Tanende steun voor hulp aan de ‘allerarmsten’ vk.tv

Over sommige onderwerpen is de Haagse politiek het (bijna) Kamerbreed met zichzelf eens. Dat zijn vaak gevoelige kwesties waarover maar liever gezwegen wordt – Haagse taboes dus....

DEN HAAG ‘Meneer Koenders, heeft u vandaag al een duik genomen in uw geld?’ Met die vraag werd de PvdA-minister voor Ontwikkelingssamenwerking onlangs overrompeld door De Telegraaf. Na campagnes tegen het ‘automobilistje pesten’ richt de krant van wakker Nederland nu zijn pijlen op de miljardenhulp aan ontwikkelingslanden en, vooral, de daarbij behorende geldverspilling door ‘Rooie Dagobert’.

Zo onverwoestbaar als Donald Duck, het stripblad waarin de schatrijke eend Dagobert letterlijk zwemt in het geld, zo vanzelfsprekend is het dat Nederland jaar in, jaar uit in de top staat van goedgeefse rijke landen. De politiek heeft ontwikkelingssamenwerking ‘heilig verklaard’, zoals een oud-diplomaat het uitdrukt.

Geen kabinet tornt aan het internationale streefcijfer (rijke landen moeten ten minste 0,7 procent van hun nationale inkomen afstaan), dat al in 1970 werd vastgesteld door een VN-commissie onder leiding van de Nederlandse econoom, en latere Nobelprijswinnaar, Jan Tinbergen. De laatste tien jaar trekt Nederland zelfs 0,8 procent uit voor ontwikkelingssamenwerking (OS). Dankzij de economische groei kunnen opeenvolgende ministers jaarlijks meer besteden; Koenders heeft een kleine 5 miljard euro ter beschikking.

Maar de publieke steun is tanende, blijkens opiniepeilingen. In 2004 vond nog 80 procent van de Nederlanders dat het miljardenbudget niet omlaag mag. Vorig jaar noemde een meerderheid van 60 procent de uitgaven te hoog. Ook groeit de twijfel over het nut van ontwikkelingssamenwerking. Het is toch nog steeds kommer en kwel in Afrika?

De nieuwe populistische partijen, de PVV van Wilders en TON van Verdonk, spelen hier gretig op in. Verdonk wil het budget van Koenders korten met tweederde, en het vrijkomende geld besteden aan hogere salarissen voor leraren, verpleegkundigen en politiemensen. Wilders bepleit afschaffing van OS, ‘behoudens noodhulp’. Het belastinggeld moet terug naar de burger, die vervolgens een goed doel kan uitzoeken of het kan uitgeven aan een weekendje Barcelona (een huishouden is dit jaar zo’n 680 euro kwijt aan OS).

De VVD, bezorgd over de concurrentie op rechts, wordt steeds kritischer. Maar, verzucht Kamerlid Arend Jan Boekestijn, ‘voor CDA en PvdA is verlaging van het budget volstrekt onbespreekbaar’. En één van die partijen zit altijd wel in een kabinet. Ook wijst Boekestijn op de macht van ontwikkelingsorganisaties als Novib en Cordaid, die een groot deel van het overheidsbudget opslokken. ‘Vergelijk het met de invloed van de boerenlobby.’

CDA-coryfee Hans Hillen beaamt: ‘Er bestaat een enorme gêne in mijn partij om het ontwikkelingsbudget ter discussie te stellen. Het is inderdaad een taboe.’ De achterban klom al boos in de pen nadat, in het eerste kabinet-Balkenende, de minister voor OS was gedegradeerd tot staatssecretaris.

Net als de VVD pleit voormalig Eerste Kamerlid Hillen ervoor een deel van Koenders’ budget over te hevelen naar het ministerie van Defensie. Temeer daar het kabinet er prat op gaat dat Defensie, Buitenlandse Zaken en OS steeds nauwer samen optrekken – zie Uruzgan. De hulp aan arme landen blijft buiten ‘het jaarlijkse loven en bieden’ over de rijksbegroting, terwijl de minister van Defensie ‘gewoon een nummertje moet trekken bij de minister van Financiën’. En dan legt Defensie het af tegen kinderopvang, probleemwijken en onderwijs, aldus Hillen.

Minister Koenders ‘denkt er niet over’ om geld af te staan aan Defensie, ‘ten koste van de allerarmsten in de wereld’. En hij weet zich gesteund door de Kamer.

Vanwaar de onaantastbaarheid van ontwikkelingssamenwerking? Sla er onderzoek op na, vraag het politici en ontwikkelingsexperts, en je komt uit op een combinatie van collectieve schuldgevoelens, de zogeheten volksaard, en welbegrepen eigenbelang.

De vooroorlogse minister-president Dirk Jan de Geer (CHU, een van de voorlopers van het CDA) zei dat Nederland ‘een lichttoren’ in de wereld moest zijn. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw raakte het begrip ‘Nederland gidsland’ in zwang. Onder PvdA’er Pronk in zijn eerste ministersschap (1973-‘77) kreeg hulp een ideologische lading: ‘herverdeling van macht en rijkdom in de wereld’.

Oud-diplomaat Ferdinand van Dam, geen fan van Pronk, schreef: ‘Wie hier (in Nederland, red.) woont, wil en zal de wereld naar zijn ideaal hervormen.’ En vlak het calvinisme niet uit, zegt Hillen: ‘Niet voor niets staat Nederland met enkele Scandinavische landen aan de top van donorlanden.’

Waar die landen geen koloniaal verleden van betekenis hebben, wordt Nederland volgens Hillen ook nog achtervolgd ‘door schaamte, het gevoel dat we iets recht te zetten hebben’. Boekestijn (VVD): ‘We zijn een land dat zich beter voelt als we goede daden doen. Noem het morele zelfbevrediging.’

Maar economische en politieke belangen waren ook in het geding. Via ontwikkelingshulp wilde Nederland aanvankelijk invloed houden in Indonesië, konden later nieuwe afzetmarkten worden aangeboord, en kreeg Nederland uiteindelijk de prestigieuze status van ’s werelds ‘hulpgever nummer één’. Dan kun je als minister voor OS menig presidentieel paleis betreden.

Tegenover de internationale waardering staat het afbrokkelend draagvlak in eigen land. Volgens de Nationale Commissie voor Ontwikkelingssamenwerking en Duurzame Ontwikkeling (NCDO) worden de overheid en traditionele hulporganisaties ‘door het brede publiek niet meer serieus genomen’. Steeds meer burgers ondernemen iets op eigen houtje. Een Haagse dame sticht een weeshuis in Sri Lanka, inwoners van Venlo bouwen een school in Kenia. ‘Doe-het-zelvers’ worden ze genoemd.

Volgens publicist Stan Termeer, oud-ambtenaar bij OS, moet de overheid conclusies trekken uit de privatisering van de hulp: ‘Als we niet oppassen valt, na het demasqué van de multiculturele samenleving, het poldermodel en de Europese samenwerking, ook ontwikkelingssamenwerking van zijn publieke voetstuk.’

Meer over