Stelen? Hij léénde de auto

Tussen onschuld en schuld zit vaak een kleine stap. De rechter ziet dat wekelijks...

Adri Vermaat

De Somalische verdachte (20) greep zijn kans, toen zijn vriend en trotse autobezitter iets vergat en nog even het trapportaal oprende, naar de woning van zijn moeder.

Terwijl de vriend boven was, reed de verdachte, die geen rijbewijs heeft, met zijn auto weg. Boze en argwanende telefoontjes van de achtergebleven vriend brachten de verdachte niet op het idee om een einde aan dit avontuur te maken. Integendeel, hij stuurde zijn vriend van het kastje naar de muur door alleen ’geduld’ te prediken. Uiteindelijk deed de woedende vriend aan het einde van de avond aangifte van diefstal.

Voor de rechter excuseert de verdachte zich omstandig. „Ik snap echt dat hij het zat was en zijn auto terug wilde”, zegt hij meermalen. „Maar ik wilde nog rijden en daarom heb ik ’m tot ’s avonds laat gehouden. Ik wilde die auto natuurlijk niet stelen. Ik heb niet eens een rijbewijs, dan ga je geen auto jatten en al helemaal niet van een vriend.” Als de rechter nogmaals aandringt op een antwoord op het ’waarom’, haalt hij zijn schouders op: „Ik weet het niet.”

De verdachte heeft aardig wat op zijn kerfstok, herinnert de rechter hem aan zijn lijvige strafblad. Diefstal heeft hierin een groot aandeel en al in 2007 rapporteerde de reclassering dat verdachte sterk beïnvloed werd door ’verkeerde’ vrienden. „U bent nog steeds jong, maar u moet toch heus ook zelf inspanningen gaan leveren om er iets van te maken”, waarschuwt de rechter hem.

„Maar ik probeer het ook beter te doen”, zegt de jongen. „Van de gemeente moet ik verplicht meedoen aan een werkproject van 32 uur per week, anders wordt er op mijn uitkering gekort. Ik heb echt de bedoeling aan het werk te gaan. Ik wil er wat van maken.”

De officier van justitie hoopt dat dit laatste klopt, maar is geenszins overtuigd. „Zoals het er nu naar uitziet, wacht meneer nog een andere zaak bij de politierechter. Verdachte is met te veel alcohol en zonder rijbewijs achter het stuur van een auto betrapt. Dat maakt het niet eenvoudiger.”

De officier wil er best rekening mee houden dat de laatste veroordeling van de verdachte van 2007 dateert. Tegelijkertijd vindt zij ’diefstal’ bewezen. „Hij is zomaar met de auto van nota bene zijn vriend weggereden.” De eigenaar van de auto heeft een zogenoemde ’vordering benadeelde partij’ ingediend. Hij wil vanwege schade aan de autovelgen – een gevolg van een onzachte aanraking met de stoeprand – en een deuk 746 euro vergoeding van verdachte. De officier eist een werkstraf van zestig uur. Ook vindt zij dat de vordering van de auto-eigenaar moet worden toegewezen.

De rechter acht ’verduistering’ van de auto bewezen, en niet diefstal. „U ging niet op pad om de auto te stelen”, zegt hij. „Maar het is een nare streek van u.” Hij legt verdachte een werkstraf op van veertig uur en verplicht reclasseringscontact. Zijn ex-vriend moet hij 250 euro schadevergoeding betalen.

Meer over