Soja noch vis helpt tegen drukte

Behandeling van ADHD met omega-3 en omega­6 vetzuren is zinloos, blijkt uit een nieuwe studie...

Door Malou van Hintum

De Belgische kinder- en jeugdpsychiaters Anne Aben (werkzaam in het Sophia Kinderziekenhuis te Rotterdam) en Marina Dankaerts (hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie aan de Universiteit Leuven) constateren in het Tijdschrift voor Psychiatrie van deze maand dat bij de behandeling van ADHD steeds vaker alternatieve behandelvormen worden gekozen, zoals voedingssupplementen. De redenering daarachter is dat essentiële vetzuren allerlei aspecten van de hersenontwikkeling beïnvloeden, en dat kinderen met ADHD mogelijk te weinig van deze omega-3- en -6-vetzuren hebben. Meerdere wetenschappelijke studies ondersteunen dat idee, maar andere kunnen het niet bevestigen.

Onduidelijkheid troef dus, en dat is altijd een mooie gelegenheid voor fabrikanten om een nieuw product te introduceren. Zo bracht Unilever enkele jaren geleden Blue Band Idee! op de markt onder het motto: ‘Ook je hersenen hebben honger’. Het bedrijf claimde dat deze halvarine dankzij haar omega-3-vetzuren de mentale ontwikkeling van kinderen zou ondersteunen – wat de fabrikant later moest terugnemen.

‘We zien dat er firma’s zijn die zulke voedingssupplementen op de markt brengen omdat ze zouden helpen bij aandachts- en concentratiestoornissen’, zegt Anne Aben. Onterecht om dit zo ongenuanceerd te stellen, vindt ze.

Aben zette samen met collega Dankaerts een aantal via Medline gevonden, gerandomiseerde, gecontroleerde onderzoeken op een rijtje, en concludeert nu dat er voorlopig geen goede redenen zijn om kinderen met ADHD dergelijke voedingssupplementen te geven. Voorzover er al enig effect te zien is, geldt dat voor kinderen die wel last hebben van hyperactiviteit, aandachts- en concentratieproblemen, maar die niet de officiële diagnose ADHD hebben. Daar komt bij dat in sommige van die onderzoeken de ouders wel verbetering zien, maar de leerkrachten niet.

Alleen recent Zweeds onderzoek laat voor twee specifieke subtypen van ADHD-kinderen een positief effect zien. Het gaat dan om kinderen van het ‘onoplettendheidstype’ en om kinderen die ook last hebben van lees- en schrijfproblemen, dyspraxie, leerproblemen en autistiforme symptomen.

Is de conclusie: baat het niet, dan schaadt het niet? ‘Nee!’, zegt Aben. ‘We weten niet precies wat er in de capsules zit, in welke concentratie, en wat de eventuele bijwerkingen bij kinderen en jongeren zijn.’ Niet bijslikken dus. Maar op je voeding letten is prima. Aben: ‘Er is niets op tegen om via natuurlijk voedsel als noten, zonnebloemolie, soja en vis meer vetzuren binnen te krijgen. Tegen ouders die vertellen dat ze, in plaats van één keer, drie of vier keer per week vis eten, zeg ik: doe maar.’

Of het ook effect heeft, betwijfelt ze. Aben gelooft niet erg in een verband tussen voeding en gedragsstoornissen. ‘Er is veel controverse over in ons vakgebied: heeft bepaalde voeding, zoals suiker, invloed op gedragsveranderingen bij kinderen en jongeren? Hoe dan ook geldt dat maar voor een zeer, zeer klein percentage. Meestal spelen heel andere factoren een rol.’

Meer over