Solide Turken maken einde aan Japanse droom

De weg van het Japanse elftal naar de WK-finale eindigde in de stromende regen van Miyagi, de stad waar Turkije zich met 1-0 te sterk toonde voor het gastland....

Er was voor de Japanners geen reden om te rouwen of ongelukkig te zijn. Na de wonderschone triomftocht door de poule slaagde de formatie van de Franse trainer Troussier er tegen Turkije geen moment in zijn aspiraties op nieuwe glorie waar te maken. De geestdrift, die het team lang zoveel extra kracht en charme had gegeven, kon de Turken niet verontrusten. Zij hielden, nadat ze al in de twaalfde minuut de leiding hadden genomen, voortdurend controle over de wedstrijd. Gevaarlijk werden zij evenmin en de 'stier van de Bosporus', zoals spits Hakan Sükür in eigen land wordt genoemd, lag als een schoothondje aan de voeten van zijn tegenstanders.

Japan kijkt terug op een geslaagd WK, de ploeg overleefde de poule met België, Rusland en Tunesië met glans en liet bij vlagen stijlvol voetbal zien. De Japanners toonden lef en inzet en hadden in Hidetoshi Nakata, Junichi Inamoto en Shinji Ono spelers met klasse én overzicht. Maar gisteren sneeuwde uitgerekend dit drietal onder in de onverzettelijkheid van Turkije. Feyenoorder Ono kwam nog veelvuldig aan de bal, maar zijn fluweelzachte trap eindigde te vaak in niemandsland.

Wat Japan op het hoogste niveau vooral mist is spel-raffinement. De acties zijn te voorspelbaar en vooral gebaseerd op werklust en snelheid. Ondanks de afwezigheid van de geschorste Emre Asik en Emre Belozoglu had Turkije wel een antwoord op de verzinsels van de gretige tegenstander, die de genaturaliseerde Braziliaan Alex Santos met de vrijheid van de dirigent achter de aanval had gezet.

IJver kon ook hem niet worden ontzegd en met een vrije trap op de paal (41ste minuut) was hij nog het dichtst bij een Japanse treffer, maar al met al slaagde ook hij er niet in de Turkse verdediging aan het wankelen te brengen.

Het vooruitzicht op een kwartfinaleplaats, met Senegal als tegenstander, bracht weinig leven tot stand voor beide doelen. Voor Turkije ontwikkelde de wedstrijd zich zoals het zich dat wenste. Met de slordigheid van een amateur schonk de Japanse verdediger Koji Nakata de Turken al na twaalf minuten een hoekschop. De hoog voor het doel gebrachte bal werd door Ümit Davala vlekkeloos ingekopt, doelman Narazaki realiseerde zich pas de ernst van die gebeurtenis nadat de bal al achter hem in het doel lag.

De Turkse treffer was een uitdaging aan het adres van het ingetogen spelende Japan, dat wel moest aanvallen om zijn WK-ambities in leven te houden. Maar in de poel van onrust en haast ontmaskerde Japan zichzelf als een lichtgewicht in het internationale topvoetbal. Verwonderlijk is dat uiteraard niet voor een land dat pas sinds tien jaar profvoetbal kent en zijn meest getalenteerde zonen alleen in de laatste seizoenen heeft kunnen exporteren naar de oogstrijpe Europese velden, waar tot dusver slechts Nakata (AS Parma) en Ono (Feyenoord) erin zijn geslaagd zich aan te sluiten bij het gilde van de grootsten.

Trainer Troussier probeerde meteen na rust de Japanse formatie nog wat nieuwe impulsen te verschaffen door twee nieuwe spelers in te zetten. Wat de ploeg ermee bereikte was dat het veldoverwicht toenam. Doelman Rüstü van Turkije hoefde zich echter nauwelijks in te spannen om de poort in het slot te houden. Spits Nishizawa kreeg nog een goede kopkans, maar hij vergiste zich in de vaart die hij de bal moest meegeven om keepers van dit kaliber werkelijk aan het schrikken te brengen. Dat was het stille einde van een mooie droom die Japan zal koesteren in de hoop en de verwachting van de fans dat het voetballand zich nu al definitief heeft gevoegd bij de wereld-elite.

Meer over