REPORTAGE

Springt China in het gat dat leger VS achterlaat in Seoul?

Nu de Verenigde Staten hun legerhoofdkwartier in Zuid-Korea verplaatsen van de hoofdstad Seoul naar het zuiden, staan alle Korea-watchers op scherp. Schuift het Aziatische land op in de richting van China?

Zuid-Koreaanse kinderen staan bij het monument voor de Koreaanse oorlog (1950-53) in Seoul. Beeld AP
Zuid-Koreaanse kinderen staan bij het monument voor de Koreaanse oorlog (1950-53) in Seoul.Beeld AP

Nieuwsgierig klimmen Koreaanse jongetjes de ladder op naar de cockpit van de oude B52-bommenwerper die in het hartje van Seoul staat opgesteld. Ook Amerikaanse marineboten en tanks van weleer oefenen grote aantrekkingskracht uit op de jonge bezoekers van het War Memorial of Korea. Hier wordt de Koreaanse oorlog (1950-53) herdacht - een strijd tegen het door China en de Sovjet-Unie gepropageerde communisme waarbij ruim 33 duizend Amerikanen sneuvelden.

Grenzend aan het herdenkingsmonument bivakkeren duizenden nog levende Amerikaanse mariniers in de Yongsan Garrison, het hoofdkwartier van het Amerikaanse leger in Zuid-Korea. Al sinds het einde van de Koreaanse oorlog nemen de VS een terrein van ruim twee vierkante kilometer in het stadscentrum in beslag. 'US Government Property' staat er op de oude, bleke muren die de reusachtige basis van de buitenwereld afsluiten. Maar die bordjes hangen er niet lang meer, nu de Amerikanen hebben besloten hun Koreaanse hoofdkwartier om militair-tactische redenen naar het zuiden te verplaatsen en de hoofdstad de rug toe te keren.

De vraag is of daarin symboliek valt te zien, nu Zuid-Korea steeds warmere betrekkingen met China onderhoudt. Dat land is niet alleen uitgegroeid tot veruit de belangrijkste handelspartner, maar ook essentieel voor het ooit oplossen van 'het probleem Noord-Korea'. De vraag die kenners van de internationale verhoudingen bezighoudt: is er sprake van een Koreaanse 'kanteling naar China'?

null Beeld .
Beeld .

Militaire parade

Een ervaren Europese diplomaat in Seoul ziet dat wel zo: 'De politiek is hier de economie gaan volgen. Je hebt het over een handelsvolume tussen beide landen van 290 miljard dollar op jaarbasis. Koreaanse producten staan erg goed aangeschreven bij de Chinese consument; het is voor hen nog net geen made in Germany, maar het komt in die buurt. En Koreaanse bedrijven zitten tot over hun oren in China, er vinden dagelijks 140 vluchten over en weer plaats. Dan is het logisch dat de regering de relatie wil verbeteren. President Park kan het beter met China vinden dan haar voorgangers.'

Hoe goed de verhoudingen inmiddels zijn, bleek wel in september toen Park hoofdgast van de Chinese president Xi was bij diens enorme militaire parade. Op het Plein voor de Hemelse Vrede werd de zeventig jaar oude overwinning op het 'Japans fascisme' met wapenvertoon kracht bijgezet. Zuid-Korea kon niet ontbreken, stelde Park, omdat haar land van 1910 tot 1945 onder het Japanse juk had gezucht. De Amerikanen die alle andere bondgenoten ervan wisten te overtuigen niet hun regeringsleiders te sturen, waren not amused dat Park volhield en toch ging.

Haar aanwezigheid bij die parade is niet de enige aanwijzing voor een Koreaanse kanteling. Vorige maand werd het vrijhandelsverdrag TPP beklonken tussen de VS en andere Aziatische landen, maar Zuid-Korea en China deden niet mee. Wel sloten zij deze zomer een nieuw handelsverdrag met elkaar. Ook besloot Zuid-Korea mee te doen met de Chinese ontwikkelingsbank AIIB, ondanks Amerikaanse afkeer van dat project. Bovendien heeft Zuid-Korea nog altijd geen 'ja' gezegd tegen een door de VS aangeboden geavanceerd defensiesysteem, THAAD geheten. China heeft zich daar fel tegen gekeerd, omdat de raketten Chinees grondgebied kunnen raken. 'Aan die Chinese druk is gehoor gegeven', stelt de westerse diplomaat.

Pro-China

Maar Koreaanse kenners ontkennen dat er van een 'kanteling naar China' sprake zou zijn. Lee Hee-ok, directeur van het China-instituut van de Sungkyunkwan Universiteit in Seoul, zegt wel te begrijpen dat 'de internationale gemeenschap is gaan denken dat we pro-China zijn', maar benadrukt dat er geen wezenlijke verandering in het beleid heeft plaatsgevonden: 'In onze driehoeksverhouding met China en de VS staan de Amerikanen nog altijd op nummer één. Voor onze veiligheid blijven we van hen afhankelijk, nu en in de toekomst. Wat wel is veranderd, is de neiging bij de regering om zich op de goede relatie met China voor te staan.'

Alle voorbeelden van een meer pro-Chinese houding tracht hij te weerleggen. 'Je moet die zaken van geval tot geval bekijken en dan zie je telkens dat er geen sprake is van een keuze tegen de VS. Neem THAAD. Zuid-Korea vindt dat erg duur en het is ook nog niet uitontwikkeld, dus het is te vroeg om er nu over te beslissen.' Wel geeft hij toe dat de relatie met China bij het besluit ook meespeelt: 'Natuurlijk moeten we ervoor waken dat we worden gezien als een land dat meedoet met de Amerikaanse indamming van China. Want dat zou tot een verslechtering van onze relatie met hen leiden.' Voormalig topambtenaar Choi Kang, verbonden aan het Asian Institute, schetst die Koreaanse oefening op de diplomatieke evenwichtsbalk.

