STAD IN DE STAD

aziatisch londen..

Hoewel Londen geen echte getto's kent en de Aziaten zich redelijk verspreid hebben over de hele stad, woont een groot deel nog altijd in bepaalde wijken waar ze traditioneel zijn neergestreken. Tijdens de tweede helft van de negentiende eeuw vestigden Indiase zeelieden (lascars) zich als eerste Aziaten in het havengebied van Stepney. Later verspreidden ze zich van hieruit over aanliggende marktwijken. In dia se kinderjuffrouwen (ayahs) streken in dezelfde tijd neer in buurten in de East End.

In de jaren twintig van de vorige eeuw kwamen veel sikhs uit de Punjab, studenten en gespecialiseerde vaklieden naar Londen. In die tijd werd aan Leicester Square ook het eerste Indiase restaurant geopend. De onafhankelijkheid van India en Pakistan leidde in 1947 tot een grote immigratiegolf van onderwijzers, doktoren en voormalige legerofficieren. Behalve in hun eigen vakgebied vonden velen een baantje in Southall of andere geïndustraliseerde wijken in Londen. Na de onafhankelijkheid van Oost-Pakistan onder de nieuwe naam Bangladesh begon een grote nieuwe immigratiestroom. Daarnaast weken Aziaten die eerder in Afrika waren neergestreken, in die tijd uit naar Groot-Brittannië, nadat ze in Kenia en Uganda werden achtergesteld.

Bekende Londense wijken met veel Aziaten en Aziatische cultuur in Londen zijn Brent, West Ham, Southall, Tooting en delen van de East End (Banglatown).

Wie alle aspecten van de Aziatische cultuur van Londen wil zien, heeft vele dagen nodig. Wie in één dag van deze cultuur wil proeven, kan het best in de East End beginnen. Het gebied rond Brick Lane heet hier Banglatown. Bij de ingang van de straat is, net zoals bij Chinatowns, zelfs een heuse poort opgetrokken die aangeeft dat men in een andere wereld terechtkomt.

Behalve de winkels van talrijke immigranten uit Bangladesh bevinden zich in deze buurt ook talrijke nieuwe galerieën en trendy cafés die in de jaren negentig hier zijn gekomen en veel Citybankiers als klant hebben.

Op de hoek met Fournier Street bevindt zich de bekende Brick La ne Moskee. Het gebouw was aanvankelijk een Hugenotenkerk, daar na een synagoge en is nu een gebedshuis voor de islam.

In de wijk Brent kan de grote hindoetempel worden bezocht (metrostation Neasden aan de Jubilee Line). Na de lange metrorit is het ook nog een flink stuk lopen. Maar de doorzetters worden beloond. De Swaminanayan Temple is een van de spectaculairste gebouw - en van Londen. Jaarlijks trekt de tempel 250 duizend bezoekers. Brent - bij de Engelsen vooral bekend vanwege het Wembley-voetbal stadion - is met dertig nationaliteiten de meest multiculturele wijk van Londen.

beginnen

Vanaf metrostation Aldgate-East aan de District Line, naast de London Guildhall University, kun je een wandeltocht volgen. Over Whitechapel High Street loop je in de richting van Osborn Street. Op de hoek met Gunthorpe Street zijn een nieuwe kunstgalerie - de White chapel Art Gallery - en een bibliotheek met veel islamliteratuur gevestigd. Na linksaf Osborn Street te zijn ingeslagen zijn oosterse lantaarnpalen te zien.

winkelen

Osborn Street gaat bijna naadloos over in Brick Lane met met een aan de rechterhand het zogenoemde Modern Saree Centre (nr. 28), waar de mooiste Indische kleding van deze straat wordt verkocht. Even verderop (nr. 42) is de Empee Silks Fabrics-winkel met een grote collectie zijden stoffen.

