Storing

Bij mijn intree in de wereld van Internet besloot ik maar meteen mijn telefoonlijn om te laten bouwen tot ISDN-lijn, overtuigd door een PTT-dame die benadrukte hoe belangrijk het is om ook tijdens het netsurfen bereikbaar te blijven....

CASPER SCHUCKINK KOOI

Omdat de buitenkabel daar binnenkomt, ging hij aan het werk in de kelder. Binnen korte tijd zaten een grijs, een zwart en een wit kastje naast elkaar op een balk geschroefd, onderling verbonden met telefoonkabeltjes, via een adapter aangesloten op het nieuwe stopcontact dat ik daar speciaal voor had laten aanleggen - zelf ben ik niet erg technisch.

Testen van de nieuwe lijn was gemakkelijk: we hebben nog een lijn voor privégebruik, onder een ander nummer, ik kon dus bellen naar mijn zakelijke nummer. Dit ging perfect. Maar toen ik het een uur later uit nieuwsgierigheid nog eens probeerde, bleef de lijn angstwekkend stil. Het Internet werkte naar behoren, maar voor zakenrelaties was ik, ook als ik de computer uitzette, onbereikbaar.

Diezelfde middag kwam de eerste van een reeks storingsmonteurs kijken naar mijn lijn. Allen verlieten ze het pand in verbijstering: ze hadden de storing bij aankomst zelf vastgesteld, en bij hun vertrek was deze verholpen. In die tussentijd hadden ze 'eigenlijk niets gedaan'. Omdat er toch duidelijk iets aan de hand moest zijn, hebben de achtereenvolgende monteurs telkens iets vervangen: het zwarte kastje, de complete bedrading, de voedingsdraad naar het stopcontact, zelfs de aansluiting in de centrale. Alles hielp - voor korte tijd. Het was vaak alweer mis als de monteur het pad afreed.

Ruim twee weken lang kwam de PTT vrijwel dagelijks op bezoek, soms twee man sterk. Ik kreeg ik een mooie band met de storingsdienst. Sommige monteurs mocht ik thuis bellen, zelfs in het weekeinde. Maar de situatie bleef zoals ze was: zodra een monteur zich in de kelder met het probleem ging bezighouden, was het verholpen. Menig grapje over de Jomanda-achtige krachten van een man in een groen uniform ging over de keukentafel. Dit kon niet verhullen dat nog steeds niemand enig idee had wat de bron kon zijn van de storing.

Nadat de laatste monteur ook het laatste onderdeel had vervangen, en had vastgesteld dat alles het nu deed en het naar menselijke berekening zou moeten blijven doen, bleef hij een kop koffie drinken op de goede afloop. Alvorens te vertrekken, wilde hij nog een keer zekerheid. Hij belde van privé naar zakelijk, en trok wit weg: opnieuw was de lijn zo dood als een pier. Hij stormde de kelder in, waar hij intussen blindelings de weg wist - wat wel nodig was, want het is er nogal donker als je niet eerst bovenaan de keldertrap het licht aanknipt.

Op mijn werkkamer hoorde ik een triomfantelijke kreet uit de kelder: 'Gevonden' Omdat alle monteurs vanzelfsprekend gewerkt hadden met het licht aan, had geen van hen iets kunnen vinden. Het nieuwe stopcontact bleek in serie te zijn geschakeld met het kelderlicht. Licht uit - stopcontact uit - adapter uit - ISDN uit.

De specialist die met gevoelige apparatuur mijn hele net zou komen doormeten, hebben we maar afgebeld.

Casper Schuckink Kool,

Nieuw Beerta

In NL schrijven lezers over hun huiselijk leven. Dit is aflevering 279. Bijdragen aan de reeks, tussen de 450 en 500 woorden lang, zijn welkom. Ze kunnen, mits voorzien van naam en woonplaats, worden gestuurd naar: Redactie de Voorkant, de Volkskrant, Postbus 1002, 1000 BA Amsterdam.

Meer over