Sterven moet leuker worden

Het is ongetwijfeld een wereldprimeur. Onlangs stelde uitvaartverzekeraar en -verzorger Yarden acht crematoria ter beschikking voor de opvoering van een stuk door het Noord Nederlands Toneel....

'Overlijden is niet iets wat eng is en vies', zegt directeur Ton van de Wiel. Daarom gaf Yarden (met 840 duizend leden de op een na grootste uitvaartverzekeraar van Nederland) maandag voor het eerst in de geschiedenis een presentatie van de jaarcijfers. Want 'we moeten af van die vallende-blaadjescultuur.'

Yarden, vorig jaar ontstaan na een fusie tussen AVVL en NUVA, wil van een uitvaart een gebeurtenis maken, 'waarop je positief kunt terugkijken'.

Live-muziek in een crematorium is al niet ongewoon meer; begrafenissen worden alsmaar wilder. Met alleen koffie en cake na afloop nemen steeds minder Nederlanders genoegen. Er moet op zijn minst sterke drank zijn, en ook een diner wordt in het crematorium steeds populairder.

Was de uitvaartverzekeraar er ooit om te voorkomen dat iemand anoniem op het armenkerkhof belandde, tegenwoordig zorgt hij ervoor dat de wensen van de overledene in vervulling gaan.

De leden van Yarden kunnen op het laatste-wensen-formulier invullen waar ze begraven of gecremeerd willen worden, wie er wordt uitgenodigd, welke muziek moet worden gespeeld en wie mogen spreken.

En Yarden wil meer. Het liefst speelt ze vóór de dood al een rol, bij de stervensbegeleiding in de vorm van een gezinshulp of ander gezelschap. In principe zou de ziektekostenverzekeraar dit moeten regelen, maar met alle wachtlijsten in de zorg zijn garanties niet langer te geven. Van de Wiel denkt dat hij wel om de wachtlijsten heen kan: 'Het personeel is er wel, als je maar genoeg betaalt.'

De uitvaartverzekeraar is verworden tot 'dé specialist in dienstverlening rondom het levenseinde.' Dat is nodig, want het afsluiten van een uitvaartverzerking is allang geen vanzelfsprekendheid meer. 'Vroeger, als er een kind werd geboren, was een van de eerste dingen die vader deed, een verzekering afsluiten', zegt Van de Wiel. 'Tegenwoordig begint men er later aan.'

Sommige dingen zijn echter niet veranderd. De verenigingsstructuur, bijvoorbeeld. Wie zich aansluit bij Yarden - maar ook bij andere Nederlandse uitvaartondernemers zoals Dela - is geen klant, maar lid en aandeelhouder.

Andere aandeelhouders zijn er niet en dat wil Yarden zo houden. Stoere uitspraken om beleggers tevreden te stellen, kunnen daardoor achterwege blijven. Van de Wiel: : 'De grootste is Dela en dat vinden wij verder prima.'

Toch liggen de winstmarges van Yarden niet ver onder die van beursgenoteerde collega's. Het afgelopen jaar boekte de verzekeraar een winst van ongeveer 4 miljoen euro bij een omzet van 129 miljoen.

Vooral het facilitair bedrijf, met vijftien crematoria en een strooiveld marktleider op het gebied van lijkverbranding, deed het erg goed. Met 20 duizend crematies en 669 begrafenissen verdiende het ruim 2 miljoen gulden - een marge van 8,3 procent.

Zoals elke vereniging heeft ook Yarden vrijwilligers, vijfhonderd om precies te zijn. Vroeger hielden deze zich bezig met de uitvaartverzekering en -begeleiding zelf, maar sinds Yarden een echt bedrijf is, doen zij vooral missiewerk. 'De vereniging doet al jarenlang niets anders dan de dood bespreekbaar maken,' stelt Van de Wiel. Met symposia als 'Sterven moet mogen', wordt Nederland aangemoedigd na te denken over het levenseinde. Van de Wiel: 'Zelfs over het moment waarop men wil sterven, maar dat is Nederland nog niet bespreekbaar.'

Meer over