De kleine winkels in deze straat bieden talrijke oosterse groenten en kruiden en de meest uitgebreide collectie curry's ter wereld. Ook zijn er wierookstokjes te koop, evenals de Bangla Mirror. Basanti-rijst wordt hier in zakken van liefst 20 kilo verkocht. Taj Store, die wordt geëxploiteerd door drie broers uit Bangladesh, werd onlangs onderscheiden met de prijzen voor grootste assortiment en beste hygiëne. 'Ik denk dat andere Aziatische kruideniers in onze voetsporen zouden moeten treden. Het gaat er niet alleen om een grote winkel te hebben, maar ook om het schoon te houden', zegt de eigenaar trots.

Het Modina Gift Centre aan Brick Lane - nr. 4 - biedt een grote collectie aan oosterse snuisterijen, terwijl Music House - Brick Lane 74 - oosterse muziek aanbiedt.

Op zondag vindt in de wijk ook nog de zogenoemde Whitechapel markt plaats met Indiase juwelen, specerijen, groenten, zijde en sari stoffen.Wie de keuze nog onvoldoende vindt, kan uitwijken naar Green Street (ruim een half uur met de Hammersmith & City Line naar metrostation Upton Park) waar talrijke boutiques vol sari's en sieraden zijn te vinden.

eten

Brick Lane is een paradijs voor curryholics. Het krioelt van de zogenoemde Balti Houses. Preem Restaurant (nr. 120) is een gerenommeerd curryrestaurant. De Masala Dosa die hier wordt geserveerd, geldt als de beste van Londen. De gerechten zijn ook heel betaalbaar - 5,95 pond voor een curry - en dat kan van weinig gewone restaurants in Londen worden gezegd. Een goed alternatief is de Fa mous Curry Bazaar op Brick Lane 77.

extra

Het oosterse Brick Lane eindigt bij de Truman Black Eagle Brewery, een voormalige bierbrouwerij die omgebouwd is tot cul tureel centrum (tot en met 3 februari 2003: Bodyworks, expositie van 'echte mensenlichamen'). Rond dit gebouw zijn talrijke trendy cafee tjes.

Wie nog niet voldoende Indiase sfeer heeft opgesnoven kan de dag afsluiten met oosters entertainment. Er zijn in Londen in diverse bios copen altijd Bollywood-films te zien en in het Apollo Victoria The atre draait Andrew Lloyd Webbers nieuwe musical Bombay Dreams over een liefdesrelatie in de Indiase filmindustrie.

Peter de Waard

turks berlijn

'Berlijn is de grootste Turkse stad in Europa na Istanbul', luidt het cliché. Wie de Turkse Gouden Gids voor Berlijn doorbladert raakt onder de indruk. Van vroedvrouw tot verhuisbedrijf, van kapper tot computerwinkel, alles is in het Turks voorhanden. Er staan veel flamboyant gedecoreerde feestzalen voor bruiloft of besnijdenis in het boekwerk. Maar ook een keur aan vlees, groente, messen en machines die nodig zijn om de populairste Turkse specialiteit te maken: döner kebab. De Duitsers in Berlijn eten er inmiddels meer van dan van hun eigen traditionele currywurst.

Het Turkse universum is ontstaan toen de Duitse industrie in de jaren zestig dringend arbeiders nodig had. In 1961 woonden 284 Tur ken in Berlijn, nu zijn het er 160 duizend. De gastarbeiders van het eerste uur zijn terug naar Turkije, met pensioen of liggen begraven op de Turkse begraafplaats in Tempelhof. Hun kleinkinderen zijn hier geboren en maken hiphopliedjes over het leven tussen twee culturen.

De meeste gastarbeiders vestigden zich in Kreuzberg, waar de huizen oud en goedkoop waren. Inmiddels wonen net zo veel Turken in de arbeiderswijken Neukölln en Wedding. Turkse families die het beter gaat, zwermen uit over de hele stad. Na de val van de Muur moest ook Oost-Berlijn worden voorzien van döner-tenten.

