Snelle violist laat Tsjakovski als nieuw klinken

Muziek


Leonidas Kavakos


Publiek houdt de adem in.

Amsterdam - Diepe fronsrimpels bij de bezoekers van het Koninklijk Concertgebouworkest. Dirigent Antonio Pappano, naar wie reikhalzend was uitgezien, moest door een schouderblessure worden vervangen door de onbekende Karel Mark Chichon. De rimpels verdwenen op slag bij de inzet van de ouverture tot Verdi's opera La forza del destino: gewaagde tempowisselingen, een fijne karakterisering van de onheilsnoten van de strijkers, rake zanglijnen in klarinet en hobo. Deze man wist van wanten.


Chichon, geboren in 1971 in Londen, heeft inderdaad al een flink aantal opera's op zijn naam Hij was te zien in Verona, bij het Bolsjoi Theater, de Wiener Staatsoper en de Deutsche Oper Berlin. Tegenwoordig is hij chef van het Nationaal Symfonieorkest van Letland.


Met de Tweede symfonie van de Rus Alexander Borodin liet hij horen dat hij met het orkest al bij deze eerste ontmoeting innig contact heeft. Om de schoonheid in de compositie tot bloei te laten komen, moet je flink investeren. In snel repeterende blazersnootjes bijvoorbeeld, die amper opvallen als ze zo zacht en spatgelijk gespeeld worden als bij het Concertgebouworkest, maar die het stuk anders doen vastlopen in geknars.


Voor de Griekse violist Leonidas Kavakos staat publiek overal ter wereld graag in de rij. Had hij nog iets nieuws te melden over een grijs gespeeld werk als het Vioolconcert van Tsjaikovski? Met een goudeerlijke toon en een goed gedoseerde lik boter op de snaren klonk het stuk als nieuw. Het snelle slotdeel werd in Kavakos' handen nog sneller. Chichon haakte in met een ritmische drive waar je de adem bij inhield.


Het publiek kreeg als toegift de Allemande uit de Vierde solosonate van Ysaÿe om na te genieten van een violist waar je geen genoeg van kunt krijgen.


Meer over