Somalië maakt zich op voor komst nieuw bestuur

De nieuwe regering van Somalië zit nog in Kenia, maar deze maand staat de terugkeer naar Mogadishu op het programma....

In Eldoret denken ze er met afgrijzen aan terug. In 2002 streken vele honderden Somaliërs neer in het stadje in het westen van Kenia om daar over vrede te spreken. Maar praten deden de vele honderden krijgsheren nauwelijks; ze schreeuwden naar elkaar, ze gingen op de vuist, ze aten de buffetten leeg en vergaten na hun maandenlang verblijf hun hoge rekeningen te betalen.

Tot een echt vredesberaad kwam het niet. Dat lukte pas vorig jaar in Nairobi. Aan de rand van de stad troffen de warlords elkaar vorig jaar opnieuw. Onder leiding van de Keniaanse diplomaat Bethwel Kiplagat konden toen wél zaken worden gedaan.

Kiplagat beperkte het aantal deelnemers tot vierhonderd. Hoewel de islamitische Somaliërs eerst nog volop mopperden dat er buiten het conferentieoord 'onreine' varkens liepen, kwam het toch tot een acceptabel vredesakkoord. In augustus had Somalië weer een parlement, een premier, Ali Mohammed Ghedi, en een president, Abdullah Yusuf Ahmed.

Het bleef echter een regering in ballingschap. Het Somalische parlement houdt zich op in het Nairobi Hotel 680. Ook in de lobby's van het Intercontinental en Regency wemelt het van de Somalische regeringsfunctionarissen.

Op 21 februari moet het gezelschap de Keniaanse hoofdstad verlaten hebben. Op die dag gaat de Somalische regering weer functioneren in Mogadishu, veertien jaar nadat dictator Siad Barre door rebellen werd verdreven.

Dat zal niet zonder slag of stoot gaan. Een gezelschap van dertig parlementariërs reist door Somalië om de terugkeer voor te bereiden. Zij kunnen met eigen ogen zien dat hun vaderland volledig is verwoest en dat een verblijf in Mogadishu gevaarlijk is. Zestigduizend militieleden maken de stad bijna onbewoonbaar. Woensdag overleed een Britse journaliste, nadat zij in het centrum van de stad in de rug was geschoten.

Een van die militieleden vertelde aan de BBC hoe hij leeft. Bashir Aden Ibrahim is veertien jaar gunman voor een van de krijgsheren. Hij verdient zijn geld bij een wegversperring. Bashir noemt zichzelf een 'zombie'; hij zou anders willen leven, maar heeft geen alternatief. Hij wil graag 'ontwapend' worden, maar alleen als dat gelijktijdig gebeurt met álle andere miliciens: 'Dan kunnen we weer vredig met elkaar leven.'

Zover is het nog lang niet. Bashir en zijn qat-kauwende kameraden staan nog met hun AK-47's op de kruispunten. De scholen en ziekenhuizen zijn vernield, op het vliegveld grazen kamelen, van het parlementsgebouw staan slechts enkele muren overeind.

Ook de natuur werkt niet mee. In het noorden, in het semi-autonome Puntland, is de laatste veertien jaar weliswaar minder gevochten, maar daar heeft de aanhoudende droogte de veestapel gedecimeerd. In oktober van 2004 raasde een orkaan over het land. In december trof de Aziatische tsunami ook de Somalische kust en gingen duizenden visserboten verloren.

In deze chaos moet Yusuf Ahmed gaan werken. De nieuwe president is een pragmaticus. Hij benoemde in zijn kabinet vertegenwoordigers uit de vier grootste clans, de Darod, de Hawiye, de Digil Mirifle en de Dir. In Mogadishu kan hij rekenen op de steun van krijgsheer Mohammed Qanyare Afrah, die sinds kort minister van Binnenlandse Zaken is. Hij beschikt over tweeduizend soldaten en beheert de enige bruikbare landingsbaan.

Gisteren vertelde premier Ghedi in Nairobi dat alleen al voor de terugkeer van de regering 78 miljoen dollar nodig is. Geld dat pas wordt overgemaakt als de intenties van de nieuwe regering écht integer zijn, zo verklaarde een woordvoerder van de VN: ' Abdullah Yusuf kan niet zeggen: ik ben de president, schrijf een cheque uit.'

De nieuwe president heeft ook gevraagd om twintigduizend vredessoldaten van de VN en de Afrikaanse Unie (AU). In 1993 verliet een internationale vredesmacht het land, nadat dode Amerikaanse soldaten door de hoofdstad waren gesleept.

Het verzoek zaait meteen al tweespalt binnen de nieuwe regering. Sommige krijgsheren willen liever geen Ethiopische soldaten van de AU op hun grondgebied. Met Ethiopië heeft Somalië een conflict over de grens door de Ogaden-woestijn. 'Een idioot idee', zegt Hoessein Aideed, krijgsheer én vice-premier. 'De aanwezigheid van vreemde soldaten zal álle Somaliërs verenigen.'

Meer over