SOLIDAIR REGENJACK

Weerbestendige pakken die rugzak en slaapzak en tent in één zijn: Lucy Orta's mode is niet voor de catwalk. In haar ontwerpen toont ze zich begaan met het lot van haar medemens....

Door Anne van Driel

Voor de lezers van Dazed & Confused was het even slikken. De trendbewuste, Britse glossy schreef hen in het voorjaarsnummer van 1997 geen blote-naveltruitjes, open muiltjes of anderszins hippe kledingstukken voor waarmee je het in de zomer helemaal kon gaan maken. Dazed & Confused kwam met een modereportage van Lucy Orta (1966).

Verspreid over acht pagina's presenteerde de Engelse, in Parijs wonende ontwerpster haar provocatieve creaties. Geen zomerjurken, maar lichaamsverhullende pakken. Geen luchtige rokjes, maar outfits van waterafstotend materiaal. Poserend in de weinig flatteuze omgeving van desolate voorsteden en schimmige achterafsteegjes toonden fotomodellen kleding die het midden hield tussen een trappelzak en een Afghaanse burqa - met een dichtgenaaid voeteneinde en een nauwsluitende capuchon.

Wie de begeleidende tekst las (niet van een moderecensent, maar van de Franse cultuurfilosoof Paul Virilio), wist het zeker: dit is geen mode, dit is politiek.

'Men kleedt zich niet meer, men beschérmt zich' - met die constatering maakte Orta, opgeleid aan een modeacademie in Londen, abrupt een einde aan haar ontwerpen voor de catwalks. Sinds tien jaar wijdt ze zich onafgebroken aan het fabriceren van kleding die de misstanden in de wereld aan de kaak stelt. Creëert ze outfits die soelaas kunnen bieden bij vervreemding, ontworteling, en migratie. En maakt ze kleding die aanschurkt tegen de architectuur: haar poncho voor vluchtelingen is in een handomdraai uit te vouwen tot iglo; de weerbestendige pakken zijn rugzak én slaapzak én tent.

Dat engagement maakte haar een graag geziene gast op de Biënnale in Johannesburg (in 1997, georganiseerd door Documenta-directeur Okwui Enwezor), maar ook in het Fondation Cartier in Parijs. Alleen in Nederland bleef Orta relatief onbekend. Die achterstand maakt ze nu goed met een dubbele inhaalslag: met ingang van september wordt Orta het hoofd van 'Man and Humanity', een nieuwe opleiding aan de Design Academy in Eindhoven die ontwerpen van 'sociaal bewustzijn', 'integriteit' en 'menselijke waarden' beoogt. En tot oktober huist in het Haagse Stroom Orta's eerste solo-tentoonstelling in Nederland.

En Orta windt er geen doekjes om. In de ruimte van Stroom ligt her en der militair materieel verspreid - het legergroen van de drinkflessen, survival kits, jerrycans en een enorme zuurstoftank is overgespoten tot 'neutraal' grijs. Het is materiaal dat Orta in een workshop met architecten, musici, vormgevers en kunststudenten in de zomer een andere toepassing zal geven. Zoals ze zelf al een aantal militaire draagbaren transformeerde tot Urban Life Guards - fel gekleurde thermopakken die beschutting geven, niet alleen in erbarmelijke oorlogsgebieden maar evenzo goed tegen de kille onverschilligheid in de hedendaagse stad.

De militaire brancards zijn op de ruggen van de pakken bevestigd. Als wrang, bijkomend voordeel: wie iets overkomt, kan direct worden afgevoerd.

De werklozen, daklozen en gedetineerden, de mensen die de maatschappij volgens Orta liever niet onder ogen ziet - zij krijgen in haar werk een prominente plek, op de voorgrond. Voor hén zijn de duikpakken en astronautenkostuums in een niet te missen bonte kleuren en voorzien van een ingenieuze zakken en ritsen. Hoewel Orta ze vooral maakt vanwege hun symbolische waarde, niet om per se gedragen te worden, verfijnt ze de prototypen toch steeds met nog lichter, nog comfortabeler materiaal.

Haar betrokkenheid met de minderbedeelden voert verder dan symboliek alleen. Vanaf het begin van haar carrière maakt Orta haar kleding samen met de groepen voor wie het bestemd is. In New York trachtte ze de daklozen van het Leger des Heils uit hun sociale isolement te halen door hen van afdankertjes nieuwe kleding te laten naaien. Hun hippe stropdasjurken en handschoenbroeken werden door professionele modellen geshowd op een catwalk door de hele straat.

Tijdens de Johannesburg Biënnale voorzag ze de inwoners van de Usindiso Women's Shelter, een opvangtehuis voor zwarte, werkloze vrouwen die door de Apartheid geen opleiding hadden genoten, twee weken van betaald werk en scholing. Uit zelfgekozen stoffen, waaronder de ANC-vlag en portretten van Nelson Mandela, naaiden de vrouwen door Orta ontworpen broekpakken. Broekpakken die met een stoffen tunnel aan elkaar zijn verbonden, als teken van saamhorigheid.

In wisselende gedaantes, gemaakt door steeds andere groepen voert Orta haar pakken op. Ze worden gedragen op demonstraties, waar de aan elkaar geritste betogers een levend manifest worden, een poëtische vakbond voor medeleven en betrokkenheid. En ze hangen in Stroom, gedrieën aan een koordje, als een obligate schreeuw om solidariteit.

Orta's drie witte broekpakken laten hun armen werkeloos hangen. De vraag om solidariteit met de onderdrukten en de minder bedeelden levert de toeschouwer geen nieuwe zienswijzen op.

Verrassend genoeg lukt dat Orta beter met haar Nexus Architecture X, in de entre-sol van Stroom. Daar hangen dertig zilvergrijze regenjassen, door kunststof slurven aan heupen, buik en rug met elkaar verbonden. Kindermaatjes zijn het. En misschien wel juist daarom, doen ze onvermijdelijk denken aan een betoging van anti-globalisten - de armen aan elkaar vastgeklonken, en agerend tegen de sweatshops waar minderjarigen onder erbarmelijke omstandigheden kleding naaien met merkopdrukken, die hier, op de regenjasjes vervangen zijn door kreten als NEXUS, SHARE en COEUR.

In hun herhaling vormen die dertig jasjes een onverzettelijk en tegelijk kwetsbaar leger. De inwisselbaarheid van de uniformen maakt hen ongenaakbaar, en tezelfdertijd verliezen de gezichtloze demonstranten hun identiteit. Des te sterker stellen ze daarmee de vragen die in Orta's overige werk niet altijd naar de oppervlakte willen komen. Wanneer gaat een eenling op in zijn omgeving en wanneer beschermt hij zich daartegen? Wanneer kies je voor saamhorigheid, wanneer voor zelfbehoud?

Meer over