Snuffeltijd

De proeftijd overleeft al bijna een eeuw alle herzieningen van het arbeidsrecht. Nog steeds bestaat er voor werknemer en werkgever de mogelijkheid elkaar maximaal twee maanden te besnuffelen....

Het is wel snuffelen tussen herdershond en teckel, want tijdens de proeftijd is het alleen de werknemer die nagenoeg rechteloos is. Het ontbreken van de ontslagbescherming is de reden dat vele arbeidsrechtsgeleerden de proeftijd een onding vinden.

Juist omdat de werknemer in de proeftijd van de ene op de andere dag ontslagen kan worden, ontwikkelde de Hoge Raad de 'ijzeren proeftijd'-theorie, die erop neerkomt dat aan de wettelijk toegestane termijn van de proeftijd strikt de hand moet worden gehouden. Inmiddels lijkt het ijzer niet meer wat het was; de vakliteratuur spreekt van roestplekken en loden randen.

De corrosie begon in 1995. Mijnheer Den Haan trad op 15 oktober in dienst bij Box Fashion: proeftijd tot 15 december. Op 10 december liet de directeur aan een aantal collega's weten dat hij Den Haan op 14 december wilde spreken om hem te ontslaan.

Hij verzocht de collega's deze tijding aan Den Haan over te brengen. Den Haan kwam de 14de niet opdagen, waarop de directeur hem pas op 16 december kon ontslaan. Te laat, aldus de Hoge Raad. Het was volgens de Hoge Raad wel te verwachten dat Den Haan zijn kop niet vrijwillig in de aangekondigde strop zou steken. De werkgever had maar op tijd een briefje moeten schrijven.

De Hoge Raad gaf aan dat dat niet altijd zo zou hoeven zijn, want 'onder omstandigheden kan een beroep op de strikte toepassing van de termijn in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid'. Sindsdien knabbelen de lagere rechters verder. Een werkgever kreeg genoeg van een in de proeftijd al vaak zieke werknemer. Ook op de laatste dagen van de proeftijd was de werknemer ziek en telefonisch onbereikbaar. De werkgever zegde de werknemer een dag na het verstrijken van de proeftijd per brief de wacht aan.

De kantonrechter in Middelburg vond dat de werknemer zich niet als goed werknemer had gedragen door ieder (telefonisch) contact onmogelijk te maken. Een beroep op de ijzeren proeftijd kwam hem daarom niet toe.

De rechtbank in Utrecht ten slotte, maakte van ijzer boterzacht fondant. Zij vond dat een opzegging die twee dagen na het verstrijken van de proeftijd inging, door de beugel kon en overwoog dat de werkgever had bedoeld op te zeggen tegen het einde van de proeftijd.

De proeftijd is een onding en kan, roestig, naar de sloop.

Meer over