Superzaterdag - alleen voor de politieke elite

Zes partijen komen dit weekend voor congres bijeen: PvdA, CDA, SP, GroenLinks, ChristenUnie en Partij voor de Dieren. Wat is, in aanloop naar de verkiezingen, het nut voor zo'n congres?

Het is Superzaterdag voor de politiek. Liefst vijf politieke partijen houden hun congres. In Utrecht zijn de PvdA, het CDA en GroenLinks bijeen, in Den Bosch komt de SP samen, in Amersfoort de ChristenUnie. Zondag, in Doorn, volgt nog de Partij voor de Dieren. Vanuit het hele land stroomt de politieke elite toe - slechts 2,5 procent van de Nederlanders is lid van een politieke partij. Wat is eigenlijk het nut van al die congressen?

Het is een dag voor applaus en gelikte presentaties, zeggen cynici. Waarop iedereen zijn tanden bloot lacht. Een dag waar honderden leden en tientallen afdelingen zich tot in de nachtelijk uurtjes op hebben voorbereid, benadrukken anderen. Ploeterend op amendementen tot aan de punten en komma's. Waarop het laatste woord aan de leden is.

Steevast een of twee keer per jaar komen partijleden bijeen voor onderhoud aan de partij. Het congres is daarvoor het hoogste orgaan. Van een nieuwe regel dat een partijbestuur voortaan bij elk congres een lijst met lopende moties publiceert, tot aan het fundament van de partij, het beginselprogramma: alles moet het fiat van het congres hebben. Vandaag spant het om de verkiezingsprogramma's en om de kandidatenlijsten.

Ondanks deze eervolle status in de partijdemocratie spelen de meeste congressen zich in de luwte af. De keren dat bij een congres de partij werkelijk op scherp staat, zijn op twee handen te tellen. In 2010 zaten 1,4 miljoen Nederlanders aan de tv gekluisterd, toen de leden van het CDA op hun congres antwoord moesten geven op de vraag: wel of niet in zee met de PVV. Ook bij D66 lag deelname aan de regering meerdere malen in handen van het congres, zoals in 2003 en 2006.

Goede televisie

De VVD maakte in 2007 goede tv met een congres waarin de machtsstrijd tussen Rutte en Verdonk escaleerde. In de jaren negentig moest Wim Kok, destijds minister van Financiën, zich tegenover het PvdA-congres verdedigen over zijn plan om de WAO te versoberen. Twintig jaar eerder lag zijn collega Henk Vredeling onder vuur over de aanschaf van F-16's. 'Congressen kopen geen straaljagers', riep hij daarop uit.

Hoewel dit soort congressen eerder uitzondering zijn dan regel, zijn de bijeenkomsten de afgelopen tien jaar wel veel dynamischer geworden, zegt Gerrit Voerman, directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen. 'Bij veel partijen mochten vroeger alleen de afgevaardigden van de afdelingen stemmen. Van tevoren was meestal al duidelijk waar deze partijbaronnen stonden en zij kenden elkaar goed.'

De laatste jaren werd het democratischer, mede door de opkomst van Fortuyn. 'De kloof tussen partijtop en leden bleek te groot', zegt Voerman. De meeste partijen zijn daarom overgestapt op ledencongressen, waar elk lid mag stemmen en spreken. 'De samenstelling is daardoor behoorlijk veranderd. Door de directere democratie zijn de uitkomsten minder voorspelbaar geworden. Tot nu toe zitten de grote verschuivingen vooral rond de kandidatenlijsten, maar een partij blijft democratisch. Als de leden iets willen, kun je dat niet tegen houden.'

Coups

Het maakt de partijen ook kwetsbaarder voor coups, zoals nu gepland door de jongeren van G500. Waar in de jaren zestig vernieuwingsbeweging NieuwLinks zich nog via de lange mars door de instituties tot het partijbestuur van de PvdA omhoog moest werken, kunnen zij van G500, als ze genoeg leden meebrengen, direct inbreken.

De partijleiders zullen zich bezorgd afvragen of zulke acties de allerbelangrijkste functie van de congressen niet aantasten: het uitstralen van eensgezindheid en optimisme in verkiezingstijd. Want het congres is de gezamenlijke kick-off voor de campagne, en daarnaast dé gelegenheid voor een partijleider om zich te profileren.

Zo maakte Pim Fortuyn naam met zijn At your service-saluut, op het congres van Leefbaar Nederland in 2001. Ook de tranen van Maxime Verhagen en zijn liefdesverklaring voor het CDA bij het formatiecongres in 2010 bereikten alle huiskamers.

'Het wordt steeds belangrijker om een goede sfeer uit te stralen waar mensen bij willen horen', zegt GroenLinks-Kamerlid Ineke van Gent. Zij maakte vanaf de oprichting van haar partij in 1990 bijna alle congressen mee. Los van alles is een congres ook gewoon een gezellig weerzien, zegt ze. 'Een dag om de gelederen te sluiten en na intern gedoe de neuzen weer dezelfde kant op te zetten.'

HET VOLGZAME CONGRES

De meest voorkomende vorm, het volgzame congres. De meeste congressen blaffen wel, maar bijten niet. Vooraf zijn er nog wel eens opstandige afdelingen, of prominente leden die aankondigen dat zij de partijleiding het vuur aan de schenen gaan leggen. In de praktijk is de kou meestal uit de lucht met wat handig massagewerk van het partijbestuur en een vlammende speech van de partijleider. Journalisten, afgekomen op de geur van bloed, druipen vaak teleurgesteld af. Het CDA heeft een lange geschiedenis in dit type congressen. Met natuurlijk een uitzondering voor oktober 2010, toen de CDA-leiding wel degelijk moest vechten voor haar leven.

HET GEHEIME CONGRES

Een typische uiting van Nieuwe Politiek. De Lijst Pim Fortuyn maakte er school mee in 2002, toen de partijleiding er een tijd alles aan deed om pottenkijkers buiten te houden. Het versterkte slechts de vermoedens dat er binnen dingen gebeurden die het daglicht niet konden verdragen. De Partij voor de Dieren nam het concept over en hield de deuren jarenland dicht. Aanstaande zondag durft Marianne Thieme het toch aan en is de pers voor het eerst welkom. Het verst gaat de PVV. Die heeft geen geheim congres, maar gewoon geen congres. En niet eens leden. Wilders vreest slechts problemen als de leden mogen meepraten. Door dat gebrek aan democratie loopt hij wel miljoenen aan rijkssubsidie mis.

HET OPSTANDIGE CONGRES

De laatste jaren in opkomst. Tot grote ongelukken voor partijleiders heeft het nog niet geleid, maar met name partijen als PvdA, GroenLinks en D66 hebben nogal wat leden die zich graag overal mee bemoeien. Ze passen de verkiezingsprogramma's aan, gooien de kandidatenlijsten overhoop en nemen de partijleiding onder vuur vanuit de zaal. D66 ging in 1974, na teleurstellende verkiezingen, door het oog van de naald, toen een meerderheid van de leden voor opheffing van de partij bleek. De vereiste tweederde meerderheid werd uiteindelijk niet gehaald.

undefined

Meer over