Strijd om het hart van de moslim

Na iedere bomaanslag graaft de westerse wereld zich verder in. Maar Al Qa'ida wil het westen niet veroveren. Zijn doel is een islamitisch rijk in het Midden-Oosten....

De videoboodschap van Abu Dujan Al Afgani is op maat gemaakt voor het Spaanse publiek en zo in een moeite door voor alle westerlingen. De terreurcommandant met Marokkaans accent geeft geen uitgesponnen verhandeling, doorspekt met theologie, maar een korte verklaring die weinig ruimte laat voor misverstanden. Al Qa'ida, zegt hij, heeft de bomaanslagen in Madrid gepleegd, 'als antwoord op jullie samenwerking met de criminelen Bush en zijn bondgenoten'. De redenatie is eenvoudig: oorzaak en gevolg, kant en klaar voor de nieuwsflitsen op de westerse tv-kanalen.

Venijnig is ook dat de slogansgewijs opgestelde verklaring openlijk appelleert aan het gevoel van onrust dat zich sinds 11 september 2001 in het Westen heeft genesteld. 'Jullie houden van het leven, wij houden van de dood.'

Aanvankelijk twijfelde de Spaanse politie aan de authenticiteit van de tape, zoals gebruikelijk is wanneer video's, geluidscassetes, internetverklaringen of andere documenten van het islamistische terreurnetwerk Al Qa'ida opduiken. Niet alleen had een week geleden nog niemand van de Europese inlichtingendiensten ooit van Abu Dujan gehoord, de verklaring was ook in veel opzichten a-typisch voor Al Qa'ida.

De tapes met toespraken en verklaringen van Osama bin Laden en zijn rechterhand Ayman Al Zawahiri zijn lang en doorwrocht, vol verwijzingen naar de Koran. De reden ligt voor de hand: ze zijn bedoeld voor moslims, die de trant van preken gewend zijn. Geen wonder ook dat die boodschappen altijd worden bezorgd bij Arabische zenders, de Abu Dujan-tape is telefonisch aangeboden aan het Spaanse tv-station Telemadrid.

Het verschil tussen de Madrid-tape en de preken van Osama bin Laden is illustratief voor de de strategie van Al Qa'ida: het terreurnetwerk speelt op twee schaakborden tegelijk. Enerzijds is er het Westen als tegenstander de VS en hun vazallen, onder wie ook 'de joden'. Anderzijds strijden ze tegen de afvallige gelovigen in de islamitische wereld, in de regel belichaamd door corrupte en seculiere regimes.

Deze strijd op twee fronten maakt de islamistische terroristen zo ongrijpbaar en is de voornaamste reden voor hun succes. Voor de toekomst van Al Qa'ida en daarmee verwante terreurgroepen is niet het Westen, maar het Midden-Oosten het cruciale strijdperk, daar is het allemaal begonnen. Hoe het er in de islamitische wereld precies voorstaat met het netwerk is moeilijk te bepalen. Maar de aanslagen van de afgelopen tweeenhalf jaar recent propagandamateriaal tonen enig inzicht.

Hoe berekenend Al Qa'ida te werk gaat blijkt uit een document van het 'Mediacomitoor de Overwinning van het Iraakse Volk', dat in december op internet circuleerde en de strategie voor de jihad tegen de bezetters van Irak uiteenzette. 'We moeten maximaal gebruikmaken van de (Spaanse) verkiezingen', staat er. 'De regering kan ten hoogste drie aanslagen weerstaan.' Als Spanje zijn troepen zou terugtrekken uit Irak, dan zouden de andere bondgenoten van de VS ook 'omgaan als dominostenen'. Onderzoekers van de Noorse defensie-denktank Forsvarets Forskningsinstitutt ontdekten de passage ne aanslagen in Madrid. De authenticiteit is niet zeker, 'maar we hebben geen reden om daaraan te twijfelen', zegt onderzoeker Brynjar Lia. De uitgekooktheid van de terreurstrategen wijst er niet op dat ze 'op de vlucht zijn', zoals vaak is beweerd na de val van het Afghaanse Taliban-regime.

Wie de na 11 september 2001 gepleegde aanslagen op een rij zet, ontkomt niet aan de indruk dat het terrorisme in omvang toeneemt. Hoewel er bij geen enkele aanslag meer zoveel mensen als destijds in de VS om het leven zijn gekomen, lijkt Al Qa'ida niet aan slagkracht te hebben ingeboet. Het Amerikaanse terrorisme-instituut Intel-Center houdt non-stop alle aanslagen bij en ziet het bloedbad in Madrid als bewijs van het 'verhoogde tempo' waarin Al Qa'ida te werk gaat.

