Steen is niet fascistisch

De beruchte Hitler-bunker houdt Berlijn angstvallig toegedekt. En van de megalomane plannen voor de wereldhoofdstad Germania is op een rij straatlantarens na niets terecht gekomen....

Door Philippe Remarque

Waar was het nou precies? Onder die parkeerplaats met het keurige grasperk? De vraag wordt vaak gesteld op deze plek, vooral door buitenlanders. Die zijn altijd gefascineerd geweest door de bunker waar Adolf Hitler aan het einde van de oorlog met Eva Braun trouwde en een dag later zijn hond Blondi, Eva en zichzelf vergiftigde.

Maar de Duitsers hebben het moeilijk met dit oord, merkte Alfred Kernd'l, de Berlijnse stadsarcheoloog die de bunker wilde openleggen, maar bot ving. Monumenten en gebouwen die officieel herinneren aan de nazi-misdaden, heeft Berlijn in overvloed. Een bordje dat de plek van de bunker aangeeft, is echter nergens te bekennen. 'Omdat ze bang zijn dat de neo-nazi's er een bedevaartsoord van maken. Maar juist die weten tot op de meter nauwkeurig waar alles was.'

De Führerbunker blijft de stad lastig vallen. De DDR-autoriteiten lukte het niet hem volledig op te blazen. Na de val van de Muur vonden werklieden de bunker van Hitlers SS-chauffeurs, compleet met kitscherig-naïeve muurschilderingen van koene SS'ers die Duitse vrouwen verdedigen. Later werd op het terrein van het toekomstige Holocaust-monument de intacte bunker van Goebbels ontdekt en stuitten bouwvakkers bij de aanleg van een straat weer op het onverwoestbare dak van Hitlers bunker.

'Zand erover en dichtgooien', luidde het standpunt van de Berlijnse monumentenzorg, ondanks de protesten van Kernd'l en enkele historici. 'De vondst werd behandeld als een staatsgeheim', klaagt Kernd'l. 'Men schaamt zich ervoor en wil er niet mee worden geconfronteerd. Het is een typisch geval van verdringing.'

Je krijgt de SS-fresco's alleen te zien in de map van gids Klaus-Dieter Jurk, die weliswaar van een ochtendborreltje houdt, maar echt alles van de bunker weet en tenminste niet zo politiek correct op het Duitse volk inhakt als de concurrerende gids van Zeitreisen. Verder is er slechts de parkeerplaats, die nadrukkelijk onschuldig ligt te wezen en natuurlijk juist daardoor iets onheilspellends krijgt. Wat er niet meer mag zijn, zo weet iedereen die wel eens langs bosranden heeft gezocht naar de Duits-Duitse grens, lijkt soms dubbel zo hard aanwezig.

Dat bleek ook bij de bouw van de nieuwe regerings- en parlementsgebouwen bij de Rijksdag, precies op de plaats waar Hitler en zijn architect Albert Speer het hart van hun megalomane wereldhoofdstad Germania planden. De architecten van nu ontwierpen hun Band des Bundes bewust als een letterlijke streep door de gigantische noord-zuid-as van Hitler en Speer. Een kras soort exorcisme, zeker als je bedenkt dat de as vanwege de oorlog nooit is gebouwd en alleen als maquette heeft bestaan.

Hitler liep over een speciaal tuinpad van zijn rijkskanselarij naar de tentoonstellingsruimten aan de Pariser Platz, waar Speer de maquettes had staan. Eindeloos bekeek hij de modellen: de grote Volkshal, met een koepel die zestien keer zo groot moest worden als de Sint-Pieter en 150 duizend mensen kon bevatten, of de triomfboog die van de Arc de Triomphe een Madurodam-model had gemaakt.

Hitler wilde Wenen en Parijs overtreffen, de steden die hij bewonderde. Hij had in Berlijn grootse sporen willen nalaten. Al in Mein Kampf maakte hij zich zorgen dat toekomstige archeologen bij het opgraven van Berlijn als belangrijkste gebouwen 'de warenhuizen van enkele joden en de hotels van sommige firma's' zouden aantreffen.

