Steeds weer die vocale bombarie

Somi * *

Ton Maas

Utrecht Hoe weinig garanties een op zich geslaagd format biedt, bleek donderdagavond in Vredenburg Leeuwenbergh, tijdens het optreden van de Amerikaanse zangeres Somi in het kader van de zogeheten World Sessions. Zo'n 'session' bestaat uit de vertoning van een korte documentaire over de artiest, gevolgd door een live interview, een kort concert en een informele 'meet & greet'. Tijdens het vorige seizoen pakte dat nog prima uit voor de Zimbabwaans-Engelse zangeres Netsayi, mede dankzij een geanimeerd interview door radiomaker Co de Kloet. Maar Somi moest het doen met ene PP Fischer, die niet verder kwam dan het afwerken van een rijtje routineuze vragen. En die van de door Somi genoemde voorbeelden als trompettist Hugh Masekela en schrijver Chinua Achebe ook vrijwel niemand scheen te kennen.


Hoewel Somi tijdens het interview voortdurend sprak over haar Afrikaanse connectie - ouders geboren in Rwanda en Oeganda - en over Afrikaans bewustzijn, viel tijdens het concert juist op hoe weinig Afrika ze in haar muziek heeft gestopt. Haar zelfgeschreven songs refereren sterker aan het American Songbook dan aan Afrikaanse stijlen. Haar stem is ook onmiskenbaar geschoold in de Amerikaanse jazztraditie en het klassieke pianotrio dat haar begeleidt, versterkt dat beeld alleen maar. Zelfs als ze met nadruk een lied aankondigt in de taal van haar Oegandese moeder, blijkt dat alleen de titel niet in het Engels wordt gezongen.


Veel van Somi's songs beginnen met een fraai ingehouden spanning tussen stem en spaarzame begeleiding. Telkens hoop je als luisteraar dat ze die weet vast te houden, maar anders dan Cassandra Wilson, de meesteres van dit idioom, laat ze vrijwel elk stuk ontsporen in een geëxalteerd slot vol vocale en instrumentale bombarie. Die ene keer dat ze in duet met contrabassist Keith Witty de spanningsboog tot het eind toe weet vast te houden - in het titelstuk van haar nieuwe cd If the Rains come first - is dan ook meteen het overtuigende hoogtepunt van de avond.


Ton Maas


Meer over