Syrische regering laat hulpkonvooien toe tot belegerd gebied

De Syrische regering heeft toestemming gegeven om de eerste hulpkonvooien toe te laten tot zeven belegerde gebieden. Onder de plaatsen is Madaya, de door het regeringsleger zelf belegerde stad waarvandaan vorige maand de eerste beelden kwamen van verhongerende burgers.

Door onze buitenlandredactie
Syrische regeringstroepen in de stad Madaya. Beeld AFP
Syrische regeringstroepen in de stad Madaya.Beeld AFP

De Verenigde Naties wezen de Syrische regering op haar humanitaire plicht hulp toe te laten voor 'alle Syrische burgers die dat nodig hebben'. 'Woensdag is de test', zei de speciale Syrië-gezant van de VN, Staffan de Mistura, dinsdagmiddag na zijn ontmoeting in Damascus met Walid al-Moualem, de Syrische minister van Buitenlandse Zaken.

Het toelaten van humanitaire hulp is een van de beloftes die afgelopen vrijdag in München tijdens de jaarlijkse Veiligheidsconferentie zijn gedaan. Daar werd ook afgesproken het geweld op burgers te stoppen. Nu van die laatste belofte niets terecht lijkt te komen, vermindert ook de kans dat de VN haar hulpkonvooien probleemloos bij noodlijdende burgers krijgt - inmiddels zouden een miljoen Syrische burgers zijn geïsoleerd.

In Syrië gaat het geweld bij de Turkse grens onverminderd door, waardoor de spanning tussen NAVO-lid Turkije en Rusland, dat het Syrische regime steunt, steeds verder oploopt. Turkije beschuldigde Rusland dinsdag openlijk van oorlogsmisdaden na de bombardementen maandag op een ziekenhuis van Artsen Zonder Grenzen in de Syrische provincie Idlib, waarbij tenminste negen mensen om het leven kwamen.

De Turkse premier Ahmet Davutoglu dreigde Rusland met een keiharde respons te komen als het 'doorgaat zich te gedragen als een terroristische organisatie die burgers dwingt op de vlucht te slaan'. Ook andere westerse landen veroordelen het Russische geweld. 'Moskou moet het conflict in Syrië stoppen in plaats van het voeden', verklaarde de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Philip Hammond volgens persbureau Reuters.

Rusland verwierp dinsdag elke beschuldiging dat het zich schuldig maakt aan oorlogsmisdaden. Volgens de woordvoerder van president Poetin 'zijn dergelijke verklaringen steeds op ongefundeerde beschuldigingen gebaseerd.' Rusland op zijn beurt haalde fel uit naar Turkije vanwege de aanhoudende beschietingen op Koerdische strijders die de stad Azaz uit handen van het oprukkende Syrische regeringsleger proberen te houden.

Turkije wil voorkomen dat Azaz, dat op de route ligt tussen Ankara en Aleppo, in handen valt van het door Rusland en Iran gesteunde regeringsleger van Assad, noch van de Koerdische militie YPG die door Turkije wordt beschouwd als een verlengstuk van de Turkse PKK. Nu beide groepen oprukken naar de Turkse grens probeert Turkije de internationale coalitie tegen Islamitische Staat (IS) te overtuigen gezamenlijk grondtroepen naar Syrië te sturen.

Zonder militairen op Syrische bodem zou het volgens de Turken onmogelijk zijn de slepende burgeroorlog in Syrië te beslechten. Saoedi-Arabië, dat zich nu ook met F-16's in de strijd gaat mengen, zou hier wel wat voor voelen volgens de persbureaus, maar het is onwaarschijnlijk dat de Verenigde Staten willen meedoen. Zij beschouwen de YPG als een van de weinig effectieve troepen tegen IS in Syrië.

Turkije zegt niet op eigen houtje een grondoperatie te willen beginnen en houdt bovendien nog steeds vol niet meegesleurd te willen worden in de oorlog in het buurland. Desalniettemin gooide president Erdogan dinsdagavond olie op het vuur door het Syrische-Russische offensief aan zijn grens te beschouwen als een opzettelijke poging een vrije zone voor de Koerdische YPG te creëren, waarmee de Turkse nachtmerrie van een zelfstandig Koerdistan bewaarheid zou kunnen worden.

Nederland maakte dinsdag bekend dat de eerste Nederlandse F-16's hebben meegedaan aan de luchtaanvallen tegen Islamitische Staat in Syrië. In totaal zouden de afgelopen week tien missies op strijdkrachten en strategische doelen in Oost-Syrië en Irak zijn uitgevoerd.

Meer over