TAMTAM als handelsmerk

Zijn droeve, zachte kant als filmer maakte op zijn website plaats voor harde, bitse streken...

Door Eric Arends en Ronald Ockhuysen

Theo van Gogh was een man met veel vrienden en nog meer vijanden. Hij gold als een talentvol filmmaker, maar maakte vooral furore als provocateur. Zijn onbehouwen aanpak stond zijn boodschap met grote regelmaat in de weg.

'Wie had dat gedacht: staan wij hier gebukt voor die letterknecht van de Volkskrant!', riep afgelopen vrijdag quasi-verbaasd, terwijl hij met filmproducent en kompaan Gijs van de Westelaken probeerde een dvd-speler aan de praat te krijgen voor een geïmproviseerde voorvertoning van 0605, Van Goghs film over de moord op Pim Fortuyn. Twee volwassen kerels, klungelend met apparatuur waarvan ze normaal gesproken alleen de play-knop weten te hanteren: Van Gogh kon er hartelijk om lachen.

Over de film zelf oogde de cineast een stuk minder ontspannen. 'Wat je gaat zien is nog maar een zeer ruwe versie, hè', zei hij bij herhaling. 'We hebben de kleuren en het geluid nog niet gecorrigeerd, dus daar moet je even niet op letten.' Als een kind dat zijn onderwijzer zijn eerste tekening laat zien.

0605, die volgende maand op internet in première gaat, bracht grote opwinding in Van Gogh teweeg en zou aanleiding zijn voor een interview met Volkskrant magazine, later deze maand. Ter voorbereiding op dat gesprek mocht de film bij de producent worden bekeken. Van Gogh liep er zelf rond, en strooide ongevraagd pikanterieën rond over de productie.

'De website van 0605 is al dertigduizend keer bezocht', zei hij enthousiast, waarna zonder tussenpozen een hallucinerende uiteenzetting over de film volgde. En de 'terloopse manier' waarop hij authentieke tv-fragmenten van Fortuyns criticasters had gebruikt, kon hem zichtbaar bekoren. 'Je ziet ze stuk voor stuk voorbij komen: Rosenmöller, Thom de Graaf die aan Anne Frank refereert, Ad Melkert die ”Nederland word wakker” roept. En aan het einde, na de moord, zie je ze allemaal met zo'n gezicht de kerk binnenkomen.' Dodelijk, typeerde hij de montage.

Van Gogh keek uit naar het interview. 'Ik zal mijn uiterste best doen om flink wat mensen stevig te beledigen', zei hij. 'Je kunt het Dr. Jeckyll & Mr. Hyde-verhaal helemaal van me krijgen.' Want hij wist als geen ander hoe de media werkten. En hij kende zichzelf. 'Juist als ik over pijnlijke dingen moet praten, schep ik grote afstand, praat ik in bijzinnen en met kilo's ironie', zei hij in 2001.

Hij was een man met veel vrienden en nog meer vijanden. Acteurs liepen met hem weg. Omdat Van Gogh hen vaak boven zichzelf liet uitstijgen. Wijdverspreid zijn bovendien de verhalen waarin Van Gogh het beste voedsel en de duurste wijnen liet aanrukken om zijn dierbaren te vertroetelen.

Maar de onvoorwaardelijke liefde kon zomaar voorbij zijn. In zowel zakelijke relaties als vriendschappen eiste hij totale overgave. Wie daaraan niet kon voldoen, stelde hem zwaar teleur. Sterker, die 'naaide' en 'verraadde' hem. Dat hoefde niet eens werkelijk zo te zijn. Als hij dat zo voelde, was dat genoeg. Dan sloeg hij hard terug. En hij vergat nooit iets.

De binnenkomst van Van Gogh in de wereld van de cinema en de media ging met de tamtam gepaard die later zijn handelsmerk werd. Zijn debuut Luger (1981) bracht behalve sterke cinematografische kwaliteiten meteen een schandaal met zich mee: een scène met een opgesloten kat in een wasmachine wekte bij velen woede op. De discussie over Van Goghs debuut ging daardoor niet over het verhaal over de fascistische Haagse psychopaat Chris Luger, maar over het beeld van een ronddraaiend huisdier.