Ben Venzke, hoofdonderzoeker van IntelCenter, wijst in een vorige week verschenen rapport op het boek De aanval van 11 Rabi Al Awwal: De operatie van Oost-Riyad en onze oorlog met Amerika en zijn bondgenoten. Daarin staat: 'Voor 11/9 voerden we gemiddeld operatie per twee jaar uit, maar na de gezegende aanval op Manhattan zijn we meer dan twee aanslagen per jaar gaan uitvoeren. Het slagveld is vergroot wat voordelen biedt van onschatbare waarde. Waar de vijand eerst zijn eigen land diende te beschermen, moet hij nu zijn vele belangen in ieder land beveiligen. Elke keer dat de frequentie van de aanslagen verandert, raakt de vijand verder uitgeput.'

De aanval van 11 Rabi Al Awwal telt vijftig pagina's en is door Al Qa'idaaanhangers geschreven onder de naam Centrum voor Islamitische Studies en Onderzoek. Het bespreekt de meervoudige aanslag op wooncomplexen in Riyad van 12 mei 2003 en sluit af met het hoofdstuk 'Ben je nog niet aan de mujahedin verbonden?'. Het is in september uitgebracht in de Arabische wereld en circuleert sindsdien op internet. (Engelse vertaling: www.intellnet.org).

Honderden propagandateksten en -boeken van Al Qa'ida doen de ronde. Het is verbluffende lectuur vanwege de moeite die de Al Qa'ida-profeten zich getroosten om het wereldbeeld op te roepen dat moslims moet overhalen zich bij de jihad aan te sluiten en de westerlingen en afvalligen te doden. In de geschriften gaat het niet om de techniek van bommen of de werking van gifgas, het gaat om de ideetrijd tussen moslims onderling.

Het schaakspel dat Al Qa'ida in de islamitische wereld speelt, onttrekt zich grotendeels aan het oog van het Westen. Alleen al het vaak aangehaalde gebrek aan voldoende Arabische tolken is een verklaring. Maar een belangrijkere reden is dat de jihad tegen het Westen de aandacht afleidt voor wat zich in de moslimwereld zelf afspeelt. De aanslagen van 11/9 en 11/3 hebben angst en paniek gezaaid in de VS en Europa. Het gevolg is een hevig debat in eigen kring over schuld en boete. Ondertussen gaat de opmars van de fundamentalisten in de islamitische wereld door.

Het pessimistische scenario: terwijl de jihad in de islamitische wereld aan momentum wint, raakt het Westen verdeeld in de pogingen te begrijpen wat er precies gebeurt en welk antwoord daarop moet komen. De aanhangers van Al Qa'ida, van welke nationaliteit ook, tonen zich eensgezind, terwijl het smeden van bondgenootschapen in het Westen almaar moeilijker lijkt.

Wel heeft de centrale conatie die Al Qa'ida voor 11/9 kende, plaatsgemaakt voor een ieder voor zich-aanpak, stellen veel onderzoekers vast. Maar in die los-vaste verbanden werken terreurgroepen in IndonesiMarokko, Turkije, Saudi-Arabin Pakistan aan hetzelfde doel. Zo lijkt er stiekem toch sprake van een zorgvuldig opgebouwde escalatie.

De grote kracht van Al Qa'ida schuilt erin dat de alliantie tussen het Westen en gematigde moslims, waarmee men de terroristen de pas hoopt af te snijden, juist de ressentimenten van de mujahedin voedt. Het Westen, met de VS voorop, vergiftigt en vernietigt met zijn bemoeienissen de moslimwereld de afvallige moslims zijn in de ogen van de fundamentalisten ten prooi gevallen aan de verlokkingen van het Westen. Samenwerking lokt terreur uit, zoals ook de campagnes tegen Irakezen die 'collaboreren' met de Amerikanen lijken te onderstrepen.

De reeks spectaculaire aanslagen in Riyad, Casablanca, Istanbul, Mombasa en Bali hebben islamistische landen ertoe gedwongen op te treden tegen de netwerken van militanten. Er zijn sindsdien veel verdachten gearresteerd en veroordeeld, maar het precieze effect daarvan is duister. De klopjacht na 'Casablanca' in 2003 heeft niet kunnen verhinderen dat er bij de aanslagen in Madrid opnieuw sprake is van een Marokko-connectie.

De Saudi's in 2003 twee keer door aanslagen getroffen voeren met regelmaat vuurgevechten met jihad-eenheden. Nog deze week hebben ze naar eigen zeggen Khaled Ali Ali Haj gedood, een Jemeniet die ervan wordt verdacht de aanslag in mei op een wooncomplex in Ryad te hebben geconeerd. Hoewel het al lang en breed bekend was dat de beslissing van de Saudi's om in 1990 Amerikaanse troepen op hun grondgebied toe te laten de woede had gewekt van Osama bin Laden en de zijnen, bleek pas na 11/9 hoezeer die weerzin zich onder de bevolking had gevestigd. Vijftien van negentien kapers waren Saudi's.