Genietend van zijn herwonnen intellectuele vrijheid bij zijn door het bedrijfsleven gefinancierde denktank toont hij zich kritisch over alle hoofdrolspelers. Zijn regering mag dan tegenwoordig uitdragen dat China zo'n constructieve partner is in het overleg over Noord-Korea, achter de schermen wordt daarover volgens hem heel anders gedacht: 'Er is grote ontevredenheid over de Chinese houding. Want China wil (de Noord-Koreaanse leider) Kim Jung-un in het zadel houden en blijft daarom Noord-Korea van goederen voorzien, ondanks de sancties van de VN. Officieel worden die door China wel gesteund, maar in de praktijk helemaal niet'.

De Koreaanse regering blijft tegenover de buitenwereld mooi weer spelen ondanks die Chinese dubbelzinnigheid, zoals Park zich ook op de vlakte houdt over de Chinese claims op de Oost- en Zuid-Chinese Zee. Zij rept slechts over 'gedragsregels, waaraan alle partijen zich moeten houden', maar kiest geen partij. Choi ergert zich daaraan: 'We zouden ons krachtig moeten uitspreken ten gunste van vrijheid van scheepvaart, maar dat laten we helaas na. Ik begrijp wel dat de VS daarover gefrustreerd zijn.' Nog stiller is Park over het territoriale dispuut met China over een rotspunt, Ieodo in de Gele Zee. 'Dat is in territoriale disputen altijd het beste', beweert een hoge ambtenaar op het ministerie van Buitenlandse Zaken.

China-complex

Maar Choi verwijt zijn regering te lijden aan een 'China-complex', waardoor Zuid-Korea internationaal te kleurloos wordt: 'We zeggen volwassen te willen worden met ons buitenlands beleid. Dan moeten we niet alleen maar aan onze eigen kleine belangen denken, maar ook internationaal meehelpen met het verdedigen van bijvoorbeeld vrije scheepvaart'. Meer zelfbewustzijn is op zijn plaats, omdat ook de Chinese macht grenzen kent: 'Wanneer de Chinezen hard op ons gaan drukken om THAAD niet te nemen, leidt dat hier tot zoveel opwinding dat het juist wel gaat gebeuren. De Amerikanen hoeven zich eigenlijk alleen maar stil te houden.'

Maar dat is nu juist niet de Amerikaanse stijl, zeker niet nu zij Park van een al te pro-Chinese koers verdenken. Choi zucht: 'Inderdaad, we hebben te maken met strategisch wantrouwen tussen een gorilla van 700 pond en een gorilla van 400 pond'. Hoe moet Zuid-Korea zich daartoe verhouden? 'Niet kantelen naar China. De Amerikanen hebben helaas geen helder idee voor onze regio, behalve dat ze de stabiliteit willen handhaven. Maar we moeten niettemin ons bondgenootschap met hen versterken om beter met China om te kunnen gaan.'

Ook instituutsdirecteur Lee Hee-ok kiest voor dat aloude bondgenootschap. Dat mag dan teruggaan tot een ideologische strijd waarvan tegenwoordig geen sprake meer is, maar in zijn ogen behoort zijn land zich aan te blijven sluiten bij de bestaande, 'door het westen geleide' wereldorde: 'Wij Koreanen voelen ons daar goed bij. China is geen voorbeeld voor ons, het heeft geen aantrekkelijk staatsmodel', zegt de auteur van The Search for Good Democracy in Asia. Hij weet wel een manier waarop zijn land duidelijk kan maken waar het staat: 'Onze regering zou de Chinese regering eens moeten aanspreken op de mensenrechten in China', glimlacht hij.

Koreanen wonen graag in China

Bij de toenadering tussen China en Zuid-Korea speelt ook culturele verwantschap een rol. Boudewijn Walraven, emeritus hoogleraar van de Leidse universiteit en nu verbonden aan de Sungkyunkwan Universiteit in Seoul, wijst op de 'gemeenschappelijke normen en waarden, afkomstig uit het confucianisme en boeddhisme' die beide landen met elkaar delen. 'Historisch erkent Zuid-Korea China als de veel grotere macht. Van 1637 tot in de 19de eeuw, toen in China zelf de barbaarse Mantsjoes aan de macht waren, beschouwde Korea zichzelf als 'Klein China', de vertegenwoordiger van de ware Chinese beschaving. Dat tekent wel de verwantschap, al is er ook een dubbele houding tegenover China. Want het is niet alleen de economische bondgenoot, maar ook de militaire bondgenoot van de vijand, Noord-Korea.'

Toch heeft China volgens Walraven een veel betere pers onder Koreanen dan de voormalige bezetter Japan. 'Als je hier van iemand zegt dat hij pro-Japans is, geldt dat nog altijd als een verdachtmaking. Dat is niet zo bij 'pro-Chinees'. Er is zelfs enige bewondering voor de Chinese cultuur - de grootschaligheid van de Verboden Stad in Peking, dat wordt hier indrukwekkend gevonden. Koreanen gaan ook graag in China wonen: in zowel Sjanghai als Peking heb je grote gemeenschappen. En omgekeerd komen Chinese toeristen graag hierheen om te winkelen - veel Koreaanse cassières spreken daarom Chinees.'

Meer over