Germania is er nooit gekomen. Zelfs de maquettes zijn aan het einde van de oorlog spoorloos verdwenen. Je mag dit natuurlijk niet jammer vinden. Toch prikkelen de zeer gedetailleerde plannen de nieuwsgierigheid. Hoe zou het geweest zijn om over die immens brede boulevard te lopen en geïntimideerd te worden door de neo-classisistische giganten? 'Erg doods', vermoedt architectuurhistoricus Wolfgang Schäche, de grote Berlijnse specialist op het gebied van nazi-architectuur. 'Reist u naar Washington en loopt u over The Mall, dan krijgt u een idee.'

Een idee van Hitlers totalitaire architectuur is in Berlijn wel degelijk te krijgen: een reeks kloeke gebouwen uit die tijd is volop in gebruik, ondanks het duidelijke nazi-karakter. Neem die gigantisch hoge ingangshal van het Messe-gebouw in het westen van Berlijn. Beierse waldhoorns hebben er een prachtige akoestiek, liet een groep blazers in Lederhose op de eetbeurs Grüne Woche horen.

Ook zeer bruikbaar bleek het Olympische stadion, waar Hitler er in 1936 persoonlijk op toezag dat de Duitse atleten de meeste medailles wonnen. Er heeft een discussie gewoed of dit propaganda-oord nog wel mocht worden gebruikt. Sommigen wilden het stadion laten overwoekeren, de zogenaamde 'colosseumvariant'. Maar het werd een plaats voor Britse militaire parades, pausbezoek en Tina-Turnerconcert. Nu is dit het thuisstadion van voetbalclub Hertha BSC. Er wordt druk gebouwd aan een nieuwe tribune-overkapping voor de WK-finale van 2006. In juni komen de Rolling Stones weer.

Toch kan het weinigen ontgaan dat dit het Reichssportfeld van de nazi's is. Waar komen anders die twee gouden adelaars op zuilen vandaan? Op het Maifeld wordt nu gevoetbald. Maar de beeldhouwwerken van arische sporters verraden: hier werden parades gehouden, en SA-wedstrijden in granaat-vérwerpen. Kolossaal dreigen de stenen muren onder de Führerturm (nu Glockenturm). Hij kan worden bestegen, maar geen bordje wijst de bezoeker erop dat je op de eerste verdieping de Langemarckhalle vindt: een oorlogsverheerlijkende dodenschrijn waar Hitler voor de opening van de Spelen de Duitse soldaten van '14-'18 eerde. Kenners als Schäche vinden dat Berlijn de nazi-verbinding tussen sport en de heldendood op het slagveld verdoezelt. Hoe moet dat als de wereld hier in 2006 te gast is?

Wie vanuit het westen over de Bismarckstrasse Berlijn binnenrijdt, komt langs een lange, lange rij donkere, elegant-strenge straatlantaarns. Ze zijn ontworpen door Albert Speer, die er wel in slaagde een oost-west-as op te bouwen omdat de straten er al lagen. De Berlijners leven met hun nazi-architectuur. Niemand die zich stoort aan de halfronde grijze overheidsgebouwen aan de Fehrbelliner Platz, al hangt aan een zijmuur een beeld van nazi-beeldhouwer Arno Breker. Ook Sinterklaas niet. Die bezoekt elk jaar de Nederlandse kindertjes van Berlijn in het gebouw van het Deutsche Arbeitsfront, de nazi-vakbeweging, dat nu wordt gebruikt als gemeentehuis van de wijk Wilmersdorf.

