Spectres * * * *

Een documentaire als een thriller over de moord op de premier van Congo, en allesbehalve objectief.

Sven Augustijnen: Spectres, solotentoonstelling. De Appel, Amsterdam, t/m 12 februari 2012. deappel.nl

Langer dan honderd minuten duurt Spectres (2011) van de Belgische kunstenaar Sven Augustijnen (1970), en al die tijd zit je aan je stoel gekleefd. De indrukwekkende film, vertoond in kunstcentrum De Appel in Amsterdam, stelt het Belgische onderzoek naar de moord op Patrice Lumumba aan de kaak. Lumumba was de eerste premier van het onafhankelijke Congo, de voormalige Belgische kolonie, die vanwege zijn opruiende speeches in 1961 uit de weg is geruimd.

Augustijnen is bekend van schrijnende films over taboe-onderwerpen als zakkenrollers (L'école des pickpockets, 2000). Sinds 2005 richt hij zijn pijlen op de nog altijd door het heden warende spoken van het koloniale verleden. Zo toont hij in de fotoserie Les Demoiselles de Bruxelles (2007/2008) de voortdurende ongelijkheid door Congolese straathoeren te combineren met details uit hun Brusselse werkomgeving, opgetrokken met winsten uit de Congolese mijnen.

In Spectres volgt Augustijnen de 80-jarige ridder Jacques Brassinne de la Buissière op een tocht door Congo. Brassinne deed dertig jaar onderzoek naar de ware toedracht rond de moord op Lumumba. Zijn proefschrift werd cum laude onthaald en hij trad op als kroongetuige bij de parlementaire enquêtecommissie, die op basis van zijn ondervindingen concludeerde dat de Belgische staat geen blaam treft bij de moordpartij.

Lang niet iedereen gelooft Brassinnes versie van de werkelijkheid. Daarom wil hij voor de camera zijn gelijk bewijzen. Kalm, boven op de huid, met de camera in de hand volgt Augustijnen de aristocraat. Zijn camera is geduldig, registreert - de Belgische vlag in de tuin van de zoon van de voormalige minister voor Koloniale Zaken, de arrogante houding van Brassinne tegenover de weduwe van Lumumba.

Als een detective ontraadselt Augustijnen Brassinnes verhaal, toont hij aan hoezeer zijn getuigen, net als Brassinne ooit hoge ambtenaren, onmogelijk objectief kunnen zijn. Zijn bewijzen, waaronder in de Appel getoonde amateuristische foto's en zelfgemaakte landkaarten, blijken flinterdun.

Augustijnens documentaire is spannend als een thriller en allesbehalve objectief. De kunstenaar husselt scènes door elkaar, zet er emotionele muziek onder, laat citaten door het beeld glijden van bewijzen die Brassinne achterhoudt. En betaalt Brassinne zo met gelijke munt terug. Want diens onderzoek blijkt bovenal een emotionele exercitie van een vertegenwoordiger van het ancien regime om het eigen blazoen en dat van zijn geliefde vaderland te zuiveren.

Zelden heeft subjectieve kunst de vermeende objectieve wetenschap zo genadeloos ontmaskerd.

undefined

Meer over