'Socialisme of de dood' blijft devies van Castro's partij

De communistische partij van Cuba stond afgelopen weekeinde voor de ongemakkelijke keuze de blik op de toekomst te richten of terug te gaan in de tijd....

NYT, AFP, AP, Reuters

HAVANA

Sinds het vorige partijcongres in 1991 zijn er in Cuba uit pure noodzaak economische hervormingen doorgevoerd. Buitenlandse investeerders zijn van harte welkom om Cubaanse staatsondernemingen de helpende hand te bieden.

Cubanen mogen sinds 1991 op beperkte schaal een privé-bedrijfje opzetten. De dollar is gelegaliseerd als een valuta, parallel opererend naast de peso.

Het partijcongres van afgelopen weekeinde stemde met al die maatregelen in, maar durfde geen nieuwe initiatieven aan om de economie verder te liberaliseren en de controle van de staat te verminderen.

Sinds Fidel Castro eind 1995 China bezocht, heeft hij regelmatig laten blijken vol lof te zijn over de resultaten van China's economische hervormingen. Het Chinese partijcongres besloot vorige maand staatsbedrijven te gaan privatiseren.

Tijdens de slotzitting van het partijcongres in Havana benadrukte Castro daar fel tegen te zijn. Hij verzekerde ook dat werknemers die hun baan verliezen als staatsbedrijven worden gestroomlijnd, geen eigen bedrijfje mogen opzetten.

'Wij gaan geen miljonairs en enorme ongelijkheden creëren', zei Castro. 'Wij strijden niet om individuele miljonairs te creëren, maar om iedereen miljonair te maken.'

Op een persconferentie voor het partijcongres begon werd al verzekerd dat Cuba het voorbeeld van China niet zou volgen. 'De omstandigheden zijn totaal verschillend', zei Lazo Cardenas, partijsecretaris in Havana en lid van het politbureau. 'De Chinezen hebben een economie die zijn wortels op het platteland heeft. Bovendien is de Chinese economie vele malen groter, zodat de Chinezen meer ruimte hebben voor experimenten.'

Lazo Cardenas vroeg zich ook af hoe Cuba de gezondheidszorg, het onderwijs en de sociale voorzieningen gratis kan houden als staatsbedrijven worden geprivatiseerd. 'Wij financieren die voorzieningen met de winst die staatsondernemingen maken. Hoewel sommige experimenten het overwegen waard zijn, staan het embargo en de Amerikaanse pogingen ons te verdrinken geëxperimenteer op dit moment niet toe.' Het partijcongres besloot wel de efficiëntie in staatsbedrijven te vergroten en waar mogelijk te bezuinigen.

Vice-president Lage maakte op het congres bekend dat de economische groei dit jaar achterblijft bij de verwachtingen. De groei was begroot op tussen de 4 en 5 procent, maar zal blijven steken op 'een beetje meer dan 2,1 procent'. In 1996 groeide de Cubaanse economie nog met 7,8 procent. Lage weet de daling aan de tegenvallende suikeroogst, het slechte weer en de verscherping van het Amerikaanse embargo.

Niet alleen op economisch terrein, ook op het politieke vlak betrachtte het partijcongres uiterste terughoudendheid. Uit het politbureau werden acht leden verwijderd, maar de ideologische samenstelling van het belangrijkse politieke overlegorgaan bleef volgens waarnemers grotendeels gelijk.

Het politbureau raakte enkele oudstrijders kwijt, de zogeheten historicos, met wie Fidel Castro in 1959 aan de macht kwam. Vice-president Carlos Rafael Rodriguez (84) en oudgediende Osmany Cienfuegos werden aan de kant gezet.

Ook minister van Suiker Nelson Torres en Jorge Lezcano verloren hun zetel in het politbureau. Torres moest het veld ruimen wegens de tegenvallende opbrengst van de suikeroogst van vorig jaar. Lezcano was partijsecretaris in Havana toen daar in 1994 de bootvluchtelingencrisis uitbrak.

De nieuwe leden zijn hoofdzakelijk partijbureaucraten. Volgens diplomaten in Havana hebben zij hun promotie louter aan Fidel Castro te danken en zullen zij zich derhalve meer als 'volgers' van de comandante en jefe dan als 'vernieuwers' gedragen.

De 71-jarige Fidel Castro benadrukte tijdens de debatten dat zijn jongere broer Raúl zijn beoogde opvolger blijft. Raúl Castro (66) is minister van Defensie en nummer twee in de hiërarchie. 'De aanwezigheid van Raúl is geruststellend en geeft ons continuïteit', aldus Fidel Castro.

De enige verrassing was de verkleining van het Centraal Comité. Raúl Castro lichtte de inkrimping (van 225 naar 150 leden) toe door erop te wijzen dat het lidmaatschap van het Centraal Comité 'gebaseerd moet zijn op vaardigheden'.

De beoogde opvolger van Fidel sprak ook zijn bezorgdheid uit over de politieke zuiverheid. 'We moeten een Centraal Comité kiezen dat de revolutie immuun zal houden voor ideologische virussen.' Raúl Castro zei daarmee te willen voorkomen dat 'wat eind jaren tachtig in de Sovjet-Unie en Oost-Europa gebeurde, ook in Cuba gebeurt'.

Meer over