NieuwsRoemenië

Sociaal-democraten winnen, maar niet eerder gingen zo weinig Roemenen naar de stembus

Bij de laagste opkomst sinds de eerste vrije verkiezingen in 1990 wisten de Roemeense sociaal-democraten met vijf procent verschil een verkiezingswinst te boeken. Maar ze komen waarschijnlijk niet in de regering.

Op het hoofdkwartier van de regerende PNL-partij is men druk met de exitpolls. Beeld AP
Op het hoofdkwartier van de regerende PNL-partij is men druk met de exitpolls.Beeld AP

De opkomst bij de Roemeense parlementsverkiezingen op zondag was historisch laag. Slechts eenderde van de stemgerechtigde Roemenen ging naar de stembus. De sociaaldemocratische PSD, die afgelopen jaar in de oppositiebanken zat, spon daar garen bij. Met bijna 30 procent van de stemmen komt zij als grootste partij uit de bus. 

De andere grote politieke partij in Roemenië, de liberale PNL van zittend premier Ludovic Orban, liep lange tijd voor in de peilingen maar eindigde als tweede met ongeveer 25 procent van de stemmen. De nieuwe centrumrechtse alliantie USR-Plus komt met 16 procent als derde binnen.

Maandagavond kondigde premier Orban aan op te stappen vanwege de tegenvallende resultaten voor de liberalen. Hoewel de sociaal-democraten de grootste partij zijn geworden, is het onwaarschijnlijk dat zij een opvolger zullen aanleveren. Zowel de PNL als USR-Plus hebben regeringsdeelname met de PSD uitgesloten. President Klaus Iohannis, zelf afkomstig van de PNL, bezwoer al eerder dat de PSD tijdens zijn termijn als president (2019-2024) niet zal terugkeren in de regering. Maandagavond hintte hij in een statement opnieuw op het uitsluiten van de PSD bij de regeringsvorming.

De bal ligt nu bij Iohannis, die maandagavond een van de partijen zal vragen een regering samen te stellen. Andere partijen die in het parlement kwamen zijn de UDMR (6 procent), die de Hongaarse minderheid vertegenwoordigt, en de rechts-nationalistische partij AUR (9 procent). Een centrumrechtse coalitie die samen een meerderheid vormt ligt voor de hand, maar wie aan het roer gaat staan is onduidelijk. De opvolger van Orban wacht een lastige taak. Er ligt een moeizame formatie in het verschiet en bovendien moet de nieuwe premier het land door de coronacrisis loodsen. Dacian Ciolos, co-voorzitter van USR-Plus, kondigde aan dat hij daar eventueel toe bereid zou zijn.

Zegetocht

De twee jaar durende electorale zegetocht van de PNL is nu voorbij. De liberalen boekten sinds 2019 succes bij de presidentsverkiezingen, Europese verkiezingen en lokale verkiezingen. Hun anticorruptie-agenda speelde daarbij een belangrijke rol. De PNL verwachtte dat de trend zich zou doorzetten bij de parlementsverkiezingen, maar dit blijkt niet het geval. 

Een tegenvaller voor de PNL, die hoopte de opmerkelijke verhoudingen in de Roemeense politiek te herstellen. Na de val van de PSD-regering in oktober 2019 nam een PNL-regering onder leiding van Orban het stokje over. In het parlement bleef de PSD echter de grootste partij en zag daar haar kans om het beleid van de regering bij te sturen of soms ronduit te frustreren.

Zo kwam de PSD in het geweer tegen de controversiële maatregel om de binnenmarkten in het land te sluiten vanwege het coronavirus. Dat ontstemde veel Roemeense boeren. Ongeveer tachtig procent van uit Roemenië afkomstig groente en fruit wordt op zulke markten verkocht. Het Roemeense platteland is van oudsher een bastion van de PSD en van groot electoraal belang in een land waar veertig procent van de inwoners buiten de steden woont. De PNL nam afgelopen jaar meer impopulaire maatregelen om het coronavirus in te dammen, met beperkt effect. Dat heeft de partij, die begin dit jaar nog hoog in de peilingen stond, stemmen gekost.

Coronavirus

Het coronavirus verklaart deels de lage opkomst dit jaar. Tegen het Roemeense tijdschrift DOR zei een verkiezingswaarnemer dat mensen evengoed bang waren voor het virus als om in een Roemeens ziekenhuis te belanden. De kwaliteit van de zorg in het land is bijzonder slecht. 

Daarnaast noemde de waarnemer een algehele verkiezingsmoeheid als mogelijke reden: de afgelopen 18 maanden gingen Roemenen vier keer naar de stembus. Veel beloftes aan kiezers zijn (nog) niet waargemaakt. Het opkomstpercentage bij de Roemeense verkiezingen is overigens al jaren dalende: in 2016 ging amper veertig procent stemmen. Alleen het aantal stemmers in de Roemeense diaspora nam toe.

Even leek het erop dat de Roemenen in het buitenland, die dit jaar met 265 duizend stemmen dubbel zo sterk waren vertegenwoordigd als bij de verkiezingen in 2016, de doorslag zouden geven bij de nek-aan-nekrace tussen de PSD en de PNL. Steun voor de PSD is onder de diaspora traditioneel laag. Maar het bleek onvoldoende voor de centrumrechtse partijen PNL en USR-Plus. 

Overigens is het resultaat alsnog een aderlating voor de PSD. Bij de vorige verkiezingen in 2016 haalden ze bijna 46 procent van de stemmen. Maar door een reeks corruptieschandalen en controversiële wetgeving lijken ze bij veel Roemenen hun krediet te hebben verspeeld.

In de aanloop naar de verkiezingen was de steun voor de liberale PNL-regering al tanende, onder meer door een weinig populair besluit om de binnenmarkten te sluiten vanwege het coronavirus. Op de beroemde Obormarkt in Boekarest kon je het wantrouwen in de politiek voelen.

Door het coronavirus bleven er meer Roemenen thuis tijdens de verkiezingen. De angst om in een Roemeens ziekenhuis te belanden is groot. Politici beloven al langer beterschap als het om de slechte zorg in het land gaat. Ze zouden eens aan de lange termijn moeten denken, vindt deze Roemeense arts.

Tijdens de lokale verkiezingen in september dit jaar gooiden de liberalen nog hoge ogen bij de kiezers, vooral door zich hard te maken tegen corruptie.

Meer over