Van Gogh, onmiddellijk tot bête de cinema gedoopt, gold van meet af aan als een talentvol filmmaker, een man met uitgesproken ideeën en gevoel voor scherpe dialogen. De regisseur met de machtige buik overviel filmland met zijn kinderlijke glimlach en zijn markante woordkeuze.

Van Gogh werd een veel geciteerde en graag geziene gast, en ook zelf wist hij zijn weg naar de media te vinden; met die opvallend hoge stem, die contrasteerde met zijn lijf, belde hij recensenten op om te vragen waar ze hun argumenten op baseerden. Ook wees hij journalisten quasi-terloops op vermeende schandalen of door hem dubieus genoemde zaken.

De persoon Van Gogh ontnam in de loop der jaren het zicht op de regisseur. De boekverfilming Een dagje naar het strand (1984) loste de hoge verwachtingen in, en ook de Wolkers-verfilming Terug naar Oegstgeest (1987) krijgt van de critici bijval, maar daarna begint zijn oeuvre door persoonlijke preoccupaties en te veel nevenfuncties grote wisselvalligheid te vertonen – al blijft zijn thematiek van begin tot einde consequent: over liegen en bedriegen gaat het, doorpersonen, door geliefden, familieleden, en door officiële instanties. Zwarte humor en bittere melancholie – daar was Van Gogh een meester in. En als in zijn werk al van warmte sprake was, dan was die meteen verstikkend.

Een ommekeer in zijn filmcarrière werd ingeluid door de verfilming van Joost Zwagermans roman Vals Licht – op dat moment zijn duurste productie. De film – met een stationscène waarin een oproep klinkt die verwijst naar de tijdens de opnamen begonnen liefdesaffaire tussen zijn vrouw en de hoofdrolspeler – ontbeert het vileine karakter dat zijn werk buiten de film wel draagt.

Van Gogh trekt zijn conlusies: hij besluit, ook uit onvrede over de bureaucratie bij de subsidiënten, kleiner te gaan werken, met goedkopere budgetten, die hij deels financierde door een tweede hypotheek op zijn eigen huis te nemen.

Het resultaat is ernaar: 06, over telefoonseks, zet hem opnieuw op de kaart als acteursregisseur (met 30 duizend bezoekers de beste bezochte film van 1994), en voor Blind Date kreeg hij een Gouden Kalf – de prestigieuze Nederlandse filmprijs die hij later nog tweemaal ontvangt.

In die tijd doet de mediaduizendpoot ook televisie, zoals hij dat noemde. Op de commerciële zender Veronica maakt hij met De hunkering een parodie op een datingshow, die zijn weg naar het grote publiek vindt vanwege de onbeschaamdheid waarmee de presentator argeloze kandidaten ondervraagt over hun masturbatiepraktijken en de kleur van het schaamhaar.

Als interviewer werd Van Gogh nationaal geroemd om het programma Een prettig gesprek. In die rol toonde hij zich opvallend mild: ontspannen, kabbelend bijna, verliepen de gesprekken, totdat er een woord of een zin voorbijkwam waarachter Van Gogh een verhaal bevroedde; dan kwam de machinerie in werking en werd de lachebek een bloedzuiger, die pas loslaat als hij zeker weet dat er niets meer te halen valt.

Van Gogh werd in in 1957 geboren in wat hij steevast een 'uitzichtloos en saai' Wassenaar noemde, waar hij opgroeide in een sociaal-democratisch gezin. Zijn vader werkte bij de Binnenlandse Veiligheidsdienst – iets waarover niet te veel gesproken mocht worden. Tijdens de dodenherdenking op 4 mei werd er bij Van Gogh thuis, zo vertelde hij met enige terughoudendheid, steevast gehuild: zijn grootouders hadden in het verzet gezeten en een oom was geëxecuteerd.

In Opzij, december 2001: 'Mijn ouders hadden een gecompliceerd huwelijk, waarvan ik veel heb opgestoken: kijken naar de oorlog die twee emotionele mensen met elkaar voeren in dat heilloze instituut van het huwelijk (...) Daar heb ik natuurlijk een aardige tik van meegekregen.'