Maar de grootste concentratie aan Turks straatleven is nog steeds te vinden in Kreuzberg, soms ook wel aangeduid als 'Klein Istanbul': er zijn Turkse banken, supermarkten, reisbureaus, slagers en kledingwinkels. Een monument voor de ondernemingszin van de Turken, die veelal ongeschoold naar Duitsland kwamen.

beginnen

Het centrum is de Kottbusser Tor, een plein met veel verkeer en betonbebouwing uit de jaren zeventig. De Berlijnse lelijkheid lijkt iedere oriëntaalse sfeer in de weg te staan, maar daarvan trekken de Turken zich niets aan. In de theehuizen zitten mannen onder tl-licht te kaarten, te roken en sterke thee met suiker te drinken uit de typische gewelfde glaasjes. De werkloosheid is onder Turken twee keer zo hoog als onder Duitsers. Niet-Turken worden hier vreemd aangekeken. Maar zodra zich een gesprek ontspint zijn de mannen heel gastvrij. De eigen consumptie betalen is uitgesloten.

winkelen

Op de 'Turkenmarkt' aan de Maybachufer (dinsdag en vrijdag) kopen ook Duitsers hun oriëntaalse kruiden en Turks brood, maar de meeste klanten dragen hoofddoekjes en spreken Turks met de marktkooplui. Die brengen hun waar joviaal aan de man. De stroef bedienende Duitsers kunnen er nog wat van opsteken. Ook als ze niets verkopen zijn de Turken aardig en toeschietelijk, en dat valt op.

Fijn zijn de winkels met bruidskleding en goudbestikte besnijdenispakjes (bijvoorbeeld Tekbir bruids- en feestkleding, Kotbusser Damm 102). De jongetjes krijgen hier ook muiltjes aangemeten met opkrullende punten en een sierbal. En natuurlijk de winkels in theeservies en diverse prullaria, de een nog oogverblindender lelijk dan de andere (bijvoorbeeld Arzu Export, theeservies en prullaria, May bachufer 1). De volksmuziek jengelt en tussen de schappen met plastic bloemen en lijstjes met het 'goede oog' flakkeren rode lampjes. Dit is de gelegenheid om porseleinen honden, samowars en waterpijpen in te slaan. Of een glanzend plastic portret van de schoonzoon van de profeet, die wordt vereerd door de alevieten (een islam-stroming waartoe een derde van de Berlijnse Turken behoort).

In de Oranienstrasse is elke dag tot twee uur 's nachts een feeëriek ingerichte nootjeswinkel open. Wie geluk heeft komt net binnen als de medewerkers in een grote zilveren machine de noten roosteren. De versgebrande pompoenpitten zijn verslavend (Smyrna Kuruyemis, Oranienstrasse 27).

eten

Turkse restaurants zijn er in alle soorten en maten. Een aanrader is Hasir aan de Adalbertstrasse 12, deel van een keten van restaurants, hotels en tankstations in Berlijn en Turkije van de zes broers Aygün. In de oude vestiging kun je een uitstekende döner eten, ook 's nachts.

In het nieuwe Hasir ernaast wordt kostelijk vlees gegrild op een enorme bakplaat. Enkele panden verderop is overdag mierzoete en kleverige baklava van de beste kwaliteit te krijgen. Lekker is de kadayif, die er uitziet als een vierkant grasmatje (Güllüoglu, Adal bert strasse 9).

extra

In het hart van het links-revolutionaire Kreuzberg dragen de muren naast opschriften als 'Staat verrecke!' ook sporen van Turkse graffiti-spuiters en aanplakbiljetten van 'Bolsevist Partizan' of 'Frei heit für Kurdistan'. Even verderop is de club so36 (Oranienstrasse 190), waar op de laatste zaterdag van de maand de hippe Gayhane-party plaatsvindt: 'D-jane Ipek', een Turks meisje, draait oriëntaalse house en hiphop voor een multicultureel publiek, deels afkomstig uit de Turkse homo-scene. In so36 treedt ook af en toe de Turkse vrouwelijke rapper Aziza A. op.