En wie kijkt er in de Friedrichstrasse nu zo ver naar boven dat hij de gigantische stenen adelaar ziet die het arbeidsbureau bekroont? In adelaars grossierden de nazi-architecten. Het zijn geen gezellige vogels, maar ze vallen met de rest van de nazi-architectuur onder monumentenzorg. Ook bij het vliegveld Tempelhof wachten ze de reiziger op. Van de ijzeren deuren naar de grote vertrekhal zijn ze verwijderd, maar hun vorm blijft herkenbaar.

Die hal is hoog en sierlijk. Hij vormt het hart van een halve cirkel van beton en natuursteen, die niet meer wil ophouden. Architect Ernst Sagebiel heeft in Tempelhof een van de grootste gebouwen ter wereld ontworpen met een moderne ondergrondse toegang voor auto's en treinen. Op het dak zou een tribune komen voor tienduizenden toeschouwers van militaire shows op het vliegveld.

Sagebiel hield van flinke gebouwen. Hij heeft in het centrum van Berlijn voor Göring het grootste kantoorgebouw van Duitsland neergezet, met meer dan tweeduizend kamers en 6,8 kilometer gang: het Reichsluftfahrtministerium. Het werd door de DDR van hakenkruizen ontdaan en in gebruik genomen. Toen de regering na de hereniging terugkeerde naar Berlijn, stelden sommigen voor dit besmette gebouw, waar de bombardementen op Rotterdam en Coventry zijn gepland, af te breken.

Toch werd besloten de overlevende nazi-gebouwen juist met nieuw, democratisch leven te vullen. 'Met de geschiedenis kun je niet omgaan via de slopersbal', schreef minister van Financiën Hans Eichel, de nieuwe baas in Görings gebouw. 'Alleen het verdere gebruik biedt ons de kans om geschiedenis wakker te houden, als herinnering en waarschuwing voor de volgende generaties.'

Dat is juist, vindt architectuurhistoricus Schäche: 'Steen is niet fascistisch en ook niet democratisch.' Dus zit minister van Buitenlandse Zaken Joschka Fischer in de voormalige Reichsbank, waar de geplunderde joodse rijkdommen werden bewaard. In het oude propagandaministerie van Goebbels wordt over sociale zaken besloten en Eichel heeft zijn verzameling spaarvarkens opgesteld in het rijksluchtvaartministerie.

Hoe maakt een democratische regering een nazigebouw geschikt voor gebruik? Bij Buitenlandse Zaken heeft sterarchitect Kolhoff gekleurde wanden aangebracht om het gebouw minder somber te maken. Maar het rijksluchtvaartministerie moest zoveel mogelijk intact blijven, besloot architect en monumentenzorg-expert Christine Hoh, die het deskundigenadvies opstelde. 'Men moet het helaas toegeven: het gebouw heeft zijn kwaliteiten', zegt ze bij een rondleiding. Sagebiel was voor zijn nazi-carrière compagnon van de beroemde joodse avant-garde-architect Erich Mendelssohn, en dat kun je aan de elegant gewelfde trappen zien.

De fascistoïde entree, die bezoekers eerst in een duistere zuilenhal bracht en de blikken naar het hakenkruis en het Hitler-citaat bovenaan de trap leidde, is van zijn scherpe kantjes ontdaan. De hal is wat vriendelijker verlicht en op de plaats van het hakenkruis hangt een groot, modern schilderij met roze tinten. Maar Hoh geeft toe dat de uitgestrekte, streng-grijze buitengevel 'hoekig en militaristisch' is. 'Als je er langs loopt, is het een ongezellig gebouw. Het heeft een nazistische boodschap van overbiddelijkheid. Maar daar moeten we tegen kunnen. Dat is onze geschiedenis; daar kun je niet zomaar een periode uitsnijden.'

In zijn kamer aan een van de onafzienbaar lange gangen is een ambtenaar vol lof over de architectuur. 'Dit heeft meer stijl dan de nieuwe regeringsgebouwen.' Aan de Duitse geschiedenis ontkom je toch niet, vindt hij. 'Dan zou ik uit Duitsland moeten verhuizen, en ook dan zou het me nog achtervolgen.'

Meer over