Wassenaar, waar hij de latere Luger-hoofdrolspeler Thom Hoffman leert kennen, wordt ingeruild voor Amsterdam. Daar vindt zijn inzending voor de Filmacademie – waarin met wijnglazen een paar ogen wordt verbrijzeld terwijl op de geluidsband Sinatra's Angel Eyes klinkt – geen genade bij de selectiecommissie.

Als autodidact werpt Van Gogh zich aanvankelijk als een onvervalste romanticus op de schoonheid van degradatie en ondergang. Maar die romantische kant raakt ondergesneeuwd als Van Gogh de column ontdekt als de ideale plek om zijn ideeën kan ventileren. In die rol wil hij van tact of begrip niets weten. Hij noemt Thom Hoffman een 'wandelend vaselinevat'; over Monique van de Ven, die naar zijn idee te vaak over de dood van haar kind praatte, schreef hij: 't Blijft een hele troost dat Nino niet voor niets stierf en dat mamma nog jaren op tournee kan blijven met zijn nagedachtenis.' In een postuum over de acteur Gerard Thoolen meldt Van Gogh dat de acteur op de set meestal te dronken was om een dialoog van buiten te leren.

De columnist Van Gogh – hij vloog bij onder meer Het Parool, HP/De Tijd, en Panorama na ruzie eruit, en was nu verbonden aan het dagblad Metro – vindt uiteindelijk zijn gewenste podium op zijn eigen website degezonderoker.nl, waar hij deze week nog de rubriek Lieve Theo opende – voor dames met liefdesproblemen.

De site ontwikkelde zich de laatste tijd vooral als een platform tegen moslim-fundamentalisten, consequent als 'geitenneukers' aangeduid. Door zijn politieke bemoeienis, die na de moord op de door hem bewonderde Pim Fortuyn ('de goddelijke kale') nog groter en nadrukkelijker werd, veranderde de melancholieke filmmaker in een snoeiharde provocateur. Zijn droeve, zachte kant – vooral zichtbaar in Een dagje naar het strand – maakte plaats voor harde, bitse streken. Van Gogh raakte er steeds minder van overtuigd dat de zachte krachten uiteindelijk zouden winnen – een gedachte die hij in 1996 nog hardop en naar eigen zeggen zonder ironie uitsprak.

Hoewel de columnist Van Gogh nog kan worden getypeerd als een cynische clown, kwamen zijn gepeperde uitlatingen over de islam voort uit een oprechte angst voor oprukkend fundamentalisme. Van Gogh vreesde voor het voortbestaan van de westerse libertijnse levenshouding en citeerde geregeld de Amerikaanse Midden-Oostenkenner Bernard Lewis, die verwacht dat de islam de komende decennia in het Westen sterk aan invloed zal winnen. De wijze waarop hij zich daartegen verzette, was wel weer klassiek. Zijn onbehouwen aanpak (AEL-voorman Abou Jahjah noemde hij 'pooier van de profeet') stond zijn boodschap nogal eens in de weg.

In Van Gogh huisde een opmerkelijke paradox. Hij gaf in interviews hoog op over de liefde, maar maakte films waarin die liefde louter schraal was. Hij ging tekeer over moslims, maar pleitte in de bekroonde tv-serie Najib & Julia voor de multiculturele liefde.

Hij was een man die met vuur alles afwees dat niet een volmaakt authentieke en eerlijke indruk wekte. Zijn leven draaide om de volle overgave. Het ging hem om verblindende liefde en totale vrijheid. Elk compromis deed hem op hol slaan. Dan was zijn romantisch ideaal geknakt.

Theo van Gogh

Theo van Gogh 1957 23 juli geboren te Wassenaar.

1982 Debuteert met Luger.

1989 Begin interviewserie Een prettig gesprek, tot 1997. 1992 speelt Dikke Willie in Alex van Warmerdams De Noorderlingen.

1994 Special Jury-Prijs Nederlands Film Festival voor 06. 1996 Gouden Kalf voor Blind Date.

1997 Datingshow De hunkering voor Veronica.

1997 Gouden Kalf voor tv-serie In het belang van de staat. 2002 Gouden Kalf voor tv-serie Najib

Julia.

2004 06/05, de eerste film die op internet in première moet gaan.

Theo van Gogh in 1995.

Meer over