in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Hij organiseerde goed ontvangen tentoonstellingen - eerst als curator in Witte de With, vanaf 2000 als directeur van De Vleeshal - al is het volgens critici de laatste jaren wel minder spraakmakend. De rode draad: raakvlakken met disciplines buiten de kunst. Hij haalde onder meer vj's en skaters in huis - musea zouden in zijn optiek veel meer moeten inspelen op culturele fenomenen uit de samenleving.

Vanuit de Zeeuwse periferie probeerde hij met de essaybundel Kunst in Crisis debat over de toekomst van de instellingen op gang te brengen - het moest niet blijven bij verzamelen, bewaren, tonen en onderzoeken. Dit jaar publiceerde hij de beschouwing Het Museum als plek voor ideeën, waarbij hij betoogt dat de sector niet uitsluitend het kunsthistorisch perspectief moet hanteren.

De bewegingen leverden hem onder collega's weinig applaus op. Skaters in het museum? Best, maar niet bij ons. Bas Heijne: 'Het waren voorspelbare reacties. Maar Rutger is niet snel ontdaan. Hij wil echt iets teweeg brengen. Maar hij is geen macho die direct de megafoon grijpt. Hij werpt meer iets op dan dat hij iets poneert. Let maar op: over tien jaar doen de musea wat hij nu betoogt.'

Valentijn Byvanck, als directeur van het Zeeuws Museum geregeld in overleg met Wolfson: 'Rutger is een ideeënman, en hij gebruikt anderen als klankbord.' Melle Daamen: ¿Hij heeft een wat nonchalante uitstraling - je zou hem de Matthijs van Nieuwkerk van Rotterdam kunnen noemen. Hij lijkt ongevaarlijker dan hij is. Hij is een beetje een wolf in schaapskleren.'

De programmeurs van het festival ' bestuurders van koninkrijkjes, meldt de buitenwacht - hebben er kennis mee gemaakt: het accent op de Free Radicals, eigenzinnige makers met rauwe, energieke producties, komt uit zijn koker. Sandra den Hamer: 'Het is te prijzen dat hij gelijk een handtekening zet.'

Dat de artist in focus Cameron Jamie is, een Amerikaanse kunstenaar die met verschillende mediavormen werkt, kreeg een wat meesmuilende ontvangst - Wolfson had hem al naar Middelburg gehaald, met als omlijsting de grungeband The Melvins, die nu ook weer in Rotterdam wordt verwacht; waar zit de vernieuwing?

Wie hem kent is minder schamper. Dit past bij Rutger: iemand die hij waardeert kan op zijn loyaliteit rekenen. Er duiken wel meer namen geregeld in zijn omgeving op: op de biënnale van São Paulo ontdekte hij bijvoorbeeld de Braziliaanse kunstenares Ana Maria Tavares. Hij liet haar exposeren in De Vleeshal, en later ontwierp ze een kunstwerk voor een plein aan een gerenoveerd winkelcentrum in Middelburg - dat er als gevolg van verzet door omwonenden niet kwam. Bas Heijne: 'Je mag toch iemand goed vinden? Rudi Fuchs ontdekt ook niet elk jaar een nieuwe lichting kunstenaars.'

In zijn ouderlijk huis komt de familie er ook snel achter waar het hart van Rutger ligt. Zijn vader, Dik Wolfson, emeritus hoogleraar economische politiek en oud-Eerste Kamerlid voor de PvdA: 'We waren een keer op bezoek in het Van Gogh Museum. Hij was 4 jaar en niet weg te slaan bij een schilderij van Van Gogh met oude schoenen. Op de lagere school had hij een periode Mondriaan, het abstracte werk. Zijn zus heeft nog een keer een beddensprei voor hem gemaakt met zo'n motief. Daar heeft hij nog lang onder gelegen.'

Tekenen is een talent. 'Hij schilderde zelf, van die woeste doeken, met brede kwast. Aan het eind van de middelbare school kreeg hij het advies om naar de kunstacademie te gaan. Maar Rutger vond zichzelf niet goed genoeg.'

Er ontwikkelt zich snel een tweede liefde: die voor muziek. Wolfson drumt, en speelt halverwege de jaren negentig in de Rotterdamse groep Else Böhler, genoemd naar Vestdijks roman, Else Böhler, Duits dienstmeisje. Zo'n 2,5 jaar repeteert het trio in de muffe kelder van een drukkerij, resulterend in twee optredens; in een cafeetje en het poppodium Rotown. 'Doemrock was het', blikt zanger-gitarist Martin Docters van Leeuwen terug. 'Maar ook breekbare liedjes. Het was niet alleen spelen, het waren ook lange gesprekken over kunst, en de intentie van de nummers.' Wolfson was een 'fijngevoelige' slagwerker, op zoek naar 'functionele fills'.

Michel Greeve werkt in platenwinkel Plato aan de Meent, als dezelfde slungelachtige jongeman die zich had aangeboden bij het IFFR, als parttime verkoper zijn entree maakt. 'Het klikte meteen. We hadden dezelfde smaak. Captain Beefheart, Radio Birdman. Dinosaur jr.' Als ze Nick Cave's Do You Love Me draaien, dansen ze achter de balie, het dreinende refrein meezingend: Do You Love Me (7x), Like I Love You.

Greeve: 'Rutger is welopgevoed. Zo praat hij ook. Daarom vond ik het destijds een verademing te ontdekken dat het bij hem thuis zo'n puinhoop was. Wel gezellig. Potje koken. Plaatje draaien. We doen het eigenlijk nog steeds.'

Hij kwam in december 1969 als nakomertje achter twee zussen ter wereld in Monrovia, Liberia, waar Dik Wolfson vertegenwoordiger was voor het Internationaal Monetair Fonds. Een half jaar later keerde het gezin terug naar Nederland, naar Voorburg, om later naar Rotterdam te verhuizen.

'Rotterdam is zijn stad', zegt zijn vader. ‘Hij is van het soort dat onwel wordt in Amsterdam. PC Hooft, de grachtengordel; het is niet zijn stijl. Hier zit zijn netwerk, hier vindt hij met zijn ogen dicht de weg.'

Als hij in 1993 stage gaat lopen in Witte de With, zit Paul van Gennip, de huidige adjunct, er al. 'Zijn studie ging over doelgroepen en management en marketing, maar je zag al heel snel dat hij veel meer met de kunst zelf had. Hij dook er vol overgave in.' Chris Dercon: 'Hij was niet bang voor theoretiseren; dat is een zeldzame eigenschap.' Bij Dercons opvolger, Bartomeu Mari, kan hij minder zijn ei kwijt, en in 2000 wordt hij directeur van de Stichting Beeldende Kunst in Middelburg.

Daar zouden betrokkenen hem met lede ogen zien vertrekken. Wethouder van Cultuur Frank Streng: 'Hij oogstte landelijk waardering. En hij begrijpt de kwetsbaarheden hier. Altijd neemt hij tijd voor uitleg.'

Zal hij uiteindelijk kiezen voor zijn stad? Vader Wolfson: 'Hij zegt dat-ie veel te druk is om daarover na te denken. Bas Heijne: 'Als het in Rotterdam goed uitpakt, smaakt het naar meer. Maar ik vind dat wat hij met zijn publicaties heeft losgemaakt niet mag loslaten. Als je een steen in de vijver gooit, moet je ook de rimpelingen blijven volgen.' Melle Daamen: 'Als hij wil, is hij straks een van de kandidaten.' |

Meer over