Snelweggebouw wordt theater

Een leegstaand deel van The Wall, het lange gebouw aan de snelweg bij Utrecht, wordt theater. Het Nieuw Utrechts Toneel slaat er tijdelijk zijn kamp op. 'Hier zie je de file ontstaan.'

LEIDSCHE RIJN - Het publiek ziet hier tijdens de voorstelling de avondspits ontstaan, en later de zon ondergaan. De tribune voor zijn nieuwe voorstelling staat precies voor het enorme raam dat het puntje van The Wall vormt, het langgerekte, rode complex aan de A2 bij Leidsche Rijn. Het pand zou een hotel worden, maar staat al vijf jaar leeg. Nu is het de locatie voor de toneelvoorstelling Weg, bedacht en vanaf 5 juni gespeeld door theatermakers Greg Nottrot en Daniël van Klaveren van het Nieuw Utrechts Toneel (NUT).

Weg gaat over de angst voor het vreemde. In wat een hotel had moeten worden, fantaseren Nottrot en Van Klaveren als twee piccolo's over de gasten die hadden kunnen komen. Nottrot: 'We zochten een locatie met uitzicht op de snelweg. Dat past goed bij het thema van het onbekende. Toen we hier binnenkwamen, vonden we het meteen een te gekke ruimte. De praktische bezwaren stopten we weg.'

In de liftschachten hangen geen liften, op de muren is het grijze plamuur nog te zien, in het trappenhuis ruikt het naar cement, er was nog geen elektriciteit en water. Nottrot: 'Toen we belden naar de beheerder van deze locatie, zeiden ze: 'Kom maar kijken, maar het gaat je nooit lukken om hier een voorstelling te houden. Als het je lukt, vinden we het goed'.'

Toen de beheerder hoorde dat de theatermakers de vergunningen hadden geregeld, reageerden ze verbaasd, vertelt Nottrot lachend. 'En ze hadden ons de ruimte beloofd, dus ze konden niet meer terug.'

De mannen van het NUT hebben vaker op locatie gespeeld. Eerder speelden ze Geluk op het dak van de A2 in Leidsche Rijn en Bingo in de Kalvertoren in Amsterdam. Weg speelt zich af in het puntje van The Wall, ter hoogte van het bovenste parkeerdek. Elektriciteit komt van nood-aggregaten, een slang pompt water door de liftschachten omhoog.

De voorstelling zal al bij de entree beginnen. Nottrot: 'Daar ontvangen we de gasten in onze rol van piccolo's in het hotel dat er nooit is gekomen. Ze zijn vergeten ons te ontslaan. We fantaseren in het stuk over de vreemdeling, de gasten die we hadden kunnen verwelkomen.' Van Klaveren: 'En die gasten spelen we vervolgens in losse scènes.' Nottrot: 'Het gaat over onze eigen angst voor het onbekende.'

Het snelweggebouw heeft veel invloed gehad op de voorstelling: 'De piccolo's werden van randpersonages hoofdpersonen. En we merkten toen we hier voor het eerst rondliepen dat het hotel een continue metafoor is.'

De akoestiek van dit geïmproviseerde toneel was niet fantastisch. De ruimte is zo'n twintig meter hoog. De oplossing: wollen dekens die aan de galerij hangen. Van Klaveren: 'Het geeft de sfeer van een tentenkamp.'

Na de voorstelling dineren de gasten met de theatermakers aan een 25 meter lange tafel. Als laatste, terwijl buiten de zon ondergaat, volgt een 'after dinner dip concert', zoals Nottrot het noemt. Dan kan het publiek op veldbedden luisteren naar een singer songwriter en verhaaltjes van Nottrot en Van Klaveren. 'En dan tegen elven moeten ze de deur uit, want dan eindigt de dienst van de bewaking.'

Het mag dan veel gedoe zijn geweest om te kunnen spelen op deze locatie, voor Nottrot was het het waard: 'Elke keer denk ik: 'Ik moet het niet meer doen, dat locatietheater.' Maar na al die inspanning is het resultaat zo bijzonder. De ruimte doet zoveel extra voor ons verhaal. Je kan wel in een theater gaan staan en zeggen dat je in een leegstaand hotel bent, maar hier ervaar je het pas echt.'

undefined

Meer over