De hechtheid van het islamistische netwerk in het heiligste land van de islam blijkt sinds een jaar ook uit de propagandavideo's die het zogehete Sahab Instituut voor Mediaproducties bijna aan de lopende band uitbrengt. In hun uitgebreidheid moeten ze rekruten wel inponeren. De propagandagolf zet de successen van de Saudische veiligheidsdienst ietwat in perspectief.

Op de video Badr Al Riyad: de aanval op het kruisvaarderscomplex Al Muhaya en de ontdekking van belangrijke details (lengte: 1 uur en 31 minuten) zijn minutieus de voorbereidingen te zien van de aanslag die vorig jaar november op een huizencomplex in Riyad is gepleegd. De daders reden een pick up-truck vol explosieven het afgesloten terrein op en brachten die daar tot ontploffing met 18 doden en 120 gewondentot gevolg. De film bevat de opnames van het complex die vooraf zijn gebruikt om te bepalen wat de beste methode voor de overval kon zijn; opnames van het gereedmaken van de bomauto; en beelden van een trainingskamp in de Saudische woestijn waar dergelijke aanslagen worden geoefend.

De videoband is begin februari verschenen en het IntelCenter brengt er een samenvatting van op zijn website (intelcenter.com). Mstills uit de video uit veiligheidsoverwegingen staat de Amerikaanse regering de onderzoekers slechts mondjesmaat toe in het openbaar te citeren uit propagandamateriaal.Het strijdperk van Al Qa'ida in de islamitische wereld is het belangrijkste van de twee fronten, omdat Osama bin Laden daar het leeuwendeel van zijn volgelingen werft. Het reservoir van rekruten moet dan ook daar worden aangeboord.

Al Qa'ida streeft naar een zuiver islamitische heerschappij in de moslimwereld, naar het voorbeeld van het Taliban-regime in Afghanistan. De aanslagen in New York en Madrid zijn vooral symbolische daden, die de reputatie van Al Qa'ida in de islamitische wereld moeten versterken.

Het verdwijnen van de machtige imperia die de Arabische wereld heeft voortgebracht, is de belangrijkste frustratie van de militante islamistische beweging. Het verleden is verkwanseld. De Amerikaanse Midden-Oosten-kenner Bernard Lewis geeft in zijn boek Wat ging er mis? (2001) een treffend voorbeeld van de vernedering, dat zich afspeelt in de jaren negentig. 'De trotse erfgenamen van een oude beschaving waren eraan gewend geraakt westerse firma's in te huren om taken te verrichten waar hun eigen aannemers en technici blijkbaar niet toe in staat waren. Nu merkten ze dat ze aannemers en technici uit Korea moesten inhuren een land dat pas sinds kort was bevrijd uit de Japanse koloniale heerschappij om diezelfde taken uit te voeren. Niet op kop lopen is al erg genoeg, achteraan strompelen is nog veel erger.'

Het eerste hoofdstuk van het boek De aanval van 11 Rabi Al Awall heet 'De situatie in de islamitische wereld'. Het beginpunt van de analyse is veelzeggend. 'Sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie leidt nog maar een supermacht de wereld: de Verenigde Staten. Historici weten dat in alle tijden twee machten de wereld hebben gedomineerd, behalve dan in de tijd van Solomon, Dhu Al Qarnayn, Al Namrud en Alexander. Het feit dat twee machten elkaar intomen is een geschenk van Allah aan de mensheid. de Almachtige heeft gezegd: 'En als Allah niet een groep mensen door een ander groep mensen in toom liet houden, dan zou de wereld zeker vol van onheil zijn'.

Op 15 februari 1989 stuurde CIAofficier Milton Bearden een bericht vanuit de Pakistaan hoofdstad Islamabad naar zijn hoofdkwartier in de Verenigde Staten. Het was de dag waarop de Sovjets hun laatste troepen uit Afghanistan hadden teruggetrokken. 'Wij hebben gewonnen', schreef de CIAman naar huis zoals beschreven in het boek Ghost Wars The Secret History of the CIA, Afghanistan and Bin Laden, from the Soviet Invasion to September 10, 2001 (2004) van Washington Postredacteur Steve Coll. Het luidde de val van de Sovjet-Unie in.

Wij hebben gewonnen, dis ook wat Osama bin Laden sindsdien zijn mujahedinstrijders heeft voorgehouden. Wij hebben al eens een supermacht op de kniegekregen, is het terugkerende thema in de geschriften. En daarom eisen we onze historische rol op het wereldtoneel op. Cruciaal voor de strijd tegen terreur is daarom welke interpretatie van de geschiedenis de voorkeur krijgt in de moskeeen koffiehuizen van Karachi, Riyad, Casablanca, Jakarta, Istanbul, enzovoort.

Meer over