Een gewonere avond uit tussen Turken is buiten Kreuzberg te vinden: op de laatste zaterdag van de maand is het Türk de Luxe-feest in de bka-tent aan Unter den Linden, en elk weekeinde disco in Metro (Warschauer Platz 25). In deze dansgelegenheid onder het metrostation Warschauer Strasse komen de döner-verkopers met hun dikke nekken en gouden kettingen. De jongens kussen elkaar en bestellen aan hun tafeltjes dure schalen met fruit. De meisjes dansen op opzwepende oriëntaalse discomuziek. Bij een cola vertellen ze waarom ze zich Turks voelen maar toch nooit in Turkije willen wonen, waarom ze als maagd het huwelijk ingaan en waarom ze neerkijken op hun mannelijke Turkse leeftijdsgenoten, die wel dure auto's leasen maar in het beroepsleven minder klaarspelen dan de meisjes.

De volgende dag kan worden gezweet in Sultan Hamam aan de Bülowstrasse 57, opgezet door de vrouwelijke Turkse ondernemer Yase min Bayraktar. Bezoekers krijgen een koperen schaaltje om in het stoombad water over zich heen te gieten. Kamers met kaarsjes en kundige masseurs zorgen voor de ontspanning.

Philippe Remarque

arabisch parijs

Wie de Eiffeltoren en Centre Pompidou wel vaak genoeg heeft gezien en eens een geheel ander Parijs wil ervaren, kan kiezen voor een dagje Noord-Afrika. Er zijn dan drie wegen te bewandelen: de avontuurlijke, de verantwoorde en de gemoedelijke weg.

Het avontuur speelt zich af in de avonduren ten noorden van Gare du Nord en ten oosten van Boulevard Barbès - met de ene hand op de portemonnee en de ander op de mobiel loop je door de Rue de la Goutte d'Or, tussen de uitgebrande autowrakken. Voor wie graag zijn overlevingsinstinct op de proef stelt.

De verantwoorde weg is een bezoek aan de bekendste Arabische instituten van Parijs: La Mosquée de Paris en het Institut du Monde Arabe. Allebei zeer de moeite waard (zie hieronder), maar ook allebei in het keurige vijfde arrondissement en daarmee nogal ver verwijderd van het dagelijkse bestaan van Noord-Afrikanen in Parijs.

Om daarin door te dringen, is de gemoedelijke weg aan te raden: een uitstapje naar Belleville - het twintigste arrondissement en omstreken, dat vooral bekend is vanwege de begraafplaats Père Lachaise. In die volkswijk lopen de (Noord-)Afrikaanse, Aziatische en Franse cultuur op een wonderlijke manier door elkaar heen. Méér dan waar ook speelt het leven zich hier op straat af. 'De meest kosmopolitische wijk van Parijs', heet Belleville te zijn - en daar is niets overdrevens aan.

Ten slotte de verantwoorde weg - het Institut du Monde Arabe

(1 Rue des Fossées-Saint-Bernard, vlakbij het Ile St.Louis) biedt van alles: oude en moderne kunst uit de gehele Arabische wereld, films, exposities. In een moeite kun je doorlopen naar de Mosquée de Paris, vlakbij Quartier Latin; indrukwekkend met zijn ruime binnenplaatsen en prachtig mozaïekwerk. De buitenstaander mag overal komen, behalve in de gebedsruimte. De moskee is verder uitgerust met een theehuis, een restaurant, een souk (winkel) en een hamam (badhuis), voor mannen én vrouwen, 39 Rue Geoffroy Saint-Hilaire.

beginnen

Voor een rondleiding kun je contact opnemen of langsgaan bij Belleville Insolite ('Buitengewoon Belleville'), een enthousiaste club met jonge rondleiders die trots zijn op hun wijk.

Op donderdag tot en met zondag organiseren deze rondleiders een groepswandeling door de buurt. Wie met vijf personen of meer is, kan zelf een tijdstip afspreken. Anders begint de wandeling om 14.00 uur. Vooral aan te raden: 'Bouillon de cultures' op vrijdagen, waarbij het multiculturele ka rakter van Belleville centraal staat. 1 Rue Robert Hou din, telefoon: 0143574985, www.belleville-insolite.org.

winkelen

Markten. Liefhebbers van de vrolijke chaos die markt heet, komen ruimschoots aan hun trekken op de Marché Belleville - midden op de Boulevard de Belleville. Overwegend Arabische marktlieden die hun producten luidkeels, in het Frans, aanprijzen.

Schuifel mee met de massa langs de overigens weinig exotische kraampjes. Gezellig, levendig en goedkoop. Iedere dinsdag en vrijdag, van 's ochtend vroeg tot een uur of twee. Wie op zoek is naar delicatessen kan beter uitwijken naar de eveneens kleurrijke markt op Place d'Aligre, dagelijks in het belendende elfde arrondissement - met de lekkernijen in het overkapte gedeelte.

Een keur aan islamitische boekwinkeltjes is te vinden in de Rue J.P.Thibauld. Die zijn aardig om binnen te lopen: niet direct om boeken te kopen (tenzij Le Mariage Islamique Bienheureux als titel aanspreekt), maar wel om sfeer te proeven. Dwaal door de straatjes in deze buurt vol Arabische couscous-tentjes, kappertjes en reisbureaus die zijn gespecialiseerd in reizen naar Mekka.

eten

Even bijkomen? Salon de Thé l'Emir heeft een prettig terras en vriendelijke bediening. Met kans op een trekje aan een waterpijp.

5 Place Maurice Chevalier. Een alternatief is een oosterse patisserie, onder meer op de Boulevard de Belleville.

De beste van de buurt (uitverkoren door de kenners van Lafayette Gour met) heet La Bague de Kenza (106 Rue St. Maur) en is in handen van een Algerijnse familie. Een vrome familie, getuige de gebeden via de muziekinstallatie, maar de beloning mag er zijn: voortreffelijke taartjes.

Restaurants zijn er in overvloed - Marokkaans, Algerijns, Tune sisch. Enkele tips:

1.Restaurant Les Quatres Frères is in de categorie 'eenvoudig, maar lekker' een aanrader - een Algerijns etablissement, waar niet met menukaarten wordt gewerkt en het eten snel op tafel wordt gezet. De ambiance is wat de Fransen esprit cantine noemen. Voor 8 euro een hele maaltijd, vooral de couscous is goed. 127 Boulevard Ménil mon tant, vlakbij het gelijknamige metrostation.

2.Le café Hafa is de Marokkaanse variant op Les quatres frères en geniet eveneens een goede reputatie onder de buurtbewoners. Een klein restaurant waarin je enigszins op elkaar gepakt zit, maar de porties lijden daar niet onder. De kokkin laat zich vooral voorstaan op haar tfaya, een zoet-zoute couscous. 14 Rue de l'Orillon.

3.Restaurant Le Souk is van een hoger niveau - geen esprit cantine, maar een verzorgd restaurant, in stijl gedecoreerd, en met de verfijndere gerechten. 1 Rue Keller, wat verder uit de buurt, maar de moeite van de wandeling waard.

4.Restaurant l'Olive salé is een Berberrestaurant dat pas enkele maanden open is, maar al prima loopt - in het weekend is reserveren aan te raden. Aangename sfeer; eenvoudige, maar smaakvolle aankleding. Vanaf de tafeltjes kunnen de bezigheden in de (open) keuken goed worden gevolgd. 128 Rue St. Maur.

extra

Voor alle actuele informatie over exposities, muziek en dansvoorstellingen van de Berbercultuur in de buurt: de Association de Culture Berbère (acb) houdt het allemaal bij - raadpleeg hun website (www.acbparis.org) of bel 0143582325.

Exposities zijn er regelmatig in de kleine pijpenla die Galerie Tamurt heet, in 25 rue de Montreuil, en daarmee enigszins uit de buurt, maar wel met bijzondere Kabylische sieraden, waarop eigenaar Hamou Messaoudi vooral trots is, en met fraai Berbers aardewerk.

Fokke Obbema

Meer over