Smartengeld komt na dertig jaar

Na bijna dertig jaar gaat de staat New York een schadevergoeding betalen voor het harde optreden van de politie bij het neerslaan van een oproer in de gevangenis van Attica....

De opstand brak uit op 9 september 1971. Uit protest tegen de slechte omstandigheden en de overbevolking in de gevangenis namen de gevangenen een aantal bewaarders in gijzeling en bezetten het complex.

De politie wist later een groot deel van de gevangenis weer in handen te krijgen, maar de muitende gevangenen trokken zich met hun gijzelaars terug op het sportveld. De gevangenen eisten beter eten, medische verzorging en het recht kranten van de radicale Black Panther-beweging te lezen.

Maar het grootste probleem was dat ze een amnestie voor alle deelnemers aan de gevangenisopstand en het vertrek van de gehate gevangenisdirecteur eisten.

Na vier dagen van vruchteloze onderhandelingen gaf de toenmalige gouverneur van de staat New York, Nelson Rockefeller, de politie opdracht met geweld een einde aan het oproer te maken.

De politie zette zwaar materieel in bij de bestorming van de gevangenis en schoot vanuit helikopters op de bijna 1300 actievoerders. Liefst 29 gevangenen en tien van hun gijzelaars kwamen in de regen van kogels om. Nog eens negentig gevangenen raakten ernstig gewond. 'Het leek wel prijsschieten', zei een openbaar aanklager later over het politie-optreden.

Nadat ze de opstand hadden neergeslagen, namen politie-agenten en gevangenisbewaarders wraak op de deelnemers aan de opstand. Velen van hen werden afgetuigd en gewonden werd medische behandeling onthouden.

Vier jaar later diende een groep advocaten namens de gevangenen een schadeclaim bij de autoriteiten in. De gevangenen eisten aanvankelijk ruim een miljard dollar smartengeld, maar na 25 jaar ziet het ernaar uit dat ze genoegen zullen nemen met acht miljoen dollar.

Het is ironisch dat de advocaten er verreweg het best van worden: zij strijken vier miljoen dollar op